Kuis

Uit Christipedia

Kuis is een woord dat onder meer betekent: “rein van zeden, zowel in de zin van ongerept, maagdelijk, als van ingetogen, zich onthoudend van zinnelijk genot, gezind dat te mijden.” Synoniemen: eerbaar, pudiek, zedig. Men spreekt van ‘kuise gedachten, gebaren, woorden, kleding’, d.w.z. kleding, woorden enz. in kuisheid gegrond.

Herkomst van het woord. 'Kuis' komt van het Latijnse Castus, 'kuisheid' is afgeleid van het Latijnse Castitas. Kuis betekent oorspronkelijk rein, schoon, zuiver, zindelijk, proper[1]. Kuisen is in het Vlaams een gangbaar woord voor schoonmaken[1].

'Preuts'. Overdrijft men in kuisheid, dan is men ‘preuts’: overzedig, gemaakt eerbaar.[2]

Grieks 'Hagnos'. De apostel Petrus zegt dat ongelovige mannen zonder woord gewonnen kunnen worden door de kuise wandel in vrees van hun vrouwen.
1Pe 3:1 Evenzo, vrouwen, weest aan uw eigen mannen onderdanig, opdat, ook als sommigen ongehoorzaam zijn aan het woord, zij door de wandel van hun vrouwen zonder woord gewonnen worden, 1Pe 3:2  wanneer zij uw kuise wandel in vrees hebben opgemerkt. (Telos)
Het Griekse bijvoeglijke naamwoord gebruikt in 1 Petr. 3:1 is αγνος, hagnos. Het heeft twee hoofdbetekenissen[3]:

1. eerbied opwekkend, eerbiedwaardig, heilig.

2. rein. Dit 'rein' kan betekenen: a) rein van vleselijkheid, kuis, ingetogen; b) rein van iedere schuld, vlekkeloos; c) zuiver.

Het strongnummer is 53. Het woord hagnos komt 8x voor in het Nieuwe Testament; behalve in 1 Petr. 3:2 ook in de volgende verzen.

De Heer Jezus is rein. Daarom moeten wij, die Hem toebehoren, ook rein zijn.
1Jo 3:3  En ieder die deze hoop op Hem heeft, reinigt zich zoals Hij rein is. (Telos)
De apostel Paulus wenste de Korintische gemeente als een reine maagd voor Christus te stellen.
2Co 11:2  Want ik ben naijverig over u met een naijver van God; want ik heb u aan een man verloofd om u als een reine maagd voor Christus te stellen. (Telos)
De wijsheid die God schenkt is in de eerste plaats rein: blijkt uit zedelijke reinheid.
Jak 3:17  Maar de wijsheid die van boven is, is in de eerste plaats rein, vervolgens vreedzaam, inschikkelijk, gezeglijk, vol barmhartigheid en goede vruchten, onpartijdig, ongeveinsd. (Telos)
Dezelfde apostel vermaant ons te bedenken al wat rein is.
Flp 4:8  Overigens, broeders, al wat waar, al wat eerzaam, al wat rechtvaardig, al wat rein, al wat beminnelijk, al wat welluidend is, als er enige deugd en als er enige lof is, bedenkt dat. (Telos)
Timotheüs wordt door Paulus vermaand zich rein te houden ten opzichte van de zonden van anderen.
1Ti 5:22  Leg niemand snel de handen op en heb geen gemeenschap met de zonden van anderen; houd je rein. (Telos)
Kuisheid is een deugd die jonge gelovige vrouwen hebben te beoefenen.
Tit 2:3  de oude vrouwen eveneens in hun gedrag zoals het heiligen past, niet kwaadsprekend, niet verslaafd aan veel wijn, leraressen van het goede, Tit 2:4  opdat zij de jonge vrouwen inscherpen hun mannen en kinderen lief te hebben, Tit 2:5  ingetogen te zijn, kuis, huishoudelijk, goed, aan hun eigen mannen onderdanig, opdat het woord van God niet gelasterd wordt. Tit 2:5 ingetogen te zijn, kuis, huishoudelijk, goed, aan hun eigen mannen onderdanig, opdat het woord van God niet gelasterd wordt. (Telos)
In de zaak van seksuele ontucht in hun gemeente bewezen de Korinthische gelovigen bewezen zelf 'rein' te zijn
2Co 7:11  Want zie, juist doordat u bedroefd bent geworden in overeenstemming met God, wat een bereidwilligheid heeft het bij u bewerkt, ja zelfs verontschuldiging, zelfs verontwaardiging, zelfs vrees, zelfs vurig verlangen, zelfs ijver, zelfs bestraffing. In alles hebt u bewezen zelf rein te zijn in deze zaak. (Telos)
De NBG51-vertaling heeft hier 'zuiver'.

Deugd

Kuisheid is een deugd die gelovige vrouwen hebben te beoefenen. Een kuise wandel siert een vrouw, maakt haar zedelijk aantrekkelijk.
Tit 2:3  de oude vrouwen eveneens in hun gedrag zoals het heiligen past, niet kwaadsprekend, niet verslaafd aan veel wijn, leraressen van het goede, Tit 2:4  opdat zij de jonge vrouwen inscherpen hun mannen en kinderen lief te hebben, Tit 2:5  ingetogen te zijn, kuis, huishoudelijk, goed, aan hun eigen mannen onderdanig, opdat het woord van God niet gelasterd wordt. Tit 2:5 ingetogen te zijn, kuis, huishoudelijk, goed, aan hun eigen mannen onderdanig, opdat het woord van God niet gelasterd wordt. (Telos)
1Pe 3:1 Evenzo, vrouwen, weest aan uw eigen mannen onderdanig, opdat, ook als sommigen ongehoorzaam zijn aan het woord, zij door de wandel van hun vrouwen zonder woord gewonnen worden, 1Pe 3:2  wanneer zij uw kuise wandel in vrees hebben opgemerkt. (Telos)
De eis van kuisheid en reinheid geldt vanzelfsprekend ook gelovige mannen.

Bron

Van Dale's Groot woordenboek der Nederlandse taal (13e uitgave), digitale versie 1.0 Plus, jaar 2000.nl

Voetnoten

  1. 1,0 1,1 Zie http://nl.wikipedia.org/wiki/Onkuisheid
  2. Van Dale's Groot woordenboek der Nederlandse taal (13e uitgave), digitale versie 1.0 Plus, jaar 2000.nl
  3. Grieks-Nederlands Lexicon, onderdeel van de Online Bible, een uitgave van Importantia.