Openbaring van Johannes/Hoofdstuk 9

Uit Christipedia
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Bijbelboeken: GeExLeDeJozRiRu1Sa2Sa1Ko2Ko1Kr2KrEzrNeEstJobPsSpPrHglJesJerKlaEzeDaHosJoëAmObJonMiNaHabZefHagZaMalMtMrLkJhHnRm1Ko2KoGlEfFpCol1Th2Th1Tm2TmTitFmHbJk1Pe2Pe1Jh2Jh3JhJdOpb

Openbaring van Johannes:


Hoofdstuk 9 wordt hieronder samengevat en/of een of meer passages worden becommentarieerd.

Samenvatting

Opb. 9:1-11 5e bazuin = 1e wee (9:12). Hemelse ster (engel van de afgrond? 9:11) valt. Ze opent de put van de afgrond. Rook uit de put verduistert de zon en de lucht. Sprinkhanen uit de put, onder aanvoering van de engel van de afgrond, pijnigen de mensen gedurende 5 maanden. Verzegelden worden gespaard. De dood vlucht van hen die dood willen. Opb. 9:13-21 6e bazuin = 2e wee. Vier losgelaten engelen (demonen) doden het 3e deel van de mensen, door een ruiterschare van 200 miljoen die 3 plagen (vuur, rook en zwavel) veroorzaken. Overlevende mensen blijken onbekeerlijk.

Opb. 9:1-11. 5e bazuin = 1e wee

Opb. 9:1. Sleutel van de put van de afgrond

Opb 9:1  En de vijfde engel bazuinde, en ik zag een ster, uit de hemel op de aarde gevallen, en haar werd de sleutel van de put van de afgrond gegeven. (TELOS)

Ster. De ster ontvangt een sleutel om de put van de afgrond te openen. Dat wijst op een redelijk wezen. Zij is uit de hemel op de aarde gevallen, hetgeen wijst op een gevallen wezen. We mogen dus denken, niet aan een fysiek hemellichaam dat de aarde treft, maar aan een engel van Satan of aan de satan zelf.

De Heer Jezus zag de satan als een bliksem uit de hemel vallen.
Lu 10:18 Hij nu zei tot hen: Ik zag de satan als een bliksem uit de hemel vallen. (TELOS)
Een bliksem heeft echter een andere gedaante dan een vallende ster.

Opb. 9:1. Rook uit de geopende put

Opb 9:2 En zij opende de put van de afgrond en er steeg rook op uit de put als rook van een grote oven; en de zon en de lucht werden verduisterd door de rook van de put. (TELOS)

Rook. Rook is een teken van brand. De put is een plaats waar brand is. De rijke man in de geschiedenis van Lazarus leed smart in een vlam, Luc. 16:24. Hij verlangde water om zijn tong te verkoelen, Luc. 16:24. De hel zet de tong in vlam, Jak. 3:6. Vuur spreekt van een verterende straf. De put schijnt een gevangenis te zijn, waar gestrafte wezens opgesloten zijn en smart lijden.

De zon en de lucht verduisterd. Johannes ziet een natuurlijke gebeurtenis, die een figuurlijke betekenis heeft. De rook maakt de wereld donkerder. De zon is een zinnebeeld van God. Het licht der wereld wordt verduisterd. De atmosfeer van de put kan doordringen in de wereld.

Opb. 9:3. Sprinkhanen

Opb 9:3 En uit de rook kwamen sprinkhanen voort op de aarde en hun werd macht gegeven zoals de schorpioenen van de aarde macht hebben. (TELOS)

Sprinkhanen. Een sprinkhanenplaag is een van de tien plagen die Egypte eertijds troffen.

Sprinkhanen zijn er in grote diversiteit. Dit is een Rocky Mountain sprinkhaan.
Zoals de schorpioenen van de aarde macht hebben. De schorpioenen kunnen pijnlijke steken toebrengen. De pijniging die de sprinkhanen kunnen aanbrengen is "als de pijniging van een schorpioen" (vers 5).
Opb 9:5 En hun werd gegeven dat zij hen niet zouden doden, maar dat zij hen vijf maanden zouden pijnigen; en hun pijniging was als de pijniging van een schorpioen wanneer hij een mens steekt. (TELOS)

Opb. 9:4. Beperking van hun macht

Opb 9:4 En hun werd gezegd dat zij geen schade mochten toebrengen aan het gras van de aarde, noch aan enig groen, noch aan enige boom, behalve aan de mensen die het zegel van God niet aan hun voorhoofden hebben. (TELOS)

In dit vers en het volgende wordt de macht van de sprinkhanen beperkt tot de mensen en ook die werking op mensen wordt beperkt (vers 5).

