Jakobus 5

Uit Christipedia
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Jakobus 5 van de Brief van Jakobus wordt hieronder samengevat en/of becommentarieerd.

Samenvatting

1-6 Wee over u, rijken! U onthoudt de arbeiders hun loon en veroordeelt en doodt de rechtvaardige. 7-11 Hebt geduld tot de komst van de Heer, de Rechter, die voor de deur staat. 12 Zweert niet en laat uw ja ja en uw nee nee zijn. 13-18 Bidden voor een zieke. 19-20 Terechtbrengen van een broeder die van de waarheid afdwaalt.

1

Jak 5:1  Komaan dan, rijken, weent en jammert over de ellende die u zal overkomen. (Telos)

Komaan dan. Zie 4:13.

Rijken. De vorige verzen waren gericht tot hen die hoogmoedig in hun voornemen waren om winst te maken. Nu richt Jakobus zich tot rijken die hun arbeiders uitbuiten.

3

Jak 5:3  Uw goud en zilver is verroest en hun roest zal tot een getuigenis tegen u zijn en uw vlees als een vuur verteren. U hebt schatten verzameld in de laatste dagen. (Telos)

Uw goud en zilver is verroest en hun roest zal tot een getuigenis tegen u. Uw goud en zilver, waaraan u kleeft, zal u zijn tot een getuigenis van hetgeen uw eigen lot zal zijn, namelijk het verderf.

En uw vlees als een vuur verteren. Uw vlees, dat u zozeer met allerlei overdaad heeft verzorgd (vs. 5).

Ps 21:9  (21-10) Gij zult hen zetten als een vurige oven ter tijd uws [toornigen] aangezichts; de HEERE zal hen in Zijn toorn verslinden, en het vuur zal hen verteren. (SV)

U hebt schatten verzameld in de laatste dagen. Dagen, waarin aan de ene zijde u een eeuwig heil werd aangeboden (Hebr.1:2 vv.), dat u echter versmaad heeft en aan de andere zijde het einde van alle dingen u zo voor ogen stond, waaraan u echter geen geloof heeft willen slaan (2 Petr.3:3 vv.).

2Pe 3:3  Weet dit eerst, dat er in het laatst van de dagen spotters met spotternij zullen komen, die naar hun eigen begeerten wandelen (Telos)

7

Jak 5:7  Hebt dan geduld, broeders, tot de komst van de Heer. Zie, de landman wacht op de kostelijke vrucht van het land en heeft er geduld mee, totdat deze de vroege en late regen ontvangt. (Telos)

Hebt dan geduld, broeders, tot de komst van de Heer. Zie ook vs. 8, 10.

Late regen. Misschien de wereldwijde verkondiging en verspreiding van Gods woord met inzet van allerlei middelen (lectuur, radio, internet).

9

Jak 5:9  Zucht niet tegen elkaar, broeders, opdat u niet geoordeeld wordt. Zie, de Rechter staat voor de deur. (Telos)

Zucht niet tegen elkaar broeders, opdat u niet geoordeeld wordt. Zie 4:11v.

De Rechter. Zie 4:12.

Jak 4:12  Een is de Wetgever en Rechter, Hij die kan behouden en verderven. Maar wie bent u dat u uw naaste oordeelt? (Telos)

10

Jak 5:10  Broeders, neemt als voorbeeld van het lijden en het geduld de profeten, die in de naam van de Heer gesproken hebben. (Telos)

Geduld. Zie vs. 7-8.

12

Jak 5:12 Voor alles echter, mijn broeders, zweert niet, noch bij de hemel noch bij de aarde, noch enige andere eed. Maar laat uw ja ja en uw nee nee zijn, opdat u niet onder een oordeel valt. (Telos)

Onder een oordeel valt. Over oordeel spreekt ook vs. 9: "opdat u niet geoordeeld wordt. Zie, de Rechter staat voor de deur."

14-18 Wanneer iemand ziek is

14

Jak 5:14 Is iemand onder u ziek? Laat hij de oudsten van de gemeente bij zich roepen en laten zij over hem bidden en hem zalven met olie in de naam van de Heer. (Telos)

Hem zalven. Andere vertalingen:

Naardense Bijbelvertaling: Jak 5:14 Is iemand bij u ziek, laat hij de oudsten van de vergadering tot zich roepen en laten zij een gebed over hem bidden, hem met olie zalvend in de naam van de Heer.

Young's Literal Translation: Jas 5:14 is any infirm among you? let him call for the elders of the assembly, and let them pray over him, having anointed him with oil, in the name of the Lord,

Rotherham: Jas 5:14 Sick, is any among you? Let him call unto him the elders of the assembly, and let them pray for him, anointing him with oil in the name [[of the Lord]]; ––

Darby: Jas 5:14 Is any sick among you? let him call to [him] the elders of the assembly, and let them pray over him, anointing him with oil in the name of [the] Lord;

Olie. De twaalven, die door de Heer twee aan twee waren uitgezonden, "zalfden vele zieken met olie en genazen hen" (Mark. 6:13)

Mr 6:12  En zij vertrokken en predikten dat men zich moest bekeren, Mr 6:13  en zij dreven vele demonen uit en zalfden vele zieken met olie en genazen hen. (Telos)

Voor Joden was dit een bekend geneesmiddel voor opgelopen letsel. Een voorbeeld van de toepassing vinden we in de gelijkenis van de barmhartige Samaritaan, die de wonden van mishandelde en beroofde man met olie behandelde (Luk. 10:34).

Lu 10:34  En hij ging naar hem toe, verbond zijn wonden, terwijl hij daar olie en wijn op goot, zette hem op zijn eigen rijdier, bracht hem naar een herberg en verzorgde hem. (Telos)

In Jak. 5 en Mark 6:13 is sprake van zieke en daarmee van ziekte in algemene zin, niet van letsel. Met olie werden oudtijds in Israël ook gezalfd, te weten bij hun wijding: priesters, koningen en profeten. Deze zalving had een symbolische betekenis.

Bij Jakobus wordt de genezing van de zieken toegeschreven aan het gebed van het geloof, in Mk 6:13 aan de buitengewone macht van de apostelen door het zalven met olie, hoewel het zijn kan dat de genezing in het ene geval even wonderdadig gebeurde als in het andere.

Waarom zalven met olie? Daarop zijn verschillende antwoorden gegeven.

  • "Symbolische handeling". "Bij de zalving van een zieke met olie moeten we niet denken aan het aanbrengen van een geneesmiddel, zoals wel het geval is in Luk.10: 34 maar aan een symbolische handeling waarbij de olie een beeld is van de Heilige Geest. De zin kan dan zijn dat symbolisch uitgedrukt wordt dat de Heilige Geest de patiënt 1) ertoe brengt zijn zonden te belijden en/of 2) dat de Geest kracht geeft voor de genezing"[1].
  • “Medium voor bovennatuurlijke geneeskracht”. Het zalven met olie “diende niet als een zelfstandig geneesmiddel, maar alleen tot mededeling van de bovennatuurlijke geneeskrachten waarmee de discipelen waren toegerust. Zo moet ook de plaats Jak.5:14 v. worden opgevat, waar de gelovigen bij ziekten in plaats van op de twijfelachtige kennis van de geneesmeesters, gