Ziekte

Uit Christipedia
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Ziekte is storing in de werking van een of meer van de organen[1].

Bekende gevaarlijke besmettelijke ziektes waartegen (anno 2019) nog geen vaccins of medicijnen bestaan zijn CCHF, Ebola, Lassakoorts, Marburg, MERS, Nipah, RVF, SARS, Zika.[2]

Zie Genezing voor het hoofdartikel over dit onderwerp genezing

Woord- en zaakbegrip

In het Nederland kennen wij de woorden 'ziekte' en 'krankheid'.

Ook in het Hebreeuws van het Oude Testament komen twee zelfstandige naamwoorden voor:

  1. חלי, choliy, dat 24x voorkomt en meestal door 'ziekte' (18x in de NBG51-vertaling) of 'krankheid' (18x in de Statenvertaling) wordt vertaald. Het strongnummer is H2483.
  2. מחלה, machaleh, of (vrouwelijk) מחלה, machalah. Dit woord komt 6x voor. De Statenvertaling vertaalt steeds door 'krankheid'; de NBG51-vertaling 3x door 'ziekte'. Het strongnummer is H4245.

Het grondbegrip, zowel van het Nederlandse woord 'krankheid' als van de Hebreeuwse uitdrukking choliy, van chala, ziek zijn, en anasj, (heel) ziek zijn (Jer. 17: 9, gezegd van het menselijk hart[3]), is het begrip voor verzwakking (Oudhoogduits: chrancholon = zwak worden, Oudnoors krangr = zwak[4]), kromming, verlamming. De Hebreeuwse uitdrukking אנושׁ, enoowsj, meest vertaald door "man", soms door "mens", komt van het werkwoord אנשׁ, anasj, dat 'zwak zijn, ziek zijn, broos zijn' betekent. De man, de mens is de naar lichaam en ziel gekromde, verlamde, met ziekte, zwakheid behebt[5].

Het ziek zijn wordt in de Bijbeltaal met des te meer recht niet slechts van het lichaam, maar ook van ziel en geest gezegd. Door de innige wederkerige werking van deze in de persoonlijkheid tot eenheid samengevatte delen van 't menselijk wezen is het lichaam oorspronkelijk ziek geworden door de ziekte van ziel en geest, d. i. door de zonde, de verkeerde, van God afgekeerde, Hem weerstrevende wil. De geestelijke krankheid der zonde is, om zo te zeggen, de eerste oorspronkelijke ziekte van het menselijk geslacht, de oorzaak van al het ziek zijn, zowel van het lichaam, als van ziel en geest.

In het Nederlands worden 'ziekte' en 'krankheid' ook gebruikt voor een abnormale psychische gesteldheid die vergeleken wordt met lichamelijk ziek-zijn. Bijvoorbeeld de behoefte tot kwaadspreken is bij sommige mensen een ziekte, een ziekelijke neiging of gewoonte. Een geestesziekte of zielsziekte is een abnormale gesteldheid van de geest of de ziel.

Zieken

Zieken genoemd in de Bijbel

Zieken genoemd in de Bijbel:

  • Abimelech, Gen. 20: 17
  • Jakob (Gen. 48:1)
  • Israëlieten, Num. 11: 33; Ps. 106 :14. 15; Jer. 16: 4
  • Filistijnen, 1 Sam. 5: 9-12
  • Egyptische slaaf, 1 Sam. 30: 13.
  • Kind van David, 2 Sam. 12: 15.
  • Abia, zoon van Jerobeam (1 Kon. 14:1v)
  • Ahazía, 2 Kon. 1: 2-4
  • Naäman, 2Kon. 5: 1,14.
  • Gehazi, 2 Kon. 5: 27
  • Benhadad, 2Kon. 8: 7-10.
  • Elisa (2 Kon. 13:14).
  • Uzzía, 2 Kon. 15: 5; 2 Kron. 26: 21.
  • Hizkia, 2 Kon. 20: 1-7; Jes. 38: 5.
  • Asa, 2 Kron. 16: 12 en 1 Kon. 15: 23.
  • Joram, 2 Kron. 21: 15, 18, 19.
  • Job, Job 2: 7.
  • David, Ps. 38: 7.
  • Daniël, Dan. 8: 27.
  • Schoonmoeder van Petrus, Matth. 8: 14; Mark. 1: 30; Luk. 4: 38.
  • Lazarus, Joh. 11: 1.
  • De Christus (Jes. 53: 3, 10)
  • Aeneas, Hand. 9: 33.
  • Vader van Publius, Hand. 28: 8.
  • Epafroditus, Fil. 2: 25-27.
  • Trofimus, 2 Tim. 4: 20

Hieronder laten we enkele zieken de revue passeren.

Jakob

Jakob werd ziek en wist dat hij zou sterven.
Ge 48:1  Na deze dingen gebeurde het dat men tegen Jozef zei: Zie, uw vader is ziek! Toen nam hij zijn twee zonen, Manasse en Efraïm, met zich mee. (...)  Ge 48:21  Toen zei Israël tegen Jozef: Zie, ik ga sterven, maar God zal met jullie zijn en Hij zal jullie terugbrengen naar het land van jullie vaderen. (...) Ge 49:29  Daarna gebood hij hun en zei: Ik word met mijn volk verenigd. Begraaf mij [dan] bij mijn vaderen in de grot die op de akker van Efron, de Hethiet, ligt; (...) Ge 49:33  Toen Jakob klaar was met het geven van bevelen aan zijn zonen, legde hij zijn voeten bij elkaar op het bed en gaf de geest; en hij werd verenigd met zijn voorgeslacht. (HSV)
Abia Abia, de zoon van koning Jerobeam, werd ziek. Daarop ging zijn moeder naar de profeet Ahia om te vernemen hoe het met de jongen zou aflopen. God liet weten dat hij het huis van de goddeloze Jerobeam zou uitroeien. De zoon stierf toen zijn moeder thuiskwam.
1Kon 14:1 In die tijd werd Abia, de zoon van Jerobeam, ziek. (...) 1Kon 14:10  daarom, zie: Ik ga kwaad over het huis van Jerobeam brengen, en Ik zal van Jerobeam alle mannen in Israël uitroeien, zowel de gebondene als de vrije, en Ik zal de nakomelingen van het huis van Jerobeam wegvegen, zoals uitwerpselen worden weggeveegd, totdat het helemaal vergaan is. 1Kon 14:12  En u, sta op, ga naar uw huis. Wanneer uw voeten de stad binnenkomen, zal het kind sterven. 1Kon 14:13  Heel Israël zal rouw over hem bedrijven en hem begraven, want hij zal als enige van Jerobeam in het graf komen, omdat in hem wat goeds voor de HEERE, de God van Israël, in het huis van Jerobeam gevonden is. 1Kon 14:17  Toen stond de vrouw van Jerobeam op, ging [op weg] en kwam te Tirza. Toen zij over de drempel van het huis kwam, stierf de jongen. (HSV)

Asa

Koning Asa van Juda werd ernstig ziek aan zijn voeten. Twee jaar later overleed hij.
2Kr 16:12  Asa werd in het negenendertigste jaar van zijn regering ziek aan zijn voeten. Zijn ziekte was heel ernstig. Desondanks zocht hij in zijn ziekte niet de HEERE, maar de geneesheren. 2Kr 16:13  Asa ging te ruste bij zijn vaderen. Hij stierf in het eenenveertigste jaar van zijn regering, (HSV)

Elisa

De grote profeet Elisa kreeg een ziekte waaraan hij zou overlijden.
2Kon 13:14  Elisa was ziek geworden; het was de ziekte waaraan hij zou sterven. Joas, de koning van Israël, kwam bij hem en huilde om hem. ... (HSV)

Hizkia

Hizkia, koning van Juda, werd ziek, tot stervens toe, maar hij bad en God voegde 15 jaren aan zijn leven toe.
Jes 38:1 In die dagen werd Hizkia ziek, tot stervens toe. Toen kwam de profeet Jesaja, de zoon van Amoz, bij hem en zei tegen hem: Zo zegt de HEERE: Regel [de zaken] van uw huis, want u zult sterven en niet leven. Jes 38:2  Daarop keerde Hizkia zijn gezicht om naar de muur en bad tot de HEERE  Jes 38:3  en zei: Och HEERE, bedenk toch dat ik in trouw en met een volkomen hart voor Uw aangezicht gewandeld heb en gedaan heb wat goed is in Uw ogen. En Hizkia huilde erg. Jes 38:4  Toen kwam het woord van de HEERE tot Jesaja: Jes 38:5  Ga tegen Hizkia zeggen: Zo zegt de HEERE, de God van uw vader David: Ik heb uw gebed gehoord, Ik heb uw tranen gezien. Zie, Ik zal vijftien jaar aan uw [levens]dagen toevoegen, (HSV)

Daniël

De profeet Daniël kreeg een gezicht (visioen), dat vervolgens door de engel Gabriël werd verklaard. Daarna was Daniël enige dagen zieken.
Da 8:27  Ik, Daniël, kon niet meer en was [enige] dagen ziek. Daarna stond ik op en deed ik [weer mijn] werk voor de koning. Ik was verbijsterd over het visioen, maar niemand merkte het. (HSV)

Christus

De Heer Jezus genas vele ziekten. Volgens de profetie van Jesaja was Hij "een Man van smarten, bekend met ziekte" (Jes. 53:3).
Jes 53:3  Hij was veracht, de onwaardigste onder de mensen, een Man van smarten, bekend met ziekte, en als [iemand] voor wie men het gezicht verbergt; Hij was veracht en wij hebben Hem niet geacht. (HSV)
Aan het kruis werd Hij door God "ziek gemaakt" (vs. 10).
Jes 53:10  Maar het behaagde de HEERE Hem te verbrijzelen, Hij heeft [Hem] ziek gemaakt. Als Zijn ziel Zich [tot] een schuldoffer gesteld zal hebben, zal Hij nageslacht zien, Hij zal de dagen verlengen; het welbehagen van de HEERE zal door Zijn hand voorspoedig zijn. (HSV)

Epafroditus

Paulus' medewerker Epafroditus werd zeer ernstig ziek, de dood nabij.
Flp 2:25 Maar ik vond het nodig Epafroditus, mijn broeder en medearbeider en medestrijder, maar uw gezant en bedienaar in mijn behoefte, naar u toe te zenden, Flp 2:26 daar hij zeer naar u allen verlangde en verontrust was omdat u had gehoord dat hij ziek was. Flp 2:27 Want hij is ook ziek geweest, de dood nabij, maar God heeft Zich over Hem erbarmd, en niet alleen over hem maar ook over mij, opdat ik niet droefheid op droefheid had. Flp 2:28 Daarom heb ik hem met des te meer spoed gezonden, opdat u, als u hem ziet, zich weer verblijdt en ik minder bedroefd ben. Flp 2:29 Ontvangt hem dan in de Heer met alle blijdschap en houdt zulke mannen in ere; Flp 2:30 want om het werk van Christus is hij de dood nabij gekomen, doordat hij zijn leven heeft gewaagd om aan te vullen wat aan uw dienstbetoon jegens mij ontbrak. (TELOS)

Timotheüs

Paulus' medewerker Timotheüs had maagklachten en veelvuldige zwakheden.
1Ti 5:23  Drink niet langer alleen water, maar gebruik een beetje wijn om je maag en je veelvuldige zwakheden. (Telos)

Trofimus

De apostel Paulus liet zijn medewerker Trofimus ziek achter in Milete.
2Ti 4:20  Erastus is in Korinthe gebleven en Trofimus heb ik in Milete ziek achtergelaten. (Telos)

Soorten zieken

In de Bijbel kan men verschillende 'soorten' zieken onderscheiden:

  • Zieken als voorbeeld voor de onzichtbare wereld
De satan antwoordde de Here: huid voor huid, en al wat iemand heeft, zal hij geven voor zijn leven. Strek daarentegen uw hand uit en tast zijn gebeente en zijn vlees aan - of hij U dan niet openlijk zal vaarwel zeggen! (Job.2:4,5)
Job werd ziek, niet als gevolg van een zonde, maar door toedoen van Satan. Hij is het voorbeeld van een zieke rechtvaardige die volhardt in onbegrijpelijk ziektelijden totdat God hem verlost. De hemel zag dat Job in God bleef geloven ondanks de vreselijke tegenspoed die hem trof. Hij geloofde niet om het voordeel dat religie hem verschafte, hij was niet rechtvaardig om de rijkdom waarmee God hem gezegend had.
  • Zieken als voorbeeld en teken hier op aarde.
En zijn discipelen vroegen Hem en zeiden: Rabbi, wie heeft gezondigd, deze of zijn ouders, dat hij blind geboren is? Jezus antwoordde: Noch deze heeft gezondigd noch zijn ouders, maar de werken Gods moesten in hem openbaar worden (Joh.9:1,2)
Als teken zal dit de gelovigen volgen: op zieken zullen zij de handen leggen en zij zullen genezen worden (Marc.16:18)
  • Zieken die ziek zijn geworden als gevolg van een zondig leven.
Jezus zeide: Zie, gij zijt gezond geworden; zondig niet meer, opdat u niet iets ergers overkome. (Joh.5:14)
Er kunnen dus ook ziekten zijn waar wijzelf de oorzaak van zijn, en die voorkomen of genezen kunnen worden door naar Gods wil te handelen.

Wereldwijde uitbraken

Een bekende wereldwijde uitbraak van een ziekte was de Spaanse griep. Deze grieppandemie woedde rond de Eerste Wereldoorlog (1914-1918) en eiste zeer veel levens eiste. Een derde van de wereldbevolking, een half miljard mensen, raakte toen besmet. Twintig tot vijftig miljoen (!) mensen stierven aan de gevolgen van het virus, in minder dan een jaar. De Spaanse griep doodde meer mensen dan de Eerste Wereldoorlog.

Andere pandemieën (wereldwijde uitbraken van ziekte) waren de Aziatische griep, de Hongkonggriep, de Mexicaanse griep en Aids. Aids is inmiddels goed te behandelen.

Door het toegenomen verkeer in de wereld (toerisme, handel, wetenschappelijk, bestuurlijk), de internationale reizen zijn pandemieën even onvermijdelijk als onvoorspelbaar. Maar wanneer een epidemie toeslaat, kan men op grond van het vliegverkeer voorspellen waar en wanneer een epidemie nog meer zal toeslaan. Een deskundige merkte op (2016): "Vliegreizen vormen onze epidemieën op zo'n krachtige manier dat wetenschappers daadwerkelijk kunnen voorspellen waar en wanneer een epidemie zal treffen door het aantal directe vluchten tussen geïnfecteerde en niet-geïnfecteerde steden te tellen"[6].

In 2006 waren de meeste pandemie-deskundigen van het gevoelen, dat in de komende twee generatie een grote pandemie zou plaatsvinden, die een miljard zieken zou behelzen en 165 miljoen mensen zou doden[6]

Oorzaken

Waar komt ziekte en lijden vandaan? Er zijn verscheidene oorzaken die ziekte en lijden tot gevolg hebben. Men kan onderscheiden: stoffelijke oorzaken (bijv. virussen, bacteriën, schadelijke stoffen, gendefecten), zedelijke oorzaken (zonden) en bovennatuurlijke oorzaken (God, Christus, engelen, satan).

Stoffelijke oorzaken

Er zijn allerlei stoffelijke zaken die ons ziek kunnen maken. Trouwens, God heeft ons lichaam uitgerust met een afweersysteem dat de hele dag druk doende is om stoffelijke ziekteverwekkers te bestrijden.

Ongezonde leefwijze of -omgeving

Ziekten kunnen een gevolg zijn van een ongezonde leefwijze: roken, overmatig eten, verkeerde leefwijze (bijvoorbeeld te weinig beweging), vormen de belangrijkste factoren voor wat in de wereld genoemd wordt doodsoorzaak nummer één: de hart en vaatziekten. Onmatig drankgebruik kan ziek maken.
Hos 7:5  Op de dag van onze koning maken de vorsten [hem] ziek met de gloed van wijn. (HSV)
Alcoholisme, direct of indirect, veroorzaakt niet alleen een groot deel van alle ziektekosten, maar eist ook zijn tol van het nageslacht.

Fijnstof in de omgeving kan oorzaak van een longziekte worden.

Medicijnen, vaccins

Medicijnen worden ontwikkeld om gezond te maken, maar ze kunnen door hun bijwerkingen ziek maken. Vaccins worden ontwikkeld om ziekte te voorkomen, maar ook zij kunnen ziekmakende bijwerkingen hebben. Een genetisch coronavaccin kan bijvoorbeeld trombose veroorzaken.

Risicofactoren infectieziekten

Factoren in de natuurlijke, culturele en sociale omgeving kunnen indirect een oorzakelijke rol spelen en de kans op een infectieziekte vergroten[7]:

  • Diercontact. Ziekteverwekkers kunnen afkomstig zijn van dieren, met wij in contact komen. Ongeveer 60 procent van onze nieuwe ziekteverwekkers is afkomstig van dieren, stelde een deskundige in 2016[6].
  • Intensieve veehouderij vergroot de kans op de verspreiding van virussen afkomstig van vee.
  • Overbevolking en verstedelijking. Hierdoor komen meer mensen dicht bij elkaar te leven, zoals in sloppenwijken. Virussen kunnen makkelijker overspringen.
  • Veelvuldig internationaal vliegverkeer brengt een besmetting via reizigers makkelijk over van het ene land naar het andere.
  • Opwarming van de aarde. De opwarming van de aarde leidt tot meer overstromingen. Gewassen worden overspoeld en komen onder het vuil te zitten, waardoor mensen infectieziekten kunnen krijgen.

Zedelijke oorzaken

Algemeen. De algemene grondoorzaak van ziekte, gebrek en kwaal in de wereld is (1) de historische zondeval van het eerste mensenpaar, (2) waarom God de aarde onder een vloek bracht en Adam en zijn vrouw behept raakten met een zondige natuur, die zij op natuurlijke wijze hebben overgedragen op hun nageslacht. God heeft na de zondeval de schepping aan de vruchteloosheid onderworpen (Rom. 8:20). Ook voor een gelovige in Christus geldt dat zijn lichaam sterfelijk is, "dood vanwege de zonde" (Rom 8:10).

Ro 8:10 Maar als Christus in u is, dan is het lichaam wel dood vanwege de zonde, maar de Geest is leven vanwege de gerechtigheid. Ro 8:11  En als de Geest van Hem die Jezus uit de doden heeft opgewekt, in u woont, dan zal Hij die Christus uit de doden heeft opgewekt, ook uw sterfelijke lichamen levend maken door zijn Geest die in u woont. Ro 8:12  Daarom dan, broeders, zijn wij schuldenaars, niet aan het vlees om naar het vlees te leven; Ro 8:13  want als u naar het vlees leeft, zult u sterven; maar als u door de Geest de werkingen van het lichaam doodt, zult u leven. Ro 8:14  Want allen die door de Geest van God geleid worden, die zijn zonen van God. Ro 8:15  Want u hebt niet ontvangen een geest van slavernij om opnieuw te vrezen, maar u hebt ontvangen een geest van zoonschap, waardoor wij roepen: Abba, Vader! Ro 8:16  De Geest Zelf getuigt met onze geest, dat wij kinderen van God zijn. Ro 8:17 En zijn wij kinderen, dan ook erfgenamen: erfgenamen van God en medeerfgenamen van Christus, als wij inderdaad met Hem lijden, opdat wij ook met Hem verheerlijkt worden. Ro 8:18  Want ik acht, dat het lijden van de tegenwoordige tijd niet waard is vergeleken te worden met de toekomstige heerlijkheid die aan ons geopenbaard zal worden. Ro 8:19  Want de schepping verwacht reikhalzend de openbaring van de zonen van God. Ro 8:20  Want de schepping is aan de vruchteloosheid onderworpen (niet vrijwillig, maar om wille van hem die haar onderworpen heeft), Ro 8:21  in de hoop dat ook de schepping zelf zal worden vrijgemaakt van de slavernij van de vergankelijkheid tot de vrijheid van de heerlijkheid van de kinderen van God. Ro 8:22  Want wij weten, dat de hele schepping tezamen zucht en tezamen in barensnood is tot nu toe.  Ro 8:23  En dat niet alleen, maar ook wijzelf, die de eerstelingen van de Geest hebben, ook wijzelf zuchten bij onszelf in de verwachting van het zoonschap: de verlossing van ons lichaam. Ro 8:24  Want wij zijn behouden geworden in de hoop. Een hoop nu die men ziet, is geen hoop; want wie hoopt er op wat hij ziet? (...) Ro 8:28  Maar wij weten dat hun die God liefhebben, alle dingen meewerken ten goede, hun die naar zijn voornemen zijn geroepen. Ro 8:29 Want hen die Hij tevoren heeft gekend, heeft Hij ook tevoren bestemd om aan het beeld van zijn Zoon gelijkvormig te zijn, opdat Hij de eerstgeborene zou zijn onder vele broeders. (Telos)

Eigen zonde. Persoonlijk bedreven kwaad kan een oorzaak van ziekte en lijden zijn. Koning David getuigt ervan:

Ps 32:3  Toen ik zweeg, teerden mijn beenderen weg, onder mijn jammerklachten, de hele dag. Ps 32:4  Want dag en nacht drukte Uw hand zwaar op mij, mijn levensvocht veranderde in een zomerse droogte. Sela Ps 32:5  Mijn zonde maakte ik U bekend, mijn ongerechtigheid bedekte ik niet. Ik zei: Ik zal mijn overtredingen belijden voor de HEERE. En Ú vergaf [mijn] ongerechtigheid, mijn zonde. Sela (HSV)

Geslachtsziekten (aids, gonorroe,  syfilis) zijn vaak het gevolg van seksuele ontucht. In 1 Cor.6:18 lezen we: door hoererij bezondigt men zich aan zijn eigen lichaam. De zonde van hoererij kan de dader in lichamelijke ellende brengen.