Geen schade mochten toebrengen. Sprinkhanen vreten gewassen op. Deze sprinkhanen mogen dat niet doen. Bij de eerste bazuin is het derde deel van de aarde verbrand en al het groene gras, Opb. 8:7. De gewassen moeten nu gespaard worden.

Behalve aan de mensen die. In Opb. 7:2 heeft een engel, die van de opgang van de zon komt, het zegel van de levende God. Met dit zegel worden de 144.000 duizend Israëlieten verzegeld aan hun voorhoofden. De mensen die het zegel van God niet niet aan hun voorhoofden hebben, zijn kennelijk de overige mensen.

Opb. 9:5. Hun pijniging

Opb 9:5 En hun werd gegeven dat zij hen niet zouden doden, maar dat zij hen vijf maanden zouden pijnigen; en hun pijniging was als de pijniging van een schorpioen wanneer hij een mens steekt. (TELOS)

Beperking van de werking op de mensen: 1) beperking van de schade: geen dodelijk gevolg; 2) beperking van de duur: vijf maanden.

Vijf maanden. De duur van hun pijniging wordt beperkt tot vijf maanden. "... hun macht was in hun staarten om de mensen schade toe te brengen, vijf maanden lang" (vers 10).

Als de pijniging van een schorpioen. De sprinkhanen was "macht gegeven zoals de schorpioenen van de aarde macht hebben" (vers 3)

Opb. 9:6. Doodswens

Opb 9:6 En in die dagen zullen de mensen de dood zoeken en hem geenszins vinden; en zij zullen begeren te sterven en de dood vlucht van hen weg.

In die dagen. Vijf maanden lang (vers 5) worden de mensen gepijnigd. Hun wanhoop stijgt ten top, ze zoeken tevergeefs de dood.

Opb. 9:7-10. Uiterlijk van de sprinkhanen

Opb 9:7 En de gedaanten van de sprinkhanen waren aan paarden gelijk, toegerust tot de oorlog; 
en op hun koppen was zoiets als kronen, aan goud gelijk, 
en hun gezichten waren als gezichten van mensen,
Opb 9:8 en zij hadden haar als vrouwenhaar, 
en hun tanden waren als die van leeuwen,
Opb 9:9 en zij hadden harnassen als ijzeren harnassen, 
en het gedruis van hun vleugels was als gedruis van wagens met vele paarden, die ten oorlog trekken;
Opb 9:10 en zij hadden staarten, aan schorpioenen gelijk, en angels, en hun macht was in hun staarten om de mensen schade toe te brengen, vijf maanden lang.

Beschrijving. De beschrijving heeft deze orde: eerst algehele uiterlijk; dan van voren naar achteren: koppen, harnassen, vleugels, staarten.

Toegerust tot de oorlog (vers 7). Blijkt uit de harnassen (vers 9).

Koppen (vers 7). Worden beschreven: kronen, menselijk, vrouwenhaar, tanden.

Vijf maanden (vers 10). Ook genoemd in vers 5.

Macht (vers 10). Vers 3: "... hun werd macht gegeven zoals de schorpioenen van de aarde macht hebben".

Staarten (vers 10). "... aan schorpioenen gelijk, en angels, ...". Ook de staart van een schorpioen heeft een angel.

De schorpioen heeft een lange, gelede staart die eindigt in een gebogen gifangel.

Illustraties. Hieronder twee illustraties van de sprinkhanen (11e eeuw):

Verbeelding van de sprinkhanen, 11e eeuw.
Een andere illustratie uit de 11e eeuw:
De ijzeren harnassen worden wel weergegeven, maar veel minder duidelijk dan in de eerste illustratie. Opvallend is dat in beide illustratie de mensen aan hun hoofden gestoken worden, een detail dat niet uit Openbaring 9 blijkt.

Opb. 9:11. Koning der sprinkhanen

Opb 9:11 Zij hadden over zich als koning de engel van de afgrond; in het Hebreeuws is zijn naam Abaddon; en in het Grieks heeft hij de naam Apollyon. (TELOS)

Abaddon. Zijn naam betekent "Verderver". Zie artikel Abaddon. De Afgrond is een plaats van verderf.

