Amalek

Uit Christipedia

Amalek is de naam van een kleinzoon van Ezau, de broer van Jakob (Israël), en van het volk der Amalekieten, de nakomelingen van Amalek. Het volk van Amalek was de aartsvijand van Israël in de tijd van het boek Exodus.

Amalek is een zoon van Elifaz, een kleinzoon van Ezau en een achterkleinkind van Izak.

Ge 36:12 En Timna was een bijwijf van Elifaz, den zoon van Ezau, en zij baarde aan Elifaz Amalek; dit zijn de zonen van Ada, Ezau’s huisvrouw. (SV)

Afkomst van Amalek

De Amalekieten waren verwant aan Israël, hun broedervolk. Zij waren nomaden en woonden vooral in het Zuiderland, het noordelijke deel van het Sinaï-schiereiland. De twaalf verspieders die Kanaän hadden verkend, noemden in hun relaas de streken waar sommige van die volken woonden: 

Nu 13:29 In het Zuiderland woont Amalek, in het bergland [wonen] de Hethieten, de Jebusieten en de Amorieten, aan de zee en aan de oever van de Jordaan wonen de Kanaänieten. (HSV)

De vorige bewoners van hun land werden ten tijde van Abram onderworpen door de Elamitische koning Kedorlaomer en zijn bondgenoten. Want van dezen wordt bericht: 

Ge 14:7 Daarna keerden zij terug en kwamen te En-mispat, dat is Kades, en sloegen het gehele gebied van de Amalekieten, en ook de Amorieten, die te Chaseson-tamar woonden. (NBG51)

Merk op dat er niet staat 'sloegen de Amalekieten', maar 'sloegen het gehele gebied van de Amalekieten'. De Statenvertaling heeft 'land van der Amalekieten'. De Amalekieten waren de latere bewoners. 

Woonplaats van de Amalekieten in de Negev-woestijn.

Een maand na de uittocht van Israël vielen de Amalekieten Israël in de rug aan. Ze waren de eerste vijand dien de Israëlieten in de woestijn tegenkwamen. 

De 25:18 Hoe hij u op den weg ontmoette, en sloeg onder u in den staart al de zwakken achter u, als gij moede en mat waart; en hij vreesde God niet. (SV)

Strijd tegen Amalek. Links bovenop de heuvel staat Mozes, ondersteund door Jozua en Hur.

De slag met Amalek vond plaats in Rafidim

Ex 17:8  Toen kwam Amalek en streed tegen Israel in Rafidim. Ex 17:9 Mozes dan zeide tot Jozua: Kies ons mannen, en trek uit, strijd tegen Amalek; morgen zal ik op de hoogte des heuvels staan, en de staf Gods zal in mijn hand zijn. Ex 17:10 Jozua nu deed, als Mozes hem gezegd had, strijdende tegen Amalek; doch Mozes, Aaron en Hur klommen op de hoogte des heuvels. Ex 17:11 En het geschiedde, terwijl Mozes zijn hand ophief, zo was Israël de sterkste; maar terwijl hij zijn hand nederliet, zo was Amalek de sterkste. Ex 17:13 Alzo dat Jozua Amalek en zijn volk krenkte, door de scherpte des zwaards. Ex 17:14 Toen zeide de HEERE tot Mozes: Schrijf dit ter gedachtenis in een boek, en leg het in de oren van Jozua, dat Ik de gedachtenis van Amalek geheel uitdelgen zal van onder den hemel. Ex 17:16 En hij zeide: Dewijl de hand op den troon des HEEREN is, zo zal de oorlog des HEEREN tegen Amalek zijn, van geslacht tot geslacht! (SV)

De ziener Bileam profeteerde: 

Nu 24:20 Toen hij Amalek zag, hief hij zijn spreuk aan en zeide: Eerste der volken is Amalek, maar zijn einde zal ondergang zijn. (NBG51)

Nadat Israël zich in het beloofde land gevestigd had, ten tijde van de Richteren, trokken de Amalekieten vaak Israël binnen om te plunderen. Vele eeuwen lang waren het vijanden van Israël. 

Haman, de Jodenhater in Perzië die Israël wilde uitroeien, stamde waarschijnlijk van een Amalekitische koning af. Hij wordt de Agagiet genoemd. 'Agag' was de titel van koningen van Amalek. 

Zinnebeeld van het vlees

Veel bijbeluitleggers zien in Amalek een zinnebeeld van het vlees, de zondige aard (oude natuur) van gelovigen. De strijd tussen Amalek en Israël is te vergelijken met de strijd die tegen het vlees. De gelovigen zijn nog maar net uit Egypte (=de wereld), hebben geestelijke drank gedronken (=Heilige Geest ontvangen) of ze krijgen te maken met Amalek (= het vlees), dat ze op in hun zwakke plekken te pakken neemt. Zolang Mozes de staf Gods ophief waren de Israëlieten aan de winnende hand. Zolang wij het oog houden op de Heer Jezus, op God onze banier,  winnen we de strijd tegen het vlees. De strijd tegen Amalek duurde tot zonsondergang, de strijd van de inwonende Geest tegen het vlees duurt tot de avond van ons leven, het is een gedurige strijd tot het einde van ons aardse bestaan (vgl. 17:16).

Bronnen

Onder meer:

  • Encyclopedie van de Bijbel, 1978-1980 Lion Publishing, Kok Voorhoeve.
  • Bijbels Theologische Encyclopedie ed. 2008