Spr 5:11  zodat je uiteindelijk kermt, als het gedaan is met je vlees en je lichaam, Spr 5:12  en je zegt: Hoe heb ik vermaning kunnen haten, en heeft mijn hart bestraffing kunnen verwerpen, (...) Spr 5:14  In bijna alle kwaad heb ik verkeerd, in het midden van de gemeente en de gemeenschap! (HSV)

Gehazi. Gehazi, de dienstknecht van ELisa, werd vanwege zijn zonde met ziekte gestraft. De melaatsheid van Naäman wordt hem en zijn nageslacht opgelegd.

2Kon 5:25  Daarna keerde hijzelf [terug] en ging voor zijn heer staan. Elisa zei toen tegen hem: Waar [kom je] vandaan, Gehazi? Hij zei: Uw dienaar is niet hierheen of daarheen gegaan. 2Kon 5:26  Maar hij zei tegen hem: Ging mijn hart niet mee, toen die man zich vanaf zijn wagen omkeerde [en] je tegemoet ging? Was het tijd om dat zilver aan te nemen en gewaden aan te nemen, [om] olijfbomen en wijngaarden, schapen en runderen, dienaren en dienaressen [te kunnen kopen]?  2Kon 5:27  Daarom zal de melaatsheid van Naäman zich voor eeuwig aan jou en aan jouw nageslacht hechten. Toen ging hij bij hem weg, melaats, [wit] als de sneeuw. (HSV)

De zieke in Bethesda. De man die al 38 jaar ziek was, had zonde bedreven.

Joh 5:14  Daarna vond Jezus hem in de tempel en zei tot hem: Zie, u bent gezond geworden; zondig niet meer, opdat u niet iets ergers overkomt. Joh 5:15  De man ging weg en berichtte de Joden dat het Jezus was die hem gezond had gemaakt. (Telos)

De verlamde man. De verlamde man die door vrienden door het dak was neergelaten kreeg van de Heer de woorden te horen: "Kind, uw zonden worden vergeven". Daarna geneest de Heer hem en kan de man weer lopen.

Mt 9:2  En toen Jezus hun geloof zag, zei Hij tot de verlamde: Heb goede moed, kind, uw zonden worden vergeven. (...) Mt 9:6  Maar opdat u weet dat de Zoon des mensen macht heeft op de aarde zonden te vergeven, toen zei Hij tot de verlamde: Sta op, neem uw bed op en ga naar uw huis.  Mt 9:7  En hij stond op en ging weg naar zijn huis. (Telos)

De Heer lijkt erop te wijzen dat de verlamming een gevolg was van zonden.

Saulus de vervolger. Saulus, die, geestelijk blind, christenen vervolgde, werd met blindheid geslagen.
Hnd 9:9  En hij kon drie dagen niet zien en hij at en hij dronk niet. (Telos)
Na drie dagen van inkeer, vasten, omkeer en belijdenis, ontving hij genezing door de handen van Ananias.

Wangedrag in een gemeente. Gelovigen kunnen ziek worden als gevolg van wangedrag in de gemeente van God. In de christelijke gemeente te Korinthe waren ernstige misstanden bij de maaltijd van de Heer, zoals dronkenschap (1 Kor. 11:21). "Daarom zijn er onder u velen zwak en ziekelijk en er ontslapen niet weinigen" (1 Kor. 11:30). Ze werden gekastijd met ziekte. Vergelijk:

Opb 2:21  En Ik heb haar tijd gegeven om zich te bekeren en zij wil zich niet bekeren van haar hoererij. Opb 2:22  Zie Ik werp haar op een bed en werp hen die met haar overspel bedrijven in grote verdrukking, als zij zich niet bekeren van haar werken. Opb 2:23  En haar kinderen zal Ik door de dood ombrengen, en alle gemeenten zullen weten dat Ik het ben die nieren en harten doorzoek, en Ik zal u geven ieder naar uw werken. (Telos)
Ziekte is evenwel niet noodzakelijk een teken van persoonlijk zonde. Job werd ziek, niet als gevolg van een zonde, maar door toedoen van Satan. De blindgeborene in Joh. 9 was niet blind door een zonde van hemzelf of van zijn ouders.
Joh 9:1 En toen Hij voorbijging, zag Hij een mens, blind van de geboorte af. Joh 9:2  En zijn discipelen vroegen Hem aldus: Rabbi, wie heeft gezondigd, deze of zijn ouders, dat hij blind geboren werd? Joh 9:3  Jezus antwoordde: Noch deze heeft gezondigd, noch zijn ouders; maar de werken van God moeten in hem worden geopenbaard. (Telos)

Zonde van een ander mens.

Bovennatuurlijke oorzaken

God

God zendt ziekte, Deut. 32: 39; 1 Sam. 5: 6; 2 Sam. 12: 15; Job 6: 18; Klaagl. 3: 38; Hand. 12: 23. Ziekte kan van God zelf komen: (1) als straf, tuchtiging, (2) als deel van Zijn hoge, grote, goede plan.

God zendt ziekte als straf op de zonde, Num. 11: 33; Lev. 26: 16; Deut. 28: 15, 22, 59; Deut. 29: 22, 25; 2 Sam. 7: 14; 2 Kron. 21: 12-15; Job 20:11. Job 33: 19-22; Ps. 106: 14, 15; 1 Cor. 11:30. Hij straft de goddelozen met ziekte, Deut. 28: 59-61; 2 Kron. 21: 18; Jer. 16:4; Zach. 14: 12.

Hij gebruikt ziekte om Zijn doel te bereiken. Evenwel heeft Hij geen lust aan ziekte, lijden of dood als zodanig. God laat toe dat de gelovigen met ziekte bezocht worden, zoals bij Job. God laat echter niet alleen ziekte toe, soms maakt Hij mensen ziek.

Stomheid, doofheid, blindheid. Mozes vond dat hij niet welsprekend was, dat hij tegenover de koning van Egypte niet goed genoeg kon spreken. God antwoordt dat hij de sprekende mens, maar ook de stomme heeft gemaakt. Hij zou Mozes in staat stellen om te spreken.
Ex 4:10  Toen zeide Mozes tot den HEERE: Och Heere! ik ben geen man wel ter tale, noch van gisteren, noch van eergisteren, noch van toen af, toen Gij tot Uw knecht gesproken hebt; want ik ben zwaar van mond, en zwaar van tong. Ex 4:11  En de HEERE zeide tot hem: Wie heeft den mens den mond gemaakt, of wie heeft den stomme, of dove, of ziende, of blinde gemaakt? Ben Ik het niet, de HEERE? Ex 4:12  En nu ga henen, en Ik zal met uw mond zijn, en zal u leren, wat gij spreken zult. (SV)
De blindgeborene van Joh. 9 valt waarschijnlijk onder de blinden die God gemaakt heeft. Dat God ziekte of gebrek toelaat of zendt, niet om te straffen of te tuchtigen, maar om een bepaald doel te bereiken, blijkt uit Jezus' verklaring aangaande die blindgeborene.
Joh 9:1 En toen Hij voorbijging, zag Hij een mens, blind van de geboorte af. Joh 9:2  En zijn discipelen vroegen Hem aldus: Rabbi, wie heeft gezondigd, deze of zijn ouders, dat hij blind geboren werd? Joh 9:3  Jezus antwoordde: Noch deze heeft gezondigd, noch zijn ouders; maar de werken van God moeten in hem worden geopenbaard. (Telos)

Mozes' hand. God kan terstond melaatsheid teweegbrengen (en die ook terstond genezen).

Ex 4:6  En de HEERE zeide verder tot hem: Steek nu uw hand in uw boezem. En hij stak zijn hand in zijn boezem; daarna trok hij ze uit, en ziet, zijn hand was melaats, [wit] als sneeuw. Ex 4:7  En Hij zeide: Steek uw hand wederom in uw boezem. En hij stak zijn hand wederom in zijn boezem; daarna trok hij ze uit zijn boezem, en ziet, zij was weder als zijn [ander] vlees. (SV)

Mozes' hand werd niet melaats om hem te tuchtigen, maar diende als teken ten behoeve van een hoger doel: het geloof in Mozes en God bij de Israëlieten wekken; God wilde hen door Mozes bevrijden uit de slavernij van Egypte.

Ziekten over Egypte. God heeft ziekten op Egypteland gelegd.

Ex 15:26  Hij zei: Als u aandachtig luistert naar de stem van de HEERE, uw God, en doet wat juist is in Zijn ogen, als u Zijn geboden gehoorzaamt en al Zijn verordeningen in acht neemt, dan zal Ik geen enkele van de ziekten over u brengen die Ik over Egypte gebracht heb, want Ik ben de HEERE, uw Heelmeester. (HSV)

Mirjam. God sloeg Mirjam met melaatsheid omdat zij met Aäron kritiek op Mozes had. Haar melaatsheid duurde zeven dagen.

Nu 12:9  Zo ontstak des HEEREN toorn tegen hen, en Hij ging weg.  Nu 12:10  En de wolk week van boven de tent; en ziet, Mirjam was melaats, [wit] als de sneeuw. En Aäron zag Mirjam aan, en ziet, zij was melaats. Nu 12:11  Daarom zeide Aäron tot Mozes: Och, mijn heer! leg toch niet op ons de zonde, waarmede wij zottelijk gedaan, en waarmede wij gezondigd hebben! Nu 12:13  Mozes dan riep tot den HEERE, zeggende: O God! heel haar toch! Nu 12:14  En de HEERE zeide tot Mozes: Zo haar vader smadelijk in haar aangezicht gespogen had, zou zij niet zeven dagen beschaamd zijn? Laat haar zeven dagen buiten het leger gesloten, en daarna aangenomen worden! Nu 12:15  Zo werd Mirjam buiten het leger zeven dagen gesloten; en het volk verreisde niet, totdat Mirjam aangenomen werd. (SV)
'Ik verwond en Ik genees'. Zegt God:
De 32:39 Zie nu [in] dat Ik, Ik Die ben, er is geen God naast Mij. Ík dood en Ik maak levend, Ik verwond en Ík genees en er is niemand die uit Mijn hand redt! (HSV)
Hannah. God sloot de baarmoeder van Hannah, zodat zij geen kinderen kond krijgen.
1Sa 1:5  Maar aan Hanna gaf hij een aanzienlijk deel, want hij had Hanna lief; doch de HEERE had haar baarmoeder toegesloten. (SV)
Asdod, Gath. God trof de inwoners van Asdod met gezwellen, omdat de geroofde ark van het verbond daar gebracht was.
1Sa 5:6  En de hand van de HEERE drukte zwaar op de inwoners van Asdod en teisterde hen; Hij trof hen, [namelijk] Asdod en de bijbehorende gebieden, met gezwellen. (HSV)
Toen de ark daarop naar Gath werd overgebracht, sloeg de HEERE ook die stad met gezwellen.
1Sa 5:9  En het gebeurde, nadat zij hem overgebracht hadden, dat de hand van de HEERE op de stad drukte en er een zeer grote verwarring [ontstond], want Hij trof de inwoners van die stad van klein tot groot: zij kregen gezwellen. (HSV)

Nabal. Het hart van de nietswaardige man Nabal bestierf in hem (1 Sam. 25: 37) en tien dagen later sloeg God hem dat hij stierf.