Apollyon. Ook deze naam betekent "Verderver".

Ook bij de plagen van Egypte, bij de laatste plaag, treedt een verderfengel op. Ook toen was er een uitgezonderde groep mensen die niet getroffen mochten worden: de Israëlieten die schuilden achter het bloed van het lam dat zij geslacht hadden.

Mogelijk - maar niet waarschijnlijk[1] op grond van de tekst van Opb. 9:1-11 - is Abaddon dezelfde als de ster die uit de hemel op aarde viel en die de sleutel van de put van de afgrond kreeg. Beiden zijn redelijke wezens.

Opb. 9:12. De weeën.

Opb 9:12 Een ‘Wee!’ is voorbijgegaan, zie, er komt nog twee keer een ‘Wee!’ hierna. (TELOS)

Een 'Wee!' is voorbijgegaan. De eerste wee, van de vijfde bazuin, heeft vijf maanden geduurd (9:5, 10). De weeën treden niet tegelijkertijd op. Ook de fysieke weeën van een zwangere vrouw volgen elkaar in de tijd op.

Opb. 9:13-21. Zesde bazuin = 2e wee

Opb. 9:13-15. Loslating van de vier engelen

Opb 9:13 En de zesde engel bazuinde, en uit de vier horens van het gouden altaar dat voor God is, hoorde ik een stem. Opb 9:14 die zei tot de zesde engel die de bazuin had: Maak de vier engelen los die gebonden zijn bij de grote rivier, de Eufraat. Opb 9:15 En de vier engelen die gereed waren tegen het uur en de dag en de maand en het jaar om het derde deel van de mensen te doden, werden losgemaakt. (TELOS)

Gouden altaar (9:13). Het is van goud, zegt ook 8:3. Het bevindt zich "voor God"; volgens 8:3 staat het "voor de troon". Op dit altaar zijn de gebeden van de heiligen (8:3). Vuur van dit altaar is in een wierookvat gedaan, daarna is het vuur uit het wierookvat op de aarde geworpen (8:5).

Vier horens (9:13). Ook het aardse reukaltaar in het Heilige van de tabernakel en de tempel had vier horens.

Een stem (9:13). Misschien is deze stem uit de vier horens van het altaar een verhoring van de gebeden op het altaar.

Maak de vier engelen los die gebonden zijn (9:14). Ze zijn gebonden, ze worden vastgehouden, gevangen gehouden. Dit duidt erop dat het om boze engelen gaat. Demonen kunnen dus op een aardse plek worden vastgehouden, zij het ook voor ons onzichtbaar.

Bij de grote rivier, de Eufraat (9:14). De Eufraat is een grote rivier. De omvang van land beloofd aan het nageslacht van Abraham is "tot aan de grote rivier, de rivier Eufraat":
Ge 15:18 Op die dag sloot de HEERE een verbond met Abram, en zei: Aan uw nageslacht heb Ik dit land gegeven, van de rivier van Egypte af tot aan de grote rivier, de rivier de Eufraat: (HSV)
Tegen het uur ... de dag ... de maand ... het jaar (9:15). In het draaiboek van God is de loslating tevoren tot op het uur bepaald.

Derde deel van de mensen te doden (9:15). Dit aantal wordt ook genoemd in 9:18.

Opb. 9:16. Omvang van de ruiterij

Opb 9:16 En het getal van de legers van de ruiterij was twintigduizend tienduizendtallen; ik hoorde hun getal. 

Twintigduizend tienduizendtallen. 20.000 x 10.000 = 200.000.000 = 200 miljoen ruiters.

