2 Thessalonicenzen/Hoofdstuk 1

Uit Christipedia
< 2 Thessalonicenzen
Versie door Kees Langeveld (overleg | bijdragen) op 24 nov 2021 om 12:39 (→‎2 Thess. 1:8)
(wijz) ← Oudere versie | Huidige versie (wijz) | Nieuwere versie → (wijz)
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Bijbelboeken: GeExLeDeJozRiRu1Sa2Sa1Ko2Ko1Kr2KrEzrNeEstJobPsSpPrHglJesJerKlaEzeDaHosJoëAmObJonMiNaHabZefHagZaMalMtMrLkJhHnRm1Ko2KoGlEfFpCol1Th2Th1Tm2TmTitFmHbJk1Pe2Pe1Jh2Jh3JhJdOpb

2 Thessalonicenzen:


Hoofdstuk 1 wordt hieronder samengevat en/of een of meer passages worden becommentarieerd.

2 Thess. 1:1

2Th 1:1 Paulus, Silvanus en Timotheus aan de gemeente van de Thessalonikers in God onze Vader en de Heer Jezus Christus: (TELOS)

Silvanus. Is een andere naam van Silas, het is de Latijnse vorm, zie Silvanus.

2 Thess. 1:2

2Th 1:2 genade zij u en vrede van God onze Vader en van de Heer Jezus Christus. (TELOS)

Genade hadden zij in het bijzonder nodig om stand te houden onder de verdrukking (vers 4 "al uw vervolgingen en verdrukkingen"'; vers 7 "u die verdrukt wordt").

Vrede zullen zij in de toekomst ontvangen in de vorm van rust bij de openbaring van de Heer Jezus van de hemel (vers 7).

2 Thess. 1:3

2Th 1:3 Wij behoren God altijd te danken voor u, broeders, zoals het betaamt, omdat uw geloof zich zeer vermeerdert en de liefde van ieder van u allen tot elkaar toeneemt, (TELOS)

Geloof ... liefde. Paulus spreekt van hun geloof en liefde, hij noemt nu niet hun hoop. Dat deed hij wel in het begin van zijn eerste brief aan hen:

1Th 1:3 onophoudelijk gedachtig aan uw werk van het geloof en uw arbeid van de liefde en uw volharding van de hoop op onze Heer Jezus Christus, tegenover onze God en Vader, (TELOS)

Liet hij opzettelijk na hun hoop te noemen? Zo ja, deed hij dat wegens hun misvatting aangaande de dag van Jahweh? We weten de antwoorden niet.

Uw geloof. Paulus roemde elders over hun geloof (vers 4).

De liefde ... toeneemt. In zijn eerste brief aan hen sprak Paulus de wens uit dat zij zouden toenemen in onderlinge liefde.

1Th 3:12  Maar u moge de Heer doen toenemen en overvloedig zijn in de liefde tot elkaar en tot allen, zoals ook wij tot u; (Telos)

2 Thess. 1:4

2Th 1:4  zodat wij zelf in u roemen in de gemeenten van God over uw volharding en geloof onder al uw vervolgingen en verdrukkingen die u verdraagt: (Telos)

Verdrukkingen. Ze hadden het woord van God ook onder veel verdrukking aangenomen.

1Th 1:6  En u bent navolgers geworden van ons en van de Heer, nadat u het woord aangenomen hebt onder veel verdrukking, met blijdschap van de Heilige Geest, (Telos)

2Th 1:6  daar het rechtvaardig is bij God, aan hen die u verdrukken, verdrukking te vergelden, (Telos)

2 Thess. 1:5

2Th 1:5  een bewijs van het rechtvaardig oordeel van God, dat u het koninkrijk van God waard geacht wordt, waarvoor u ook lijdt; (TELOS)

Bewijs. Zie Filp. 1:28.

Koninkrijk van God. God heeft hen geroepen tot Zijn Koninkrijk en heerlijkheid.

1Th 2:12  en betuigden dat u zou wandelen God waardig, die u roept tot zijn eigen koninkrijk en heerlijkheid. (Telos)

Waard geacht wordt. Vergelijk vers 11: "Dat onze God u de roeping waard acht".

U ook lijdt. Door "al uw vervolgingen en verdrukkingen" (vers 4)

2 Thess. 1:6

2Th 1:6 daar het rechtvaardig is bij God, aan hen die u verdrukken, verdrukking te vergelden, (TELOS)

Verdrukking te vergelden. Toepassing van Gods rechtsbeginsel van wedervergelding.

2 Thess. 1:7

2Th 1:7 en aan u die verdrukt wordt, rust met ons bij de openbaring van de Heer Jezus van de hemel met de engelen van zijn kracht, (TELOS)

Met ons. Ook Paulus werd verdrukt.

1Th 3:7  Daarom, broeders, zijn wij in al onze nood en verdrukking over u vertroost door uw geloof; (Telos)

De openbaring van de Heer Jezus van de hemel. Het is één gebeurtenis ("de openbaring"), die gevolgen heeft voor de gelovigen en voor de ongelovigen. Andere Schriftpassages geven grond om aan te nemen dat deze ene gebeurtenis in twee fasen plaatsvindt: 1) de opname van de gelovigen, die de Heer vervolgens ontmoeten in de lucht (1 Thess. 4); 2) de verschijning van de Heer in de wereld, waarbij zijn voeten zullen staan op de Olijfberg.

In zijn eerste brief spreekt Paulus van de 'dag van [de] Heer' die behoudenis brengt voor de gelovigen en toorn voor de ongelovigen (1 Thess. 5). Vergelijk de behoudenis van Lot en de ondergang van Sodom.

Met de engelen. De Heer, als Hij de gelovigen tot zich neemt, daalt neer met de stem van een aartsengel (1 Thess. 4: 16), en als hij geopenbaard wordt in de wereld, zijn de engelen met hem.

