Zippora

Zippora of Sippora was de vrouw van Mozes, de dochter van de Midianiet Jethro, moeder van Gersom en Eliëzer.

De Hebreeuwse naam is צפרה, Tsipporah. In het Hebreeuws ligt de klemtoon op de laatste lettergreep: Zippora. De eigennaam betekent "Vogel"[1]. De naam komt 3x voor het Oude Testament en wel in het boek Exodus: Ex. 2:21; 4:25 en 18:2. Het Strongnummer is H6855.

Zij werd de vrouw van Mozes, nadat hij haar en haar zussen verlost had van herders die hen en hun kudden bij de waterput wegjoegen. Zij getuigden tegenover hun vader:

Ex 2:19  Toen zeiden zij: Een Egyptisch man heeft ons verlost uit de hand der herderen; en hij heeft ook overvloedig voor ons geput, en de kudde gedrenkt. (Telos)

Mozes verloste hen, doch deed meer dan dat: hij verrichtte ook arbeid voor hen. Dat doet denken aan de Heer Jezus, die méér doet dan ons verlossen. Hij onderhoudt ons, voedt en drenkt ons, leidt zijn kudde en bereidt ons een heerlijke plaats in de huis van de Vader. Mozes kreeg een bruid uit de heidenen (Midianieten). De bruid van Christus bestaat voornamelijk uit gelovigen uit de heidenen. De vrouw van Mozes heette Vogel. De bruid van Christus zal hem eens, gelijk een vogel, "tegemoet gaan in de lucht".

1Th 4:17  daarna zullen wij, de levenden die overblijven, samen met hen in wolken worden opgenomen de Heer tegemoet in de lucht; en zo zullen wij altijd met de Heer zijn. (Telos)

Bron

P.J. Gouda Quint, Woordenboek des Bijbels, inzonderheid ten gebruike bij de Statenvertaling. Haarlem: De erven F. Bohn, 1866. Tekst van het lemma 'Zippora' is op 16 maart 2021 onder wijziging verwerkt.

Voetnoot

  1. Hebreeuws-Nederlands Lexicon; op basis van Strong-coderingen. Onderdeel van de Online Bible, een uitgave van Importantia. Het is gebaseerd op het Engelstalige Online Bible Hebrew-Englisch Lexicon van Larry Pierce.