Juda (stam)

Van $1

    Inhoudsopgave
    1. 1. Bronnen
    2. 2. Voetnoten

    De stam Juda zijn de afstammelingen van Juda, de zoon van Jacob. Christus stamt uit deze stam. "Het is overduidelijk dat onze Heer uit Juda gesproten is." (Hebr. 7:14).

    Jacob zegende zijn zoon Juda en noemde hem een 'jonge leeuw'. 

    Ge 49:9 Juda is een leeuwenwelp; van [je] prooi ben je opgestaan, mijn zoon. Hij heeft zich gekromd, zich als een leeuw neergelegd, als een leeuwin; wie zal hem doen opstaan?
    Ge 49:10 De scepter zal van Juda niet wijken en evenmin de heersersstaf van tussen zijn voeten, totdat Silo komt, en Hem zullen de volken gehoorzamen.
    (HSV)

    De leeuw werd het symbool van de stam Judah. 

    Bij de Sinaï komt de stam Juda aan het hoofd van het leger voor, zij gaan aan de spits, Num. 2 : 3-9; deze stam had het grootste aantal strijdbare mannen, Num. 1 : 27, 26 : 22. 

    Mozes zegende aan het eind van zijn leven de stam van Juda aldus:

    De 33:1 Dit nu is de zegen waarmee Mozes, de man Gods, de Israëlieten gezegend heeft, vóór zijn dood. 
    De 33:7 Dit betreft Juda; hij zei: Luister, HEERE, naar de stem van Juda! Breng hem terug bij zijn volk, laten zijn handen [sterk] genoeg voor hem zijn, en wees [hem] een hulp tegen zijn tegenstanders! 
    (HSV)

    Juda is de eerste der stammen, die op goddelijke aanwijzing tegen de Kanaänieten optrekt, Richt. 1 : 2; ook later wordt hij in die bevoorrechte positie bevestigd, Rich. 20: 18.

    Stammen_van_Israel (1).jpg

    Kaart[1]: ligging van de stam Juda
    (Klik op de kaart om in te zoomen)

    't Sterkst treedt Juda op de voorgrond, als David tot koning wordt gezalfd.

    Vanaf Sauls dood stond Juda als zelfstandig koninkrijk met de hoofdstad Hebron gedurende 71/2 jaar als "het huis van David" tegenover "het huis van Saul", 2 Sam. 3 :1,8; daarna wordt Sion in de stam Juda het middelpunt van het rijk, de koninklijke residentie.

    Gedurende de 73-jarige regering van David en Salomo om het gehele volk wordt menigmaal Juda naast Israël of jozef het ene hoofdbestanddeel der natie genoemd, 2 Sam. 11 : 11, 19: 19, 24 : 1, 9, 1 Kron. 2 : 1 v., 1 Kon. 1 : 35, 4: 24, 25.

    Uit de stam Juda is de Messias gesproten, overeenkomstig voorzeggingen in het Oude Testament

    Ge 49:10 De scepter zal van Juda niet wijken en evenmin de heersersstaf van tussen zijn voeten, totdat Silo komt, en Hem zullen de volken gehoorzamen.(HSV)

    Mic 5:2 (5-1) En gij, Bethlehem Efratha! zijt gij klein om te wezen onder de duizenden van Juda? Uit u zal Mij voortkomen, Die een Heerser zal zijn in Israël, en Wiens uitgangen zijn van ouds, van de dagen der eeuwigheid. (SV)

    De Heer Jezus wordt genoemd 'de leeuw van Juda' (Opb. 5:5), die overwonnen heeft. 

    Opb 5:5 En een van de oudsten zei tot mij: Ween niet, zie, de leeuw uit de stam van Juda, de wortel van David, heeft overwonnen om het boek en zijn zeven zegels te openen.(TELOS)

    Bronnen

    Voor de eerste versie van dit lemma is gebruik gemaakt van tekst uit Christelijke Encyclopaedie voor het Nederlandsche Volk s.v. Juda. Kampen: Kok, 1925.

    Voetnoten

    1. ↑ Kaart ontleend van Zaine Ridling (red.), Bible Atlas. Access Foundation. De gebruiksvergunning is: attribution, non-commercial. 



     
     

    Labels: (Bewerk labels)
    • Geen labels
     
    Reacties (0)
    U moet inloggen om een reactie te geven.

     
    Powered by MindTouch Core
    Verrijk Christipedia door informatie toe te voegen.
    Help mee de tekst te verbeteren. Zie Meedoen.