Van zijn kracht. Vergelijk met 'sterkte' in 2Th 1:9 "Zij zullen als straf lijden het eeuwig verderf, verwijderd van het aangezicht van de Heer en van de heerlijkheid van zijn sterkte" (TELOS)

2 Thess. 1:8

2Th 1:8 in vlammend vuur, als Hij wraak brengt over hen die God niet kennen en over hen die het evangelie van onze Heer Jezus niet gehoorzamen. (TELOS)

In vlammend vuur. Jes. 66:15; Ps. 103:1.

Als Hij Wraak brengt. Zie Jes. 61:2: het jaar van Gods welbehagen tegenover een dag van Zijn wraak. Wij leven thans in het jaar van Gods welbehagen.

Over hen die ... en over hen die. De heidenen kennen God niet, zoals de Joden Hem kennen. Veel Joden, die God kennen (uit de Schriften), gehoorzaamden het evangelie niet.
Ps 79:6 Stort Uw grimmigheid uit over de heidenen, die U niet kennen, en over de koninkrijken, die Uw Naam niet aanroepen. (SV)
Het evangelie van onze Heer Jezus niet gehoorzamen.

1Pe 4:17  Want het is nu de tijd dat het oordeel begint bij het huis van God; als het echter eerst bij ons begint, wat zal het einde zijn van hen die het evangelie van God niet gehoorzamen? (Telos)

2 Thess. 1:9

2Th 1:9 Zij zullen als straf lijden het eeuwig verderf, [verwijderd] van het aangezicht van de Heer en van de heerlijkheid van zijn sterkte, (TELOS)

Het eeuwig verderf. Is de toestand die in de hel geleden wordt. Deze toestand is blijvend, eeuwig.

Van het aangezicht van de Heer. De TELOS-vertaling voegt toe "verwijderd", want dat schijnt de gedachte van Paulus te zijn. De hel is een plaats van Godverlatenheid.

De heerlijkheid van zijn sterkte. De sterkte van de Heer is een aspect van zijn heerlijkheid. Hij komt "met engelen van zijn kracht" (vers 7). Zelfs de adem van zijn mond heeft kracht (vgl. 2:8).

2 Thess. 1:10

2Th 1:10 wanneer Hij komt om op die dag verheerlijkt te worden in zijn heiligen en bewonderd te worden in allen die hebben geloofd; want ons getuigenis aan u is geloofd geworden. (TELOS)

Verheerlijkt te worden in zijn heiligen. Hij wordt verheerlijkt in zijn heiligen, dat zijn de gelovigen, niet de heilige engelen, waarmee hij ook komt, "met engelen van zijn kracht, in vlammend vuur" (1:7). "Zijn sterkte" is een aspect van zijn heerlijkheid (1:9).

Bewonderd te worden in allen die hebben geloofd. Christus heeft dan volkomen gestalte in hen gekregen.

Ga 4:19  mijn kinderen, van wie ik opnieuw in barensweeën ben, totdat Christus gestalte in u krijgt. (Telos)

Is geloofd geworden. Paulus dankt God voor hun geloof en roemt over hun geloof (verzen 3-4).

Ons getuigenis. Dat spreekt van ervaring. Dat de Heer is opgestaan, heeft zelfs Paulus ervaren, die na Jezus' hemelvaart tot geloof kwam.

2 Thess. 1:11

2Th 1:11 Daarom bidden wij ook altijd voor u, dat onze God u de roeping waard acht en alle welbehagen van [zijn] goedheid en [het] werk van [het] geloof in kracht vervult, (TELOS)

De roeping.

1Th 2:12  en betuigden dat u zou wandelen God waardig, die u roept tot zijn eigen koninkrijk en heerlijkheid. (Telos)

Waard acht. Vergelijk vers 5: "dat u het koninkrijk van God waard geacht wordt".

Werk van geloof.

1Th 1:3  onophoudelijk gedachtig aan uw werk van het geloof en uw arbeid van de liefde en uw volharding van de hoop op onze Heer Jezus Christus, tegenover onze God en Vader, (Telos)

2Th 2:16  En moge onze Heer Jezus Christus Zelf, en God onze Vader die ons heeft liefgehad en ons eeuwige vertroosting en goede hoop door genade heeft gegeven, 2Th 2:17  uw harten vertroostten en u versterken in alle goed werk en woord. (Telos)

In kracht vervult. Om dat werk te voleindigen hebben wij Gods kracht nodig, ja, het is God Zelf die het in en door ons voleindigt.

Flp 2:13  want het is God die in u werkt, zowel het willen als het werken, om zijn welbehagen. (Telos)

2 Thess. 1:12

2Th 1:12 opdat de naam van onze Heer Jezus verheerlijkt wordt in u en u in Hem, naar de genade van onze God en van de Heer Jezus Christus. (TELOS)

Opdat de naam van onze Heer Jezus verheerlijkt wordt in u.

2Th 1:10 wanneer Hij komt om op die dag verheerlijkt te worden in zijn heiligen en bewonderd te worden in allen die hebben geloofd; want ons getuigenis aan u is geloofd geworden. (TELOS)

Verheerlijkt wordt ... u in Hem.

1Th 2:12  en betuigden dat u zou wandelen God waardig, die u roept tot zijn eigen koninkrijk en heerlijkheid. (Telos)

Naar de genade van onze God en van de Heer Jezus Christus. Twee persoonlijke bronnen van genade. We hebben genade nodig om in de verdrukking stand te houden en ook om onze roeping op aarde - vruchtdragen voor Hem - te verwerkelijken. God wordt verheerlijkt wanneer wij vruchten voorbrengen (Joh. 15).