Judas (apostel)

Uit Christipedia
De apostel Judas Thaddeüs. Schilderij door de Vlaamse schilder Antoon van Dyck (ca. 1616).
Judas was een van de 12 apostelen van de Heer Jezus, die ook de namen van Thaddeüs en Lebbeüs voerde.
Lu 6:13 En toen het dag was geworden, riep Hij zijn discipelen bij Zich en koos er twaalf van hen uit, die Hij ook apostelen noemde: Lu 6:14 Simon, die Hij ook Petrus noemde, en zijn broer Andreas, Jakobus, Johannes, Filippus, Bartholomeus, Lu 6:15 Mattheus, Thomas, Jakobus, de zoon van Alfeus, Simon, bijgenaamd de Zeloot, Judas, [de broer] van Jakobus, Lu 6:16 en Judas Iskariot, die de verrader is geworden. (Telos)
In het Grieks van het Nieuwe Testament luidt zijn naam ‘Ιουδας Iou’das, de Griekse vorm van de Hebreeuwse eigennaam Juda (= ‘Godlof’). Hij was waarschijnlijk niet de broeder, maar de zoon van een, ons onbekende, Jakobus. In het Grieks staat er letterlijk ‘Judas van Jakobus’. De Statenvertaling heeft dan ook ‘Judas Jakobi’, d.i. Judas van Jakob:
Lu 6:16 Judas Jakobi, en Judas Iskariot, die ook de verrader geworden is. (SV)
Hij moet niet verward worden met de eveneens tot apostel geroepen Judas Iskariot, die Jezus heeft verraden. Johannes duidt hem aan als 'Judas, niet de Iskariot' (Joh. 14:22). Ons is niets afzonderlijks van Judas met zekerheid bekend, behalve hetgeen wij in Joh. 14:22 van hem lezen. Daar stelt hij aan de Heer Jezus  de volgende vraag:
Joh 14:22 Judas, niet de Iskariot, zei tot Hem: Heer, en hoe komt het dat U Zichzelf aan ons zult openbaren en niet aan de wereld? (Telos)
Volgens velen is hij de schrijver van de nieuwtestamentische brief van Judas. Deze Judas noemt zich 'broer van Jakobus'.
Jds 1:1 Judas, slaaf van Jezus Christus en broer van Jakobus, aan de geroepenen die in God de Vader geliefd en in Jezus Christus bewaard zijn: (Telos)

Bron

P.J. Gouda Quint, Woordenboek des Bijbels, inzonderheid ten gebruike bij de Statenvertaling. Haarlem: De erven F. Bohn, 1866. Tekst van het lemma 'Judas', lid 3, is op 8 aug. 2015 verwerkt.