Kidron

Kidron (ook gespeld Kedron; Eng. Cedron) was de naam van een beek ten oosten van de stad Jeruzalem. Het beekdal wordt Kidrondal genoemd.

Sinds de 4de eeuw wordt het bovendeel van het dal Kidron met de naam van "Dal van Josafat" aangeduid. Het dal bij Jeruzalem wordt echter in de Bijbel en bij Flavius Josephus altijd naar de beek Kidron of Kedron genoemd. Het Kidrondal wordt ook wel tranendal genoemd, naar de vele begraafplaatsen aldaar, waaronder de graven van Absalom, Josafat en Zacharia (zie kaart).

De beek Kidron liep tussen de stad en de Olijberg en stond het grootste deel van het jaar droog.

Kaart: loop van de Kidron ten oosten van Jeruzalem

Op de laatste avond van zijn leven op aarde verliet onze Heiland de stad en stak de beek over op weg naar de tuin Gethsemane, waar hij gevangengenomen zou worden.

Joh 18:1  Nadat Jezus dit gezegd had, ging Hij uit met zijn discipelen over de beek Kedron, waar een tuin was die Hij met zijn discipelen inging. (TELOS)

Jer 31:40 Heel het dal met de dode lichamen en de as en al de velden tot aan de beek Kidron, tot aan de hoek van de Paardenpoort naar het oosten toe, zal een heiligheid voor de HEERE zijn. Voor eeuwig zal er niets meer worden weggerukt of afgebroken. (HSV)