Zefanja (bijbelboek)

Van $1

    Zefanja is een klein profetisch boek in de Bijbel, dat spreekt van de grote Dag van Jhwh, een dag van oordeel en benauwdheid voor Israel en de volken, maar tevens spreekt van hun herstel. Het woord van God kwam tot Zefanja in de 2e helft van de 7e eeuw v.Chr.

    Inhoud:


    Naam

    De naam Zefanja wordt in het Nederlands ook gespeld Sefanja. In de Griekse en Latijnse Bijbelvertaling wordt het geschrift genaamd: Sophonias; Engels: Zephaniah; Duits: Zephanja.

    Zefanja betekent "Jhwh verbergt" of “Jhwh beschut”[1]. Van verberging of bescherming is ook sprake in het boek van de profeet:

    Sef 2:3 Zoekt den HEERE, alle gij zachtmoedigen des lands, die Zijn recht werken! Zoekt gerechtigheid, zoekt zachtmoedigheid, misschien zult gij verborgen worden in den dag van den toorn des HEEREN. (SV)

    Zefanja_james_tissot.jpgNadat de HEER in hun midden is gekomen, zal Zijn volk veilig zijn.

    Sef 3:15 De HEERE heeft uw oordelen weggenomen, Hij heeft uw vijand weggevaagd; de Koning Israels, de HEERE, is in het midden van u, gij zult geen kwaad meer zien. (SV)

    Persoon

    Zefanja was vermoedelijk een achter-achterkleinzoon van de vrome Judese koning Hizkia.

    Sef 1:1  Het woord des HEEREN, hetwelk geschied is tot Zefanja, den zoon van Cuschi, den zoon van Gedalja, den zoon van Amarja, den zoon van Hizkia; in de dagen van Josia, den zoon van Amon, den koning van Juda. (SV)

    De profeet, die van koninklijken bloede is, kondigt het oordeel aan over de kinderen van de koning:

    Sef 1:8 En het zal geschieden in den dag van het slachtoffer des HEEREN, dat Ik bezoeking zal doen over de vorsten, en over de kinderen des konings, en over allen, die zich kleden met vreemde kleding. (SV)

    Maar hij spreekt ook over de ware Koning van Israel, Jwhw Zelf, die in Jeruzalem zal regeren.

    Sef 3:15 De HEERE heeft uw oordelen weggenomen, Hij heeft uw vijand weggevaagd; de Koning Israels, de HEERE, is in het midden van u, gij zult geen kwaad meer zien. (SV)

    Immanuel (‘God is met ons’), onze Heer Jezus Christus, zal onder hen zijn.

    Tijd

    Het woord van de HEER geschiedde tot de profeet in de dagen van Josia (640-609), koning van Juda, vóór de verwoesting van Ninevé door de Babyloniërs in 612.

    Sef 1:1  Het woord des HEEREN, hetwelk geschied is tot Zefanja, den zoon van Cuschi, den zoon van Gedalja, den zoon van Amarja, den zoon van Hizkia; in de dagen van Josia, den zoon van Amon, den koning van Juda.

    Sommigen nemen aan dat Zefanja profeteerde vóór de hervormingen van Josía, dus in de periode 640-621; anderen dat hij na de reformatie van zich liet horen.

    Zefanja was een oudere tijdgenoot van de profeet Jeremia. Volgens Moll profeteerde hij bij het begin van het optreden van onder de regering van Josia en steunde de door de koning begonnen hervorming. Dit deed hij door het oordeel van God over de zonden van Juda aan te kondigen, het op te roepen tot berouwen bekering en de gelovigen te vertroosten met Gods beloften.

    De hervorming door Josia heeft het volk niet wezenlijk veranderd. De ondergang van stad en tempel waren aanstaande en zouden geschiedden op de grote dag van de HEER. Een overblijfsel zou behouden worden. 

    Inhoud

    De profetie bevat een bedreiging tegen de inwoners van het land Israel (inz. Juda) en tegen de vijandige volken. De grote (oordeels)dag van de HEER wordt aangekondigd. Een gelovig overblijfsel uit Zijn volk wordt vermaand Hem te verwachten. Op de oordelen volgt de bekering van Israël en de volken en breekt een heilstijd voor hen aan. De HEER is dan Koning te Jeruzalem.

    Het boek Zefanja bestaat uit 3 hoofdstukken. 

    Zef. 1 bevat een strafrede tegen de Joden wegens van hun afgoderij en ongerechtigheid. De dag van de Jhwh.

    1:1 Voorwoord: de profeet
    1:2-6 Voorzegging van de lediging van het land
    1:7-18 Aankondiging van de dag des HEEREN

    Zef. 2 bevat een oproep tot berouw en beschrijft de oordelen over omringende volkeren

    2:1-3 Gods volk wordt vermaand, met het oog op de dag des HEEREN; oproep tot berouw.
    2:4-15 
    de oordelen over de Filistijnen, de Moabieten, de Ammonieten, de Moren (Ethiopiërs) en Assur.

    2:4-7 Oordeel over de Filistijnen
    2:8-11 Oordeel over Moab
    2:11 Oordeel over al de goden der aarde
    2:12 Oordeel over Koesj
    2:13-15 Oordeel over Assur

    Zef. 3 richt het oog van het gelovige overblijfsel op de verlossing en de voorspoed onder de zegenrijke regering van de Messias. 

    3:1-7 Weeklacht over Jeruzalem
    3:8-10 Straf en bekering der heidense volken
    3:11-13 Bekering van Israel (overblijfsel)
    3:14-20 Heil voor Jeruzalem en de Joden

    "Dan zal de Here in het midden van hen zijn en Hij zal zwijgen in zijn liefde." (Zef. 3:17) 

    I .Snoek geeft deze indeling[2]:
    1:1-18 Aankondiging van het gericht des Heren, 
    2:1-3:8 Waarschuwing en vermaning
    3:9-20 Heilsbelofte.
     

    Meer informatie

    Johannes de Heer, Beschouwingen over het boek Zefanja.

    Bronnen

    H. Moll, Wat zegt Gods Woord over ...?, deel 3 (Oostburg: W.J Pieters, z.j.), blz. 79. Tekst hiervan is, onder toestemming, op 21 juli 2014 verwerkt.

    De afbeelding (publiek domein) is van een schilderij van James Tissot (1836-1902) en berust op verbeelding: we weten niet hoe Zefanja er werkelijk uitgezien heeft.

    Voetnoten

    1. ↑ H. Moll, Wat zegt Gods Woord over ...?, deel 3 (Oostburg: W.J Pieters, z.j.), blz. 79, duidt de betekenis 'Wachtter - wie de Here behoed heeft". 

    2. ↑ I. Snoek, Leerboek voor de bijbelse geschiedenis. Den Haag: J.N. Voorhoeve, zonder jaar, 14e druk. 

    Labels: (Bewerk labels)
    • Geen labels
    BestandGrootteDatumToegevoegd door 
     Zefanja_james_tissot.jpg
    Publiek domein
    36.7 kB13:22, 1 aug 2009Kees LangeveldActies
    Reacties (0)
    U moet inloggen om een reactie te geven.

     
    Powered by MindTouch Core
    Verrijk Christipedia door informatie toe te voegen.
    Help mee de tekst te verbeteren. Zie Meedoen.