1Sa 25:37  Het geschiedde nu in den morgen, toen de wijn van Nabal gegaan was, zo gaf hem zijn huisvrouw die woorden te kennen. Toen bestierf zijn hart in het binnenste van hem, en hij werd als een steen. 1Sa 25:38  En het geschiedde omtrent [na] tien dagen, zo sloeg de HEERE Nabal, dat hij stierf. 1Sa 25:39  Toen David hoorde, dat Nabal dood was, zo zeide hij: Gezegend zij de HEERE, Die den twist mijner smaadheid getwist heeft van de hand van Nabal, en heeft zijn knecht onthouden van het kwade, en [dat] de HEERE het kwaad van Nabal op zijn hoofd heeft doen wederkeren! (SV)
Davids zoontje. Hij sloeg de zoon van koning David en Bathseba na zijn geboorte, dat het zeer ziek werd. Het kind was in overspel verwekt.
2Sa 12:13  Toen zeide David tot Nathan: Ik heb gezondigd tegen den HEERE! En Nathan zeide tot David: De HEERE heeft ook uw zonde weggenomen, gij zult niet sterven.  2Sa 12:14  Nochtans, dewijl gij door deze zaak de vijanden des HEEREN grotelijks hebt doen lasteren, zal ook de zoon, die u geboren is, den dood sterven.  2Sa 12:15 Toen ging Nathan naar zijn huis. En de HEERE sloeg het kind, dat de huisvrouw van Uria David gebaard had, dat het zeer krank werd. (SV)
Pestziekte van drie dagen. Wegens een zonde van koning David gaf Jahweh een epidemische pestziekte in Israël, die drie dagen woedde.
2Sa 24:15  Toen gaf de HEERE [een uitbraak van] de pest in Israël, vanaf de morgen tot op de vastgestelde tijd. En er stierven van het volk, van Dan tot Berseba, zeventigduizend mannen. 2Sa 24:16  Maar toen de engel zijn hand over Jeruzalem uitstrekte om er verderf aan te richten, kreeg de HEERE berouw over dit kwaad, en Hij zei tegen de engel die verderf onder het volk aanrichtte: Het is genoeg, trek uw hand nu terug. Nu was de engel van de HEERE [op dat moment] bij de dorsvloer van Arauna, de Jebusiet. 2Sa 24:17  David zei tegen de HEERE-toen hij de engel zag die het volk [met de plaag] trof, zei hij: Zie, ík heb gezondigd en ík heb mij misdragen, maar deze schapen, wat hebben zij gedaan? Laat Uw hand toch tegen mij en tegen mijn familie zijn. (HSV)
Joram. Koning Joram werd wegens zijn zonde door God geplaagd met een ongeneeslijke ziekte in zijn ingewand.
2Kr 21:15  Gij zult ook in grote krankheden zijn, door de krankheid uwer ingewanden, totdat uw ingewanden uitgaan vanwege de krankheid, jaar op jaar. (...) 2Kr 21:18  En na dit alles plaagde hem de HEERE in zijn ingewand met een krankheid, daar geen genezen aan was.  2Kr 21:19  Dit geschiedde van jaar tot jaar, zodat, wanneer de tijd van het einde der twee jaren uitging, zijn ingewanden met de krankheid uitgingen, dat hij stierf van boze krankheden; en zijn volk maakte hem gene branding, als de branding zijner vaderen. (SV)
Uzzia. Koning Uzzia werd door God met melaatsheid gestraft omdat hij in de plaats van een priester trad om te reukofferen.
2Kon 15:5  En de HEERE plaagde den koning, dat hij melaats werd tot den dag zijns doods; en hij woonde in een afgezonderd huis; doch Jotham, de zoon des konings, was over het huis, richtende het volk des lands. (SV)
2Kr 26:19  Toen werd Uzzia toornig, en het reukwerk was in zijn hand, om te roken; als hij nu toornig werd tegen de priesteren, rees de melaatsheid op aan zijn voorhoofd, voor het aangezicht der priesteren in het huis des HEEREN, van boven het reukaltaar. 2Kr 26:20  Alstoen zag de hoofdpriester Azaria op hem, en al de priesteren en ziet, hij was melaats aan zijn voorhoofd, en zij stieten hem met der haast van daar, ja hij zelf werd ook gedreven uit te gaan, omdat de HEERE hem geplaagd had. 2Kr 26:21  Alzo was de koning Uzzia melaats tot aan den dag zijns doods; en melaats zijnde, woonde hij in een afgezonderd huis, want hij was van het huis des HEEREN afgesneden; ... (SV).
Jeruzalem. God heeft kwaad over Jeruzalem gebracht, ook in de vorm van een dodelijke pestziekte.
Eze 14:21  Want alzo zegt de Heere HEERE: Hoeveel te meer als Ik mijn vier boze gerichten, het zwaard, en den honger, en het boze gedierte, en de pestilentie gezonden zal hebben tegen Jeruzalem, om daaruit mensen en beesten uit te roeien! Eze 14:22  Doch ziet, daarin zullen ontkomenen overblijven, die uitgevoerd zullen worden, zonen en dochteren; ziet, zij zullen tot ulieden uitkomen, en gij zult hun weg zien, en hun handelingen; en gij zult vertroost worden over het kwaad, dat Ik over Jeruzalem gebracht zal hebben, [ja], al wat Ik zal gebracht hebben over haar. Eze 14:23  Zo zullen zij u vertroosten, als gij hun weg en hun handelingen zien zult; en gij zult weten, dat Ik niet zonder oorzaak gedaan heb, al wat Ik in haar gedaan heb, spreekt de Heere HEERE. (SV)

Jezus. God maakte de Messias, onze Heer Jezus Christus, ziek (Jes. 53:10). "De plaag" was op hem (Jes. 53:8).

Jes 53:3  Hij was veracht en van mensen verlaten, een man van smarten en vertrouwd met ziekte, ja, als iemand, voor wie men het gelaat verbergt; hij was veracht en wij hebben hem niet geacht. Jes 53:4  Nochtans, onze ziekten heeft hij op zich genomen, en onze smarten gedragen; wij echter hielden hem voor een geplaagde, een door God geslagene en verdrukte. Jes 53:5  Maar om onze overtredingen werd hij doorboord, om onze ongerechtigheden verbrijzeld; de straf die ons de vrede aanbrengt, was op hem, en door zijn striemen is ons genezing geworden. (...) Jes 53:8  Hij is uit verdrukking en gericht weggenomen, en wie onder zijn tijdgenoten bedacht, dat hij is afgesneden uit het land der levenden? Om de overtreding van mijn volk is de plaag op hem geweest. (...) Jes 53:10 Maar het behaagde de HERE hem te verbrijzelen. Hij maakte hem ziek. Wanneer hij zichzelf ten schuldoffer gesteld zal hebben, zal hij nakomelingen zien en een lang leven hebben en het voornemen des HEREN zal door zijn hand voortgang hebben. (NBG51)

Iets van het lichamelijk lijden van de Heer is vertolkt door David in Ps. 22.

Ps 22:14  (22-15) Ik ben uitgestort als water, en al mijn beenderen hebben zich vaneen gescheiden; mijn hart is als was, het is gesmolten in het midden mijns ingewands. Ps 22:15  (22-16) Mijn kracht is verdroogd als een potscherf, en mijn tong kleeft aan mijn gehemelte; en Gij legt mij in het stof des doods. (SV)
Saulus' blindheid. Saulus, de latere apostel Paulus, werd blind bij de ontmoeting met de Heer. Zijn blindheid kan als een oordeel worden gezien, maar gaf hem ook gelegenheid om ernstig in zichzelf te keren, tot bezinning te komen en zijn geestelijke blindheid te verstaan, in welke hij de christenen vervolgd had. De tijdelijke blindheid van de vervolger kan ook worden gezien als een deel van Gods plan met hem.
Hnd 9:9  En hij kon drie dagen niet zien en hij at en hij dronk niet. (...) Hnd 9:11  En de Heer zei tot hem: Sta op en ga naar de straat, de Rechte geheten, en zoek in het huis van Judas naar iemand van Tarsus, genaamd Saulus; want zie, hij bidt. Hnd 9:12  En hij heeft in een gezicht gezien dat een man, genaamd Ananias, binnenkwam en hem de handen oplegde, opdat hij weer kon zien. (...) Hnd 9:17  Ananias nu ging en kwam het huis binnen; en hij legde hem de handen op en zei: Saul, broeder, de Heer heeft mij gezonden, Jezus, die u verschenen is op de weg waarlangs u kwam, opdat u weer kunt zien en met de Heilige Geest vervuld wordt. Hnd 9:18  En terstond vielen hem als het ware schubben van de ogen en hij kon weer zien; en hij stond op en werd gedoopt. (Telos)
Misvatting. Soms wordt gezegd dat God geen ziekte zendt en dat ziekte altijd het werk van Satan is. Dit is een misvatting, die onhoudbaar is in het licht van bovenvermelde gevallen in de Bijbel.

Christus

De Heer Jezus kondigde aan, de valse profetes Izebel in de gemeente te Thyatira "op een bed", een ziekbed, te werpen.
Opb 2:21  En Ik heb haar tijd gegeven om zich te bekeren en zij wil zich niet bekeren van haar hoererij.  Opb 2:22  Zie Ik werp haar op een bed en werp hen die met haar overspel bedrijven in grote verdrukking, als zij zich niet bekeren van haar werken.  Opb 2:23  En haar kinderen zal Ik door de dood ombrengen, en alle gemeenten zullen weten dat Ik het ben die nieren en harten doorzoek, en Ik zal u geven ieder naar uw werken. (Telos)
Zie het verschil met Opb. 2:10, waar het de duivel is, in de gevangenis 'werpt'.
Opb 2:10  Vrees niets van wat u zult lijden. Zie, de duivel zal sommigen van u in de gevangenis werpen, opdat u op de proef gesteld wordt, en u zult een verdrukking hebben van tien dagen. Wees trouw tot de dood, en Ik zal u de kroon van het leven geven. (Telos)
God zal het aardrijk oordelen door de Heer Jezus. Deze zal een verzegelde boekrol openen dat de oordelen bevat. De oordelen brengen ook ziekte en kwalen.

