Malchus

Van $1

    Inhoudsopgave
    1. 1. Voetnoot

    Malchus was een slaaf van de hogepriester wiens rechteroor Petrus afhieuw bij de arrestatie van Jezus in de hof van Gethsémané.

    De naam in de Griekse brontekst van het Nieuwe Testament is Μαλχος, Malchos, de Griekse vorm van de Hebreeuwse eigennaam Malchus, afgeleid van melech = koning. Malchus betekent dan ook ‘koning’ of ‘koninkrijk’[1]. Het Strongnummer is 3124. De naam komt alleen voor in Joh. 18:1.

    Een bloedverwant van Malchus was eveneens slaaf van de hogepriester en nam evenals Malchus deel aan de gevangenneming van Jezus in de tuin van Gethsémané. 

    Joh 18:26 Een van de slaven van de hogepriester, een bloedverwant van hem wie Petrus het oor had afgeslagen, zei: Heb ik u niet in de tuin met Hem gezien? (TELOS)

    De hogepriester Kajafas had de Joden aangeraden dat Jezus moest sterven.

    Joh 11:49 Maar een van hen, Kajafas, die in dat jaar hogepriester was, zei tot hen:
    Joh 11:50 U weet niets, en u bedenkt niet, dat het nuttiger voor ons is dat een mens sterft voor het volk en niet de hele natie verloren gaat.
    Joh 18:14 Kajafas nu was degene die de Joden had aangeraden, dat het nuttig was dat een mens voor het volk stierf.
    (TELOS)

    Malchus behoorde tot de troep die de verrader Judas Iskariot meenam om Jezus over te leveren.

    Joh 18:3 Judas dan nam de legerafdeling en de dienaars van de overpriesters en de farizeeen mee en kwam daar met lantarens, fakkels en wapens. (TELOS)

    Petrus wilde zijn Meester beschermen, trok zijn zwaard en trof Malchus.

    Joh 18:10 Simon Petrus dan, die een zwaard had, trok het en trof de slaaf van de hogepriester en sloeg zijn rechteroor af. De naam van de slaaf nu was Malchus. 
    Joh 18:26 ... van hem wie Petrus het oor had afgeslagen, ...  (TELOS)

    Lucas vermeldt het voorval eveneens.

    Lu 22:49 Toen nu zij die om Hem heen waren, zagen wat er zou gebeuren, zeiden zij: Heer, zullen wij met het zwaard slaan?
    Lu 22:50 En een van hen trof de slaaf van de hogepriester en sloeg zijn rechteroor af.
    Lu 22:51 Jezus echter antwoordde en zei: Laat het hierbij. En Hij raakte zijn oor aan en maakte hem gezond.
    (TELOS)

    Het verslag van de arts Lucas vermeldt het wonderdadige herstel van Malchus’ oor door de Heiland. Johannes, wiens verslag een aanvulling op de bestaande evangeliën is, vermeldt de naam van de discipel die met het zwaard sloeg en de naam van de getroffen slaaf.

    De Heer Jezus was niet alleen vriendelijk jegens Judas, maar ook weldoend aan de gewonde slaaf die samen met anderen hem gevangen nam. De slaaf van de hogepriester ontmoette de ware Hogepriester, die een volmaakt offer kwam brengen. De man wiens naam 'koning' betekent, maar in de maatschappelijke stand van een slaaf verkeerde, ontving een weldaad van de Koning der koningen, die echter "Zichzelf ontledigd heeft, de gestalte van een slaaf aannemend, de mensen gelijk wordend. En uiterlijk als een mens bevonden heeft Hij Zichzelf vernederd, gehoorzaam wordend tot de dood, ja, tot de kruisdood." (Filp. 2:7-8) 

    Voetnoot

    1. ↑ Grieks-Nederlands Lexicon, onderdeel van de Online Bible, een uitgave van Importantia.

    Labels: (Bewerk labels)
    • Geen labels
     
    Reacties (0)
    U moet inloggen om een reactie te geven.

     
    Powered by MindTouch Core
    Verrijk Christipedia door informatie toe te voegen.
    Help mee de tekst te verbeteren. Zie Meedoen.