Satan

Van $1

    Inhoudsopgave
    1. 1. Voetnoten

    Satan is een in de zonde gevallen engel die een aartsvijand van God is en een menigte van gevallen engelen aanvoert. Het Hebreeuwse woord ‘satan’ betekent ‘tegenstander’, ‘aanklager’ ('beschuldiger'). 

    De satan wordt in de Bijbel door verschillende namen aangeduid. Hij wordt ook 'de duivel' genoemd, een vertaling van het Griekse woord ‘diabolos’, dat betekent ‘door elkaar werper’, ‘verwarring stichter’. Andere namen voor hem zijn de verzoeker (Matth. 4:3), Belial (= ‘wetteloze’, ‘die geen juk verdraagt’); Beëlzebul (= Baäl-zebub[3], afgod van de Filistijnse stad Ekron).

    De satan zondigt van het begin af. 

    1Jo 3:8 Wie de zonde doet, is uit de duivel, want de duivel zondigt van het begin af. Hiertoe is de Zoon van God geopenbaard, opdat Hij de werken van de duivel zou verbreken.
    (TELOS)

    De zondigheid van de satan openbaart zich in leugenachtigheid en mensenhaat. Hij trad voor het eerst in de Bijbel op als een verzoeker, leugenaar en mensenhater. Hij verleidde Eva tot zonde en op de zonde volgde als straf van Godswege de dood. 

    Joh 8:44 U bent uit uw vader, de duivel, en wilt de begeerten van uw vader doen; die was een mensenmoordenaar van het begin af en staat niet in de waarheid, omdat geen waarheid in hem is. Wanneer hij de leugen spreekt, spreekt hij uit het zijne, omdat hij een leugenaar is en de vader ervan.
    (TELOS)

    Deze gevallen engel heeft uit boosaardige vijandschap slechts één hatelijke hartstocht: God en Zijn volk kwaad doen[1] (zie Job 1) en vernielen al wat God doet[2]. Hij heeft er een hels genoegen in om alle orde van God in wanorde te verkeren, bijvoorbeeld de verhouding man-vrouw in het huwelijk.

    Satan wordt 'de verzoeker’ genoemd. Zo openbaarde hij zich aan Eva. Hij trachtte Jezus tijdens de verzoeking in de woestijn tot drie maal toe te verleiden om een misstap te doen. Hij haakt in op de behoefte van mensen en wijst op verkeerde middelen om in de behoefte te voorzien. Bij Jezus haakte de verzoeker in op behoefte aan voedsel. Toen Jezus honger had, kwam de verzoeker:  

    Mt 4:3 En de verzoeker kwam en zei tot Hem: Als U Gods Zoon bent, zeg dan dat deze stenen broden moeten worden.
    Mt 4:4 Hij antwoordde echter en zei: Er staat geschreven’: Niet van brood alleen zal de mens leven, maar van alle woord dat door de mond van God uitgaat’.

    (TELOS)

    In de toekomst wordt hij uit de hemel op aarde geworpen. De Heer Jezus zag de satan als een bliksem uit de hemel vallen.  

    Lu 10:18 Hij nu zei tot hen: Ik zag de satan als een bliksem uit de hemel vallen.
    (TELOS)

    Satan zal dan verwoed rondgaan, omdat hij weet dat zijn heerschappij ten einde loopt.

    Openbaring 12:12 Wee degenen die de aarde en de zee bewonen, want de duivel is tot u afgekomen, en heeft grote toorn, wetende, dat hij een kleine (korte) tijd heeft.

    Bij de overweldigend heerlijke verschijning van Jezus Christus in de wereld wordt de satan opgepakt en duizend jaar in bewaring gesteld. Daarna wordt hij weer losgelaten. Na zijn loslating verleidt hij een groot deel van de mensheid tot opstand tegen God. Daarna wordt satan in de hel geworpen. 

    Aan de terechtstelling van satan hebben de heiligen deel: 

    Ro 16:20 De God nu van de vrede zal de satan spoedig onder uw voeten verpletteren. De genade van onze Heer Jezus Christus zij met u!
    (TELOS)

    Voetnoten

    1. ↑ I Petrus 5:8 "Wees nuchter, waak; want uw tegenpartij, de duivel, gaat rond als een briesende leeuw, zoekende, wie hij zou mogen (kunnen) verslinden."

    2. ↑ Mattheüs 13:25 & 38-39 "Toen de mensen sliepen, kwam zijn vijand, en zaaide onkruid midden in de tarwe, en ging weg." & "De akker is de wereld; en het goede zaad, zijn de kinderen van het Koninkrijk; en het onkruid zijn de kinderen van de boze; en de vijand die het gezaaid heeft, is de duivel; en de oogst is de voleinding der wereld; en de maaiers zijn de engelen."

    3. ↑ II Koningen 1:2 En Ahazia viel door een tralie in zijn opperzaal, die te Samaria was, en werd ziek. En hij zond boden en zei tot hen: “Ga heen, vraag Baal-zebub(a), de god van Ekron, of ik van deze ziekte zal genezen.” Misschien is ‘Baäl-zebub’ een spottende verdraaiing van ‘Baäl-zebul’. ‘Baäl-zebul’ betekent: heer van de Woning (=hemel). ‘Baäl-zebub’ betekent: heer van de vliegen (de vliegengod).

    Labels: (Bewerk labels)
    • Geen labels
     
    Reacties (0)
    U moet inloggen om een reactie te geven.

     
    Powered by MindTouch Core
    Verrijk Christipedia door informatie toe te voegen.
    Help mee de tekst te verbeteren. Zie Meedoen.