Hoop

Hopen is, met zekere mate van vertrouwen, iets goeds verwachten[1]. Hoop richt zich op hetgeen nog niet gezien wordt. 'Wij hopen op wat wij niet zien' (Rom. 8:25).

Rom. 8:24 ... Een hoop nu die men ziet, is geen hoop; want wie hoopt er op wat hij ziet? Ro 8:25 Maar als wij hopen op wat wij niet zien, dan verwachten wij het met volharding. (TELOS)

In de Schrift komt het woord 'hoop' in twee betekenissen voor:

  1. een verwachting van iets waarvan de verwerkelijking onzeker is
  2. een verwachting van iets waarvan de verwerkelijking vast staat.

In het gewone spraakgebruik heeft het woord 'hoop' vrijwel altijd de eerste betekenis. In de Bijbel, inzonderheid het Nieuwe Testament, en ook in de godsdienstige taal, wordt het woord 'hoop' meestal in de tweede betekenis gebezigd.

Een voorbeeld van de eerste betekenis is te vinden in Hand.27:20, waar Lukas schrijft dat alle 'hoop' op behoudenis de schepelingen werd benomen:

Hnd 27:20 Toen er nu vele dagen geen zon en geen sterren waren te zien en de niet geringe storm aanhield, werd alle hoop dat wij behouden zouden worden, ons verder benomen. Hnd 27:21 En nadat men lange tijd zonder eten was geweest, ging Paulus in hun midden staan en zei: Mannen, men had naar mij moeten luisteren en niet van Kreta wegvaren en dit ongemak en deze schade moeten voorkomen. Hnd 27:22 En nu dring ik er bij u op aan goede moed te houden; want er zal van u geen enkel leven verloren gaan, alleen het schip. Hnd 27:23 Want vannacht stond bij mij een engel van de God van Wie ik ben, die ik ook dien, Hnd 27:24 en hij zei: Wees niet bang, Paulus, u moet voor de keizer verschijnen; en zie, God heeft u allen geschonken die met u varen. Hnd 27:25 Houdt daarom goede moed, mannen, want ik geloof God, dat het zo zal gaan als tot mij is gesproken. Hnd 27:26 Wij moeten echter op een of ander eiland stranden. (TELOS)

Merk op dat de onzekere verwachting plaats maakte voor een zekere verwachting. De ene soort hoop week voor de andere, onzekerheid week voor zekerheid. Hoop in de tweede opgegeven betekenis vinden wij bijvoorbeeld in de volgende Bijbelpassage:

Hnd 28:20 Om die reden dan heb ik u bij mij geroepen om u te zien en toe te spreken; want vanwege de hoop van Israël heb ik deze keten om. (TELOS)

Goede hoop

Een Christgelovige heeft een goede hoop.

2Th 2:16  En moge onze Heer Jezus Christus Zelf, en God onze Vader die ons heeft liefgehad en ons eeuwige vertroosting en goede hoop door genade heeft gegeven, (Telos)

Wat houdt deze goede hoop in? Onder meer, dat de dood niet het einde van ons bestaan is, de doden zullen worden opgewekt.

1Pe 1:3 Gezegend zij de God en Vader van onze Heer Jezus Christus, die naar zijn grote barmhartigheid ons heeft wedergeboren doen worden tot een levende hoop door de opstanding van Jezus Christus uit de doden, (Telos)

Wij zijn behouden geworden in de hoop dat ook ons lichaam verlost zal worden en vernieuwd wordt tot onsterfelijkheid en heerlijkheid.

Ro 8:22 Want wij weten, dat de hele schepping tezamen zucht en tezamen in barensnood is tot nu toe. Ro 8:23 En dat niet alleen, maar ook wijzelf, die de eerstelingen van de Geest hebben, ook wijzelf zuchten bij onszelf in de verwachting van het zoonschap: de verlossing van ons lichaam. Ro 8:24 Want wij zijn behouden geworden in de hoop. Een hoop nu die men ziet, is geen hoop; want wie hoopt er op wat hij ziet? Ro 8:25 Maar als wij hopen op wat wij niet zien, dan verwachten wij het met volharding. (TELOS)

De christelijke hoop is reden tot blijdschap.

Ro 12:12 Verblijdt u in de hoop; weest geduldig in de verdrukking; volhardt in het gebed. (TELOS)

De God van de hoop

God de Vader wordt genoemd 'de God van de hoop'.

Ro 15:13  Moge nu de God van de hoop u vervullen met alle blijdschap en vrede in het geloven, opdat u overvloedig bent in de hoop, door de kracht van de Heilige Geest. (Telos)

Hij zal onze hoop verwerkelijken. Daarom moet ons geloof en hoop op Hem zijn.

1Pe 1:21  die door Hem gelooft in God, die Hem heeft opgewekt uit de doden en Hem heerlijkheid gegeven heeft, opdat uw geloof en hoop op God zijn. (Telos)

Christus Jezus, onze hoop

De Heer Jezus zal wat wij hopen verwerkelijken. Bovendien is Hij één met de dingen die wij hopen. Zo hopen wij op een eeuwig gelukkig leven; Hij is het Leven ("Ik ben ... het leven").

1Ti 1:1  Paulus, apostel van Christus Jezus naar het bevel van God, onze Heiland, en van Christus Jezus, onze hoop, (Telos)

De profeet Jesaja voorzegde dat de volken op Hem zullen hopen.

Ro 15:12  En verder zegt Jesaja: ‘Er zal zijn de wortel van Isaï, en Hij die opstaat om over de volken te heersen; op Hem zullen de volken hopen’. (Telos)

Christus is 'de hoop van de heerlijkheid'.

Col 1:27  Aan hen heeft God willen bekend maken welke de rijkdom is van de heerlijkheid van deze verborgenheid onder de volken, welke is Christus in u, de hoop van de heerlijkheid. (Telos)

Hij zal ons de eeuwige heerlijkheid bezorgen. Hij geeft ons deel aan Zijn heerlijkheid.

Het volgende lied zegt dat Jezus onze hoop, vrede en vreugde is.


My Only Hope Is You. Youtube.com: Temidara Adeleke, 12 juni 2017. Duur: 2 min. 6 sec. Tekst: Keith Lancaster. Koor: The Acapella Company.

Voetnoot