Verklaringen zijn: 1. demonische horde van 200 miljoen boze geesten; 2. menselijk leger van 200 miljoen soldaten.[2]

Opb. 9:17-19. Uiterlijk van de paarden. Drie plagen

Opb 9:17 En aldus zag ik in het gezicht de paarden en hen die erop zaten: zij hadden vuurrode, donkerrode en zwavelkleurige harnassen, en de koppen van de paarden waren als leeuwekoppen, en uit hun monden kwam vuur, rook en zwavel. Opb 9:18 Door deze drie plagen werd het derde deel van de mensen gedood, door het vuur, de rook en de zwavel die uit hun monden kwamen. Opb 9:19 Want de macht van de paarden is in hun mond en in hun staarten; want hun staarten zijn aan slangen gelijk en hebben koppen, en daarmee brengen zij schade toe. (TELOS) 

Vuurrode, donkerrode en zwavelkleurige harnassen (9:17). "Donkerrode" zeggen de TELOS-vertaling en de Leidsche Vertaling. Andere vertalingen hebben "hemelsblauwe" (SV), "blauwe" (NBG51), "grijsblauwe" (Willibrord '78 en '95), "violet" (NBV2004), "paars" (Canis), "paarse" (NaB), "rookkleurige" (HSV). Het Griekse woord is υακινθινος huakinthinos, en betekent letterlijk: hyacinth, met de kleur van hyacinth[3]. De vertaling van Palm heeft "hyacinthkleurige". De Engelse King James vertaling heeft "jacinth".

De hyacinth is "van een rode kleur tegen zwart aan", zegt een Grieks-Nederlands Lexicon[3]. De oorspronkelijke hyacint was echter blauw. Andere kleuren zijn varianten die later zijn geteeld. De bekende rijkbloeiende en geurige soorten hyacinth, die ook in de huiskamer worden gezet, zijn afstammelingen van Hyacinthus orientalis (zie afbeelding), de typesoort van het geslacht. Deze soort komt in het wild oorspronkelijk voor in Syrië en Irak[4].

Hyacinthus orientalis

De drie kleuren komen overeen met de drie plagen van vuur, rook en zwavel.

Derde deel van de mensen gedood (9:18). Dit aantal wordt ook genoemd in 9:15. Bij de eerste bazuin werd een derde deel van de aarde van de bomen verbrand (8:7). Bij de tweede bazuin werd een derde deel van de zee bloed, een derde deel van de zeedieren sterft en een derde deel van de schepen verging (8:8). Bij derde bazuin wordt een derde deel van de rivieren getroffen en een derde deel van de wateren wordt bitter (8:10-11). Bij de vierde bazuin werd een derde deel van de hemellichamen verduisterd. De leefomgeving van de mens wordt bij de eerste drie bazuinen aangetast. Bij de vijfde en de zesde bazijn worden de mensen zelf aangetast. Bij de vijfde bazuin worden zij gepijnigd en zoeken vergeefs de dood. Bij de zesde bazuin worden zij door demonen bezocht, vier verderfengelen, die een derde deel van de mensheid zullen doden.

Gedood, door het vuur, de rook en de zwavel (9:18). De vier demonen bedienen zich van de grote ruiterij welke die dodelijke plagen (9:20) van vuur, rook en zwavel teweegbrengt.

Opb. 9:20-21. Onbekeerlijkheid van de overlevenden

Opb 9:20 En de overigen van de mensen, die niet gedood waren door deze plagen, bekeerden zich zelfs niet van de werken van hun handen, dat zij niet aanbaden de demonen en de gouden, zilveren, koperen, stenen en houten afgoden, die niet kunnen kijken, niet horen en niet lopen; Opb 9:21 en zij bekeerden zich niet van hun moorden, noch van hun toverijen, noch van hun hoererij, noch van hun diefstallen. (TELOS)

Overigen van de mensen. Tweederde van de mensheid (vgl. 9:18).

Aanbaden. Afgoderij wordt als eerste genoemd. Daarvan als eerste de aanbidding van demonen!

Bekeerden zich niet. De strafgerichten willen mensen ook afschrikken van het kwaad dat ze doen. Helaas, ze blijven kwaad doen.

Hoererij. Seksuele ontucht, ruimer te nemen dan seksuele omgang met een hoer.

Voetnoten

  1. "Niet waarschijnlijk" moet niet verwisseld worden met "onwaarschijnlijk".
  2. An Army Of 200 Million - Mark Hitchcock - Truth To Go. Youtube.com: 100huntley, 22 juni 2010. Duur: 4 min. 12 sec. Mark Hitchcock beschrijft beide verklaringen en steunt de demonologische.
  3. 3,0 3,1 Grieks-Nederlands Lexicon, onderdeel van de Online Bible, een uitgave van Importantia.
  4. Artikel Hyacinthus (geslacht), Wikipedia.nl, geraadpleegd 2 juni 2017. Enige tekst hiervan is overgenomen.