Engelen

Een goede engel kan iemand ziek maken. De engel Gabriël zei dat de priester Zacharia stom zou worden omdat hij Gabriëls woorden niet had geloofd.
Lu 1:20  En zie, u zult zwijgen en niet kunnen spreken tot op de dag dat deze dingen zullen gebeuren, omdat u mijn woorden niet hebt geloofd die op hun tijd zullen worden vervuld. (...) Lu 1:22  Toen hij nu naar buiten kwam, kon hij niet tot hen spreken; en zij merkten dat hij in het tempelhuis een gezicht had gezien. En hij wenkte hun toe en bleef stom. (Telos)
Een engel sloeg Herodes Agrippa I omdat hij God niet de heerlijkheid gaf.
Hnd 12:21 Op een vastgestelde dag nu hield Herodes, na een koninklijk gewaad te hebben aangedaan en gezeten op de rechterstoel, een toespraak tot hen. Hnd 12:22 En het volk riep hem toe: Een stem van God en niet van een mens! Hnd 12:23 En onmiddellijk sloeg een engel van de Heer hem, omdat hij God niet de heerlijkheid gaf; en hij werd door wormen gegeten en hij stierf. (TELOS)
In het laatste Bijbelboek lezen we van engelen die schalen vol Gods grimmigheid uitstorten op de aarde. Van de vijfde engel wordt gezegd:
Opb 16:10  En de vijfde goot zijn schaal uit op de troon van het beest, en zijn koninkrijk werd verduisterd; en zij kauwden hun tongen van pijn  Opb 16:11  en lasterden de God van de hemel vanwege hun pijnen en vanwege hun zweren, en zij bekeerden zich niet van hun werken. (Telos)

Boze geesten

Satan en zijn engelen kunnen mensen plagen met ziekte en rampspoed. God laat de satan of een andere boze geest toe ons te bedroeven met ziekte, Job 1:11-12; 2: 6, 7; 1 Sam. 16:14-16; Luk. 9: 39; 13: 16. De regie, het hoogste bestuur berust evenwel bij God.

Job. Een schrijnend geval is de rampspoed die de rechtvaardige Job troffen. God liet de satan toe Job te treffen in alles wat Job had (vee, veehoeders, kinderen).

Job 1:11  Maar toch strek nu Uw hand uit, en tast aan alles, wat hij heeft; zo hij U niet in Uw aangezicht zal zegenen? Job 1:12  En de HEERE zeide tot den satan: Zie, al wat hij heeft, zij in uw hand; alleen aan hem strek uw hand niet uit. En de satan ging uit van het aangezicht des HEEREN. (SV)

De satan stelt de natuur en Chaldeeuwse benden in het werk voor zijn boos opzet. Na dood en verderf gezaaid te hebben, krijgt satan de gelegenheid om Jobs lichaam te treffen.

Job 2:3  En de HEERE zeide tot den satan: Hebt gij [ook] acht geslagen op Mijn knecht Job? Want niemand is op de aarde gelijk hij, een man, oprecht en vroom, godvrezende en wijkende van het kwaad; en hij houdt nog vast aan zijn oprechtigheid, hoewel gij Mij tegen hem opgehitst hebt, om hem te verslinden zonder oorzaak. Job 2:4  Toen antwoordde de satan den HEERE, en zeide: Huid voor huid, en al wat iemand heeft, zal hij geven voor zijn leven.  Job 2:5  Doch strek nu Uw hand uit, en tast zijn gebeente en zijn vlees aan; zo hij U niet in Uw aangezicht zal zegenen! Job 2:6  En de HEERE zeide tot den satan: Zie, hij zij in uw hand, doch verschoon zijn leven. Job 2:7 Toen ging de satan uit van het aangezicht des HEEREN, en sloeg Job met boze zweren, van zijn voetzool af tot zijn schedel toe. (SV)
Merk op dat God zich mede verantwoordelijk acht voor wat Job overkomt: "hem te verslinden zonder oorzaak". Iets dergelijks liet God ook aan Zijn mens geworden Zoon gebeuren. Ook als de satan ziek maakt, gaat het niet buiten God om. Job aanvaardt de ellende als komend uit Gods hand (Job 1:21).
Job 1:21  En hij zei: Naakt ben ik uit de buik van mijn moeder gekomen en naakt zal ik daarheen terugkeren. De HEERE heeft gegeven en de HEERE heeft genomen; de Naam van de HEERE zij geloofd! (HSV)
Saul. Koning Saul werd meermalen verschrikt door "een boze geest van Jahweh", d.i. een boze geest die met Gods toestemming de ontrouwe koning schrik aanjoeg.
1Sa 16:14 En de Geest des HEEREN week van Saul; en een boze geest van den HEERE verschrikte hem. 1Sa 16:15  Toen zeiden Sauls knechten tot hem: Zie toch, een boze geest Gods verschrikt u. 1Sa 16:16  Onze heer zegge toch tot uw knechten, die voor uw aangezicht [staan], dat zij een man zoeken, die op de harp spelen kan; en het zal geschieden, als de boze geest Gods op u is, dat hij met zijn hand spele, dat het beter met u worde. (SV)

Een jongen. Na de verheerlijking op de berg werd de Heer Jezus geconfronteerd met een jongen die geplaagd werd door een onreine geest. De Heer bestrafte de onreine geest en maakte het kind gezond.

Lu 9:38  En zie, een man uit de menigte riep de woorden uit: Meester, ik smeek U naar mijn zoon om te kijken, want hij is mijn eniggeborene. Lu 9:39  En zie, een geest grijpt hem en plotseling schreeuwt hij en laat hem stuiptrekken en schuimen, en hij gaat ternauwernood bij hem vandaan als hij hem mishandelt. Lu 9:40  En ik heb uw discipelen gesmeekt dat zij hem zouden uitdrijven en zij konden het niet. Lu 9:41  Jezus nu antwoordde en zei: O ongelovig en verdraaid geslacht, hoe lang zal Ik nog bij u zijn en u verdragen? Breng uw zoon hier. Lu 9:42  En nog terwijl hij naderbij kwam, rukte de demon aan hem en liet hem stuiptrekken. Jezus echter bestrafte de onreine geest, maakte het kind gezond en gaf het aan zijn vader terug. (Telos)

Een vrouw. De Heer genas een vrouw die "een geest van ziekte had" (Luk. 13:11). De satan had haar gebonden. De Heer maakt de band los en verloste haar van haar ziekte.

Lu 13:11  En zie, er was een vrouw die achttien jaar een geest van ziekte had gehad, en zij was kromgebogen en kon zich in het geheel niet oprichten. Lu 13:12  Toen nu Jezus haar zag, riep Hij haar bij Zich en zei tot haar: Vrouw, u bent verlost van uw ziekte. (...)  Lu 13:16  Moest dan deze, die een dochter van Abraham is, die de satan, zie, achttien jaar had gebonden, niet van deze band worden losgemaakt op de sabbatdag? (Telos)

Zinnebeeld

Ziekte is in de Heilige Schrift een zinnebeeld van de zonde, Jes. 1: 6; Jer. 8: 22; 30: 12; Klaagl. 2: 13: Ezech. 34: 4; Matth. 9: 12. Daarom wordt een zondige toestand ook als een ziekte, kwaal, aandoening getekend:
Jes 1:4  Wee het zondige volk, het volk van zware ongerechtigheid, het zaad der boosdoeners, de verdervende kinderen! Zij hebben den HEERE verlaten, zij hebben den Heilige Israëls gelasterd, zij hebben zich vervreemd, wijkende achterwaarts.  Jes 1:5  Waartoe zoudt gij meer geslagen worden? Gij zoudt des afvals des te meer maken; het ganse hoofd is krank, en het ganse hart is mat. Jes 1:6  Van de voetzool af tot het hoofd toe is er niets geheels aan hetzelve; maar wonden, en striemen, en etterbuilen, die niet uitgedrukt noch verbonden zijn, en geen derzelve is met olie verzacht.  Jes 1:7  Uw aardrijk is een verwoesting, uw steden zijn met het vuur verbrand; uw land verteren de vreemden in uw tegenwoordigheid, en een verwoesting is er, ... (SV)

Bewaring

God bewaart de gelovigen voor ziekte, Exod. 15: 26; Deut. 7: 15; Ps. 91:6, 7, 10. Dat doet God echter niet altijd.

Gods doel met een ziekte

Doelen. Hoewel God geen behagen heeft in ziekte, lijden of dood als zodanig, kan hij zulke dingen gebruiken om Zijn doel te bereiken. Doelen kunnen zijn:

  • Bekering, gedragsverandering. Ziekte als tuchtmiddel dient om de getuchtigde mens of groep mensen (natie) tot inkeer, bekering, verandering van gedrag te brengen. Voorbeelden: Saulus (Hand. 9:9-18); Korintische gemeente (1 Cor. 11: 21, 30); Farao (Ex. 9: veepest en zweren), Mirjam (Num. 12:9-15), Asdod, Gath (1 Sam. 5:6, 9).
  • Rechtmatige straf. Ziekte als straf dient om recht te doen, onrecht te vergelden. Voorbeeld: Nabal (1 Sam. 25:37-29), Jezus (Jes. 53:3-10)
  • Openbaring van God: Zijn macht, Zijn werken. Voorbeelden: Mozes' hand (Ex. 4:6-9), blindgeborene (Joh. 9:1-3), zwakheid van Paulus (2 Cor. 4:10-11).
  • Beproeving. Voorbeeld: Job.
  • Veredeling, beschaving van de zieke mens, karaktervorming, vervolmaking. Bijvoorbeeld: gehoorzaamheid (Hebr. 5:8), de ontwikkeling van het vermogen om met anderen mee te lijden (Hebr. 4:15), barmhartigheid (Hebr. 2:17-18), vermeerdering van dankbaarheid (danken ook voor dingen waarvoor men eerder niet dankte).
  • Voorkomen van zonde. Voorbeeld: Paulus' doorn in het vlees ter voorkoming van hoogmoedige zelfverheffing (2 Cor. 12:7-10).
  • Anderen bereiken. Ziekte en de omgang ermee en de behandeling ervan kan leiden tot contacten met hen die behouden, gesterkt of getroost moeten worden.

God kan met een ziekte meerdere doelen beogen.

Doel(en) kennen. Welke doelen God in een zeker geval voor ogen heeft, kunnen wij meestal niet uitmaken. Dat blijkt ook uit de antwoorden van Jobs vrienden. Gods wegen zijn immers onnaspeurlijk. En Hij openbaart niet altijd zijn bijzondere oogmerk.

Ro 11:33  O diepte van rijkdom, zowel van de wijsheid als van de kennis van God! Hoe ondoorgrondelijk zijn zijn oordelen en hoe onnaspeurlijk zijn wegen! (Telos)

Soms echter kan een patiënt verstaan waartoe God een ziekte of kwaal gebruikt, waarmee niet gezegd is dat hij alles dóór heeft. Ons kennen is ten dele (1 Cor. 13).

Mozes' hand. Mozes' hand kon terstond melaats worden en daarna terstond weer gezond worden. Gods doel was om dit tot een teken te stellen, dat geloof in Mozes en in God moest wekken bij de Israëlieten; God wilde hen door Mozes bevrijden uit de slavernij van Egypte.
Ex 4:6  En de HEERE zeide verder tot hem: Steek nu uw hand in uw boezem. En hij stak zijn hand in zijn boezem; daarna trok hij ze uit, en ziet, zijn hand was melaats, [wit] als sneeuw. Ex 4:7  En Hij zeide: Steek uw hand wederom in uw boezem. En hij stak zijn hand wederom in zijn boezem; daarna trok hij ze uit zijn boezem, en ziet, zij was weder als zijn [ander] vlees. Ex 4:8  En het zal geschieden, zo zij u niet geloven, noch naar de stem van het eerste teken horen, zo zullen zij de stem van het laatste teken geloven. Ex 4:9  En het zal geschieden, zo zij ook deze twee tekenen niet geloven, noch naar uw stem horen, zo neem van de wateren der rivier, en giet ze op het droge; zo zullen de wateren, die gij uit de rivier zult nemen, diezelve zullen tot bloed worden op het droge. (SV)

Veepest en zweren. Deze plagen over Egypte (Ex. 9) dienden, met andere plagen, om de loslating van de Israëlieten af te dwingen.

Mirjam. God sloeg Mirjam met melaatsheid omdat zij met Aäron kritiek op Mozes had. Haar melaatsheid duurde zeven dagen en diende om haar te verootmoedigen.

Nu 12:9  Zo ontstak des HEEREN toorn tegen hen, en Hij ging weg.  Nu 12:10  En de wolk week van boven de tent; en ziet, Mirjam was melaats, [wit] als de sneeuw. En Aäron zag Mirjam aan, en ziet, zij was melaats. Nu 12:11  Daarom zeide Aäron tot Mozes: Och, mijn heer! leg toch niet op ons de zonde, waarmede wij zottelijk gedaan, en waarmede wij gezondigd hebben! Nu 12:13  Mozes dan riep tot den HEERE, zeggende: O God! heel haar toch! Nu 12:14  En de HEERE zeide tot Mozes: Zo haar vader smadelijk in haar aangezicht gespogen had, zou zij niet zeven dagen beschaamd zijn? Laat haar zeven dagen buiten het leger gesloten, en daarna aangenomen worden! Nu 12:15  Zo werd Mirjam buiten het leger zeven dagen gesloten; en het volk verreisde niet, totdat Mirjam aangenomen werd. (SV)

Asdod, Gath. God trof de inwoners van Asdod en Gath met gezwellen, omdat de geroofde ark van het verbond daar gebracht was. De ellendige gezwellen moesten de Filistijnen bewegen om de ark af te staan aan de Israëlieten.

1Sa 5:6  En de hand van de HEERE drukte zwaar op de inwoners van Asdod en teisterde hen; Hij trof hen, [namelijk] Asdod en de bijbehorende gebieden, met gezwellen. (...) 1Sa 5:9  En het gebeurde, nadat zij hem overgebracht hadden, dat de hand van de HEERE op de stad drukte en er een zeer grote verwarring [ontstond], want Hij trof de inwoners van die stad van klein tot groot: zij kregen gezwellen. (HSV)

Nabal. God sloeg Nabal dat hij stierf, om hem te vergelden naar zijn kwaad.

1Sa 25:37  Het geschiedde nu in den morgen, toen de wijn van Nabal gegaan was, zo gaf hem zijn huisvrouw die woorden te kennen. Toen bestierf zijn hart in het binnenste van hem, en hij werd als een steen. 1Sa 25:38  En het geschiedde omtrent [na] tien dagen, zo sloeg de HEERE Nabal, dat hij stierf. 1Sa 25:39  Toen David hoorde, dat Nabal dood was, zo zeide hij: Gezegend zij de HEERE, Die den twist mijner smaadheid getwist heeft van de hand van Nabal, en heeft zijn knecht onthouden van het kwade, en [dat] de HEERE het kwaad van Nabal op zijn hoofd heeft doen wederkeren! (SV)
Abia. Abia, de zoon van koning Jerobeam, werd ziek. Daarop ging zijn moeder naar de profeet Ahia om te vernemen hoe het met de jongen zou aflopen. God liet weten dat hij het huis van de goddeloze Jerobeam zou uitroeien. De zoon stierf toen zijn moeder thuiskwam.
1Kon 14:1 In die tijd werd Abia, de zoon van Jerobeam, ziek. (...) 1Kon 14:10  daarom, zie: Ik ga kwaad over het huis van Jerobeam brengen, en Ik zal van Jerobeam alle mannen in Israël uitroeien, zowel de gebondene als de vrije, en Ik zal de nakomelingen van het huis van Jerobeam wegvegen, zoals uitwerpselen worden weggeveegd, totdat het helemaal vergaan is. 1Kon 14:12  En u, sta op, ga naar uw huis. Wanneer uw voeten de stad binnenkomen, zal het kind sterven. 1Kon 14:13  Heel Israël zal rouw over hem bedrijven en hem begraven, want hij zal als enige van Jerobeam in het graf komen, omdat in hem wat goeds voor de HEERE, de God van Israël, in het huis van Jerobeam gevonden is. 1Kon 14:17  Toen stond de vrouw van Jerobeam op, ging [op weg] en kwam te Tirza. Toen zij over de drempel van het huis kwam, stierf de jongen. (HSV)
De jongen moest delen in het noodlot dat het huis van Jerobeam was toegemeten. Echter kreeg hij, in tegenstelling tot andere nakomelingen, een begrafenis, omdat in hem wat goeds gevonden was.

Uzzia. Koning Uzzia werd door God met melaatsheid gestraft omdat hij in de plaats van een priester trad om te reukofferen (2 Kon. 15:5; 2 Kron. 26:19).

Pestziekte. Pestziekte is een van Gods strafoefeningen die onheil brengen.
Eze 14:21  Want alzo zegt de Heere HEERE: Hoeveel te meer als Ik mijn vier boze gerichten, het zwaard, en den honger, en het boze gedierte, en de pestilentie gezonden zal hebben tegen Jeruzalem, om daaruit mensen en beesten uit te roeien! (SV)
Jezus. God maakte de Messias, onze Heer Jezus Christus, ziek (Jes. 53:10). "De plaag" was op hem (Jes. 53:8). Zijn ziek-zijn was deel van de straf die hij aanvaardde omwille van ons zondaars. Zijn plaatsvervangende straf moest ons de vrede aanbrengen.
Jes 53:3  Hij was veracht en van mensen verlaten, een man van smarten en vertrouwd met ziekte, ja, als iemand, voor wie men het gelaat verbergt; hij was veracht en wij hebben hem niet geacht. Jes 53:4  Nochtans, onze ziekten heeft hij op zich genomen, en onze smarten gedragen; wij echter hielden hem voor een geplaagde, een door God geslagene en verdrukte. Jes 53:5  Maar om onze overtredingen werd hij doorboord, om onze ongerechtigheden verbrijzeld; de straf die ons de vrede aanbrengt, was op hem, en door zijn striemen is ons genezing geworden. (...) Jes 53:8  Hij is uit verdrukking en gericht weggenomen, en wie onder zijn tijdgenoten bedacht, dat hij is afgesneden uit het land der levenden? Om de overtreding van mijn volk is de plaag op hem geweest. (...) Jes 53:10 Maar het behaagde de HERE hem te verbrijzelen. Hij maakte hem ziek. Wanneer hij zichzelf ten schuldoffer gesteld zal hebben, zal hij nakomelingen zien en een lang leven hebben en het voornemen des HEREN zal door zijn hand voortgang hebben. (NBG51)
De Heer Jezus heeft zwaar geleden. Aan het kruis werd hij ziek gemaakt en verbrijzeld (vs. 10). Daarom kan Hij ons, wanneer wij lijden en verzocht worden, te hulp komen.
Heb 2:17  Daarom moest Hij in alles aan zijn broeders gelijk worden, opdat Hij een barmhartig en trouw hogepriester zou zijn in de dingen die God betreffen, om voor de zonden van het volk verzoening te doen. Heb 2:18  Want waarin Hijzelf geleden heeft toen Hij verzocht werd, kan Hij hun die verzocht worden te hulp komen. (Telos)
Heb 4:15  Want wij hebben niet een hogepriester die niet met onze zwakheden kan meelijden, maar Een die in alle dingen verzocht is als wij, met uitzondering van de zonde. Heb 4:16  Laten wij dus met vrijmoedigheid naderen tot de troon van de genade, opdat wij barmhartigheid ontvangen en genade vinden tot hulp op de juiste tijd. (Telos)
Jezus heeft 'de gehoorzaamheid geleerd uit wat Hij geleden heeft' (Hebr. 5:8).
Heb 5:7  Hij die tijdens zijn dagen in het vlees met sterk geroep en tranen zowel gebeden als smekingen geofferd heeft aan Hem die Hem uit de dood kon verlossen (en Hij is verhoord om zijn godsvrucht), Heb 5:8  heeft, hoewel Hij Zoon was, de gehoorzaamheid geleerd uit wat Hij geleden heeft; Heb 5:9  en volmaakt geworden is Hij voor allen die Hem gehoorzamen een oorzaak van eeuwige behoudenis geworden, (Telos)
De blindgeborene. De blindgeborene van Joh. 9 was niet blind als gevolg van zonde. Zijn blindheid en de wonderbaarlijke genezing dienden om Gods werken te openbaren.
Joh 9:1 En toen Hij voorbijging, zag Hij een mens, blind van de geboorte af. Joh 9:2  En zijn discipelen vroegen Hem aldus: Rabbi, wie heeft gezondigd, deze of zijn ouders, dat hij blind geboren werd? Joh 9:3  Jezus antwoordde: Noch deze heeft gezondigd, noch zijn ouders; maar de werken van God moeten in hem worden geopenbaard. (Telos)
Saulus' blindheid. Saulus, de latere apostel Paulus, werd blind bij de ontmoeting met de Heer. Zijn tijdelijke blindheid kan als een oordeel worden gezien, maar gaf hem ook gelegenheid om ernstig in zichzelf te keren, tot bezinning te komen en zijn geestelijke blindheid te verstaan, in welke hij de christenen vervolgd had.
Hnd 9:9  En hij kon drie dagen niet zien en hij at en hij dronk niet. (...) Hnd 9:11  En de Heer zei tot hem: Sta op en ga naar de straat, de Rechte geheten, en zoek in het huis van Judas naar iemand van Tarsus, genaamd Saulus; want zie, hij bidt. Hnd 9:12  En hij heeft in een gezicht gezien dat een man, genaamd Ananias, binnenkwam en hem de handen oplegde, opdat hij weer kon zien. (...) Hnd 9:17  Ananias nu ging en kwam het huis binnen; en hij legde hem de handen op en zei: Saul, broeder, de Heer heeft mij gezonden, Jezus, die u verschenen is op de weg waarlangs u kwam, opdat u weer kunt zien en met de Heilige Geest vervuld wordt. Hnd 9:18  En terstond vielen hem als het ware schubben van de ogen en hij kon weer zien; en hij stond op en werd gedoopt. (Telos)

Korinthe. Gelovigen te Korinthe werd ziek als gevolg van wangedrag in de gemeente van God. Er waren misstanden bij de maaltijd van de Heer, zoals dronkenschap (1 Kor. 11:21). "Daarom zijn er onder u velen zwak en ziekelijk en er ontslapen niet weinigen" (1 Kor. 11:30). Ziekte diende in dit geval als tuchtmiddel, als corrigerende tik van Godswege.

Leven van Jezus wordt openbaar. In de tweede brief van Paulus aan de gelovige Korinthiërs schrijft hij over het lijden en de ontberingen die hij en zijn medewerkers moeten doorstaan. Dat lijden had een gunstige uitkomst, een vrucht: het leven van Jezus werd in hen openbaar. Het gaat in deze passage niet over ziekte, maar ook ziekte kan die vrucht tot gevolg hebben.

2Co 4:6  Want de God die gezegd heeft: ‘Uit duisternis zal licht schijnen’, Die heeft geschenen in onze harten tot de lichtglans van de kennis van de heerlijkheid van God in het aangezicht van Jezus Christus.  2Co 4:7  Maar wij hebben deze schat in aarden vaten, opdat de uitnemendheid van de kracht van God is, en niet uit ons:  2Co 4:8  in alles verdrukt, maar niet benauwd; geen uitweg ziende, maar niet geheel zonder uitweg; 2Co 4:9  vervolgd, maar niet verlaten; neergeworpen, maar niet omkomend; 2Co 4:10  altijd het sterven van Jezus in het lichaam omdragend, opdat ook het leven van Jezus in ons lichaam openbaar wordt. 2Co 4:11  Want wij die leven, worden altijd aan de dood overgegeven om Jezus’ wil, opdat ook het leven van Jezus openbaar wordt in ons sterfelijk vlees. 2Co 4:12  De dood werkt dus in ons, maar het leven in u. (Telos)
Paulus' doorn in het vlees. Paulus werd geplaagd door een engel van satan. Dat maakte hem zwak. Maar deze zwakte gaf opening voor Gods kracht. Daarom roemde de apostel zelfs in zwakheden, in noden, benauwdheden. "Want wanneer ik zwak ben, dan ben ik sterk" (2 Cor. 12:10).
2Co 12:7  en opdat ik mij door de uitnemendheid van de openbaringen niet verhef, is mij een doorn voor het vlees gegeven, een engel van satan, om mij met vuisten te slaan, opdat ik mij niet verhef. 2Co 12:8  Hierover heb ik de Heer driemaal gebeden dat hij van mij zou wijken; 2Co 12:9  en Hij zei tot mij: Mijn genade is u genoeg; want de kracht wordt in zwakheid volbracht. Heel graag zal ik dus veeleer roemen in mijn zwakheden, opdat de kracht van Christus op mij woont. 2Co 12:10  Daarom heb ik een welgevallen in zwakheden, in smaadheden, in noden, in vervolgingen en benauwdheden voor Christus; want wanneer ik zwak ben, dan ben ik sterk. (Telos)
Ron Dunn, een Amerikaanse predikant, schreef: "Iets wat steeds meer indruk op me maakt, is dat mensen die ernstig ziek zijn vaak tegen me zeggen dat, wat ze geleerd hebben over God en zichzelf, hun ziek-zijn waard is."[8]

Misvatting. Soms wordt gezegd dat God geen bedoeling met ziekte heeft. Bovenstaande gevallen maken echter duidelijk dat zo'n mening een misvatting is. God gebruikt ziekte en genezing in zijn plan met ons leven.

Houding en bijstand

Job was in zijn worsteling en ziekte onderworpen, Job 2: 10. We moeten God vrezen (ontzag voor hem hebben) en Hem zijn plan met ons leven laten uitwerken, ook al snap wij niets van het puzzelstuk uit Gods plan dat wij hebben ontvangen - een puzzelstuk in de vorm van 'ziekte'[9]. Het is Gods puzzel, het is de puzzel die Hij legt. Hij heeft de regie, hij regeert. Hij, de Almachtige, doet alle dingen meewerken ten goede voor hen die Hem liefhebben.

Hoewel ziekte niet noodzakelijk het gevolg is van een persoonlijke zonde, kan zonde wel de oorzaak zijn. Daarom is het nodig zichzelf te toetsen, een eventuele zonde te erkennen en te belijden, terug te keren tot God en de relatie met Hem te herstellen.
Jak 5:15  En het gebed van het geloof zal de zieke behouden en de Heer zal hem oprichten; en als hij zonden gedaan heeft, zal het hem vergeven worden. Jak 5:16  Belijd dus elkaar de zonden en bidt voor elkaar, opdat u gezond wordt. Een krachtig gebed van een rechtvaardige vermag veel. (Telos)
Ziekte helpt ons om aandacht te schenken aan wat werkelijk van waarde is. Want (ernstige) ziekte noopt je om stil te staan bij de broosheid en eindigheid van het leven op aarde.
Jak 4:13  Komaan dan, u die zegt: Vandaag of morgen zullen wij naar die stad gaan en daar een jaar doorbrengen en handel drijven en winst maken; Jak 4:14  u die niet weet wat morgen gebeuren zal. (Want hoe is uw leven? Want u bent een damp die een korte tijd gezien wordt en daarna verdwijnt) Jak 4:15  In plaats dat u zegt: Als de Heer het wil en wij leven, zullen wij dit of dat doen. (Telos)
De gelovige mag en moet genezing zoeken bij de Heelmeester, de goddelijke Geneesheer.
Ex 15:26  Hij zei: Als u aandachtig luistert naar de stem van de HEERE, uw God, en doet wat juist is in Zijn ogen, als u Zijn geboden gehoorzaamt en al Zijn verordeningen in acht neemt, dan zal Ik geen enkele van de ziekten over u brengen die Ik over Egypte gebracht heb, want Ik ben de HEERE, uw Heelmeester. (HSV)
De gelovigen bidden om genezing, 1 Kon. 8: 37-39 en 2 Kron. 6: 28-30; 2 Kon. 20: 2, 3; Ps. 6:2; Ps. 41:4; Jes. 38: 2, 3; Ps. 6:3; Jer. 17: 14.
Ps 6:2   (3) Wees mij genadig, HEERE, want ik ben verzwakt, genees mij, HEERE, want mijn beenderen zijn verschrikt. (HSV)
Ps 41:4   (5) Ik zei: HEERE, wees mij genadig; genees mijn ziel, want ik heb tegen U gezondigd. (HSV)
De goddelozen daarentegen zoeken God niet in ziekte, 2 Kron. 16: 12; 2 Kon. 1: 2.

Wij mensen zijn geneigd om eerst hulp te zoeken bij aardse middelen die voor de hand liggen, bijvoorbeeld een pijnstiller tegen hoofdpijn, en pas wanneer het lijden ondraaglijk wordt, hulp van Boven.

Belangrijker dan genezing is: Jezus Christus en het zoeken van de wil van God.
Het leven is mij Christus en het sterven gewin. (Fil.1:21)
Wat baat het een mens de gehele wereld te winnen en aan zijn ziel schade te lijden? (Marc.8:36)
Want als wij leven, het is voor de Here, en als wij sterven, het is voor de Here. (Rom.14:8)
Doch zelfs in zijn ziekte zocht Asa geen hulp bij de Here maar bij de heelmeesters. (2 Kron.16:12)
Betrek anderen bij je ziekte, zodat (1) je liefde, steun, voorbede kunt ontvangen en (2) anderen getuige kunnen zijn van wat God in je leven doet[9]. Soms is het tijd om te stoppen met bidden om genezing. Paulus bad driemaal om verlost te worden van "een doorn in het vlees". Daarna antwoordde de Heer hem en hield Paulus op met bidden. Hij kreeg genade om te verdragen.
2Co 12:7  en opdat ik mij door de uitnemendheid van de openbaringen niet verhef, is mij een doorn voor het vlees gegeven, een engel van satan, om mij met vuisten te slaan, opdat ik mij niet verhef. 2Co 12:8  Hierover heb ik de Heer driemaal gebeden dat hij van mij zou wijken; 2Co 12:9  en Hij zei tot mij: Mijn genade is u genoeg; want de kracht wordt in zwakheid volbracht. Heel graag zal ik dus veeleer roemen in mijn zwakheden, opdat de kracht van Christus op mij woont. (Telos)
De ongewenste 'aandoening' hield hem nederig te blijven, gelijk zijn Heer nederig is. Ook maakte zij dat de apostel te meer op Christus vertrouwde, zodat Deze meer zichtbaar werd in Paulus' leven.
1Co 15:10  Maar door de genade van God ben ik wat ik ben; en zijn genade aan mij is niet vergeefs geweest, maar ik heb overvloediger gearbeid dan zij allen; maar niet ik, maar de genade van God met mij. (Telos)

Houding jegens een zieke

God voert zijn plan met ons leven uit, in onze gezondheid en in ons ziek-zijn. Hij doet alle dingen, ook ziekte, meewerken ten goede voor hen die Hem liefhebben.

Hij troost de gelovigen in ziekte, Ps. 41: 4. Pastoraal hulpverlener Jef de Vriese, die te horen kreeg dat hij een vorm van bloedkanker[10] had, wist zich door de Heer bemoedigd door dit vers:
Mt 10:28  En weest niet bang voor hen die het lichaam doden maar de ziel niet kunnen doden, maar weest veeleer bang voor Hem die zowel ziel als lichaam kan verderven in de hel. (Telos)
Wanneer Gods koninkrijk ten volle is gekomen, zullen de volken in dat rijk van heil en vrede (sjalom) genezing ontvangen. Hiertoe strekken de bladeren van de levensboom in het Nieuwe Jeruzalem. De mensen op aarde zullen zeer oud worden. Goddelijke genezingen in onze tijd zijn voortekenen van het koninkrijk der hemelen. Gelovigen. De gelovigen delen in de smart der zieken, Ps. 35: 13. De gelovigen bidden voor de zieken, Hand. 28: 8; Jac. 5: 14, 15.
1Co 12:26 En als een lid lijdt, lijden alle leden mee; en als een lid wordt verheerlijkt, verblijden alle leden zich mee. (TELOS)
De gelovigen bezoeken hen, die met ziekte bezocht zijn, Matth. 25: 36; Hand. 28: 8. De goddelozen bezoeken de zieke broeders van de Heer niet, Matth. 25: 43. De Heer waardeert het bezoek aan een gelovige zieke.
Mt 25:36  naakt en u hebt Mij gekleed; Ik was ziek en u hebt Mij bezocht; Ik was in de gevangenis en u bent bij Mij gekomen. Mt 25:37  Dan zullen de rechtvaardigen Hem antwoorden en zeggen: Heer, (...) wanneer zagen wij U ziek of in de gevangenis en zijn bij U gekomen? Mt 25:40  En de koning zal antwoorden en tot hen zeggen: Voorwaar, Ik zeg u: voor zoveel u het hebt gedaan aan een van de geringsten van deze broeders van mij, hebt u het Mij gedaan. (Telos)
Mt 25:41  Dan zal Hij ook zeggen tot hen die aan zijn linkerhand zijn: Gaat weg van Mij, vervloekten, in het eeuwige vuur dat voor de duivel en zijn engelen is bereid; Mt 25:42  want (...) Ik was een vreemdeling en u hebt Mij niet opgenomen; naakt en u hebt Mij niet gekleed; ziek en in de gevangenis en u hebt Mij niet bezocht. Mt 25:44  Dan zullen ook dezen antwoorden en zeggen: Heer, wanneer zagen wij U hongerig of dorstig of als vreemdeling of naakt of ziek of in de gevangenis, en hebben U niet gediend? Mt 25:45  Dan zal Hij hun antwoorden en zeggen: Voorwaar, Ik zeg u: voor zoveel u het aan een van deze geringsten niet hebt gedaan, hebt u het Mij ook niet gedaan. (Telos)

Toekomst

Ziekte X

In 2018 bedacht de Wereldgezondheidsorganisatie een ziekte, de fictieve Ziekte X (Eng. Disease X) en voegde haar toe aan de lijst van bekende, gevaarlijke besmettelijke ziektes. Hiertegen bestaan nog geen vaccins of medicijnen. Ziekte X staat voor een ziekte die door een nieuwe, onbekende ziekteverwekker ontstaat en daarop wil de Wereldgezondheidsorganisatie voorbereid zijn. Bij de uitbraak van zo'n nieuwe ziekte, die zich wereldwijd verspreid of dreigt te verspreiden, treedt een bijzonder actieplan in werking: de Blauwdruk Onderzoek en Ontwikkeling (Research and Development Blueprint), dit is een internationaal plan voor onderzoek om de ziekte zo snel mogelijk te kunnen bestrijden en verdere verspreiding tegen te gaan. Bij de uitvoering van het plan komt een heel netwerk van organisaties en instellingen wereldwijd in actie: ziekenhuizen, universiteiten, overheidsministeries.

Na de uitbraak van het nieuwe coronavirus 2019-nCoV trad het actieplan in werking.

Eindtijd

In de zware tijd die kort voorafgaat aan het vrederijk van Christus zal de wereld geplaagd worden door epidemische ziekten en aandoeningen zoals zweren. De Heer Jezus heeft voorzegd dat in de tijd de pest zal voorkomen, samen met andere rampen en vreselijke dingen.
Lu 21:10  Toen zei Hij tot hen: Volk zal opstaan tegen volk en koninkrijk tegen koninkrijk. Lu 21:11 En grote aardbevingen en in verschillende plaatsen hongersnoden en pest zullen er zijn, en er zullen vreselijke dingen en grote tekenen van de hemel zijn.
De profeet Habakuk sprak:
Hab 3:3 God kwam van Theman, en de Heilige van den berg Paran. Sela. Zijn heerlijkheid bedekte de hemelen, en het aardrijk was vol van Zijn lof. Hab 3:4 En er was een glans als des lichts, Hij had hoornen aan Zijn hand, en aldaar was Zijn sterkte verborgen. Hab 3:5 Voor Zijn aangezicht ging de pestilentie, en de vurige kool ging voor Zijn voeten henen. Hab 3:6 Hij stond, en mat het land, Hij zag toe, en maakte de heidenen los, en de gedurige bergen zijn verstrooid geworden; de heuvelen der eeuwigheid hebben zich gebogen; de gangen der eeuw zijn Zijne. (SV)
Bij de vierde zegel in het laatste Bijbelboek doden de Dood en de Hades met 'de dood', dat is waarschijnlijk de dodelijke pestziekte.
Opb 6:8  En ik zag en zie, een bleekgroen paard, en hij die erop zat, zijn naam was de dood en de hades volgde hem; en hun werd macht gegeven over het vierde deel van de aarde om te doden met het zwaard en met honger en met de dood en door de wilde dieren van de aarde. (Telos)
Het paard is bleekgroen of vaal (NBG51-vertaling), de kleur van dood en ziekte. Velen lezen voor 'dood' (Grieks: thanatos) 'de pest' (Canisius-vertaling, Leidse vertaling, Willibrord-vertaling, Naardense vertaling)  of 'zwarte dood' (NBG51-vertaling), daar in elk geval drie van de vier strafgerichten (zwaard, honger, wild gedierte) genoemd schijnen te worden (vgl. Ezech. 14: 21). De oude Griekse vertaling (septuagint) neemt In Ezech. 14:21 voor het Hebreeuwse deber (d.i. verderf, zoals de pest) het Griekse woord thanatos = dood. De pest of pestachtige ziekte hier kan veroorzaakt worden door een microbiologisch wapen, een door mensen gekweekt of gevormd virus of bacil. Microbiologische wapens verspreiden virussen, bacteriën of schimmels die zich kunnen vermenigvuldigen in mens, dier of plant. In de laatste tijden vóór de verschijning van Christus komen plagen van de zeven schalen van Gods toorn over de mensen. De Egyptische plagen zijn daarbij als voorbeelden te beschouwen. Bij de eerste schaal komt 'een kwaadaardige en boze zweer aan de mensen die het merkteken van het beest hadden en die zijn beeld aanbaden.'
Opb 16:2  En de eerste ging weg en goot zijn schaal uit op de aarde, en er kwam een kwaadaardige en boze zweer aan de mensen die het merkteken van het beest hadden en die zijn beeld aanbaden. (Telos)
Vergelijk:
Ex 9:10  En zij namen as uit den oven, en stonden voor Farao’s aangezicht; en Mozes strooide die naar den hemel; toen werden er zweren, uitbrekende met blaren, aan de mensen en aan het vee; (SV)
Bij de vijfde schaal lijden de mensen pijn door hun zweren.
Opb 16:10  En de vijfde goot zijn schaal uit op de troon van het beest, en zijn koninkrijk werd verduisterd; en zij kauwden hun tongen van pijn  Opb 16:11  en lasterden de God van de hemel vanwege hun pijnen en vanwege hun zweren, en zij bekeerden zich niet van hun werken. (Telos)
Men kan daarom aannemen dat in de eindtijd de mensheid nog door bijzonder zware, smartelijke pestziekten of andere aandoeningen zal worden bezocht, die misschien ook met de hitte, die dan op de mensen drukt, als hun natuurlijke middeloorzaak samenhangen. Helaas zullen de mensen van de laatste tijd zich evenmin tot bekering laten lijden als de Farao van de uittocht. Iemand in de 19de eeuw merkte op dat in zijn tijd de cholera zo weinig boete heeft gewerkt in de door haar bezochte streken[5].

Zie ook

Genezing | Melaatsheid | Blindheid

Meer weten

Adèle Kamm, Blijmoedig in het lijden. Rotterdam: Bredee, 1912. Derde druk in 1914; pagina:'s 80. Beroemd boekje van een tuberculosepatiënte die het lijden blijmoedig leerde dragen. De schrijfster (1885-1911) ontsliep op 25-jarige leeftijd.  

Ron Dunn, Zal God mij genezen? Over ziekte, geloof en gebed. Gideon: 2004. Pagina's: 230. Evenwichtige Bijbelse benadering van de complexe problematiek. Verscheidene gevallen van genezing en niet-genezing passeren de revue.

12 Ziekte en Genezing. Youtube.com: CIP.nl, 12 sept. 2014. Duur: 4 min. 9 sec. Pastoraal hulpverlener Jef de Vriese, die lijdt aan chronische lymfatische leukemie (een vorm van bloedkanker), spreekt over ziekte en genezing in het licht van de Bijbel.

Ziekte en genezing (Deel 1) – Jef de Vriese – 10 april 2021. Youtube.com: Bijbelschool Filadelfia, 15 apr. 2021. Duur: 49 min. 43 sec. Pastoraal hulpverlener Jef de Vriese, die lijdt aan chronische lymfatische leukemie (een vorm van bloedkanker), spreekt over ziekte en genezing op grond van een Bijbelgetrouwe zienswijze.

Ziekte en genezing: vragensessie (Deel 2) – Jef de Vriese – 10 april 2021. Youtube.com: Bijbelschool Filadelfia, 15 apr. 2021. Duur: 39 min. 51 sec. Jef de Vriese beantwoordt, na de lezing (zie hierboven), vragen uit de zaal.

Jef de Vriese, Ziekte en genezing. Uitgave van het Centrum voor Pastorale Counseling. Pagina's: 40. De auteur is pastoraal hulpverlener en lijdt aan chronische lymfatische leukemie (een vorm van bloedkanker).

Dick Kruijthoff, waarnemend huisarts (anno 2021), doet promotie-onderzoek naar gebedsgenezingen. Hij heeft enkele artikelen gepubliceerd op Researchgate.net.

Engelstalig

S. I. McMillen, David E Stern, None of these diseases. The Bible's health secrets for the 21st century. Fleming H. Revell Company (2 januari 2000). Pagina's: 288.

Sonia Shah, Pandemic: Tracking Contagions from Cholera to Ebola and Beyond (2016). Geschiedenis en wetenschap van besmettelijke ziekten.

Bronnen

H. Zeller, Bijbelsch Woordenboek voor het Christelijke volk. Tweede deel K - Z. ('s Gravenhage: M.J. Visser, 1872) s.v. Krank, krankheid. Tekst van dit lemma is op 18 sept. 2021 onder wijziging verwerkt.

Zakelijk woordenboek des Bijbels (Amsterdam: H. de Hoogh, 1858) s.v. Ziekte. Hieruit is op 13 november 2012 tekst genomen en verwerkt.

De wereld en de race tegen het coronavirus, Youtube.com: NOS op 3, 31 jan. 2020.

Voetnoot

  1. Aldus de definitie van Van Dale's online woordenboek (www.VanDale.nl), nov. 2012.
  2. Genoemd door een informatieve video over het coronavirus: De wereld en de race tegen het coronavirus, Youtube.com: NOS op 3, 31 jan. 2020.
  3. Luther vertaalde met "verzagt": versaagd, moedeloos.
  4. Zie https://etymologiebank.nl/trefwoord/krank
  5. 5,0 5,1 H. Zeller, Bijbelsch Woordenboek voor het Christelijke volk. Tweede deel K - Z. ('s Gravenhage: M.J. Visser, 1872) s.v. Krank, krankheid.
  6. 6,0 6,1 6,2 'Pandemic' Asks: Is A Disease That Will Kill Tens Of Millions Coming?, NPR.org, 22 feb. 2016.
  7. Viroloog Marion Koopmans: ‘Leuk was het niet om op deze manier gelijk te krijgen’. Volkskrant.nl, 19 juni 2020.
  8. Ron Dunn, Zal God mij genezen? Over ziekte, geloof en gebed (Gideon: 2004), blz. 34.
  9. 9,0 9,1 12 Ziekte en Genezing. Youtube.com: CIP.nl, 12 sept. 2014. Duur: 4 min. 9 sec. Pastoraal hulpverlener Jef de Vriese, die lijdt aan chronische lymfatische leukemie (een vorm van bloedkanker), spreekt over ziekte en genezing op grond van een Bijbelgetrouwe zienswijze.  
  10. Chronische lymfatische leukemie