Baäl-Peor of Báal-Peor was een Moabitische en Midianitische afgod, Baäl, die op de berg Peor vereerd werd.

Het Hebreeuwse woord betekent "heer van de bres". Een bres is een opening. Het strongnummer is H1187. De naam komt 6x voor in de Bijbel. In het Engels: Baalpeor.

Israëls afgoderij met Baäl-Peor.

De berg Peor was aan de Moabitisch-Midianitische afgod gewijd. Of de berg zijn naam had van de god Baäl-Peor of dat naam aan de berg ontleend was, is niet met zekerheid te zeggen.

De verering van Baäl te Peor ging waarschijnlijk gepaard met ontuchtige rituelen. Peor was de plaats waar de Israëlieten - door de raad van Bileam aan de Moabitische koning Balak - zich bezondigden aan de verering van die plaatselijke Baäl (Num. 25:3, 5, 18; Deut. 4:3; Joz. 22:17; Ps. 106:28).
Ps 106:28 Ook koppelden zij zich aan Baäl-Peor, zij aten de offers voor de doden. (HSV)
Nu 25:3  Als nu Israël zich koppelde aan Baäl-peor, ontstak de toorn des HEEREN tegen Israël. (SV)

Bron

Hebreeuws-Nederlands Lexicon, onderdeel van de Online Bible, een uitgave van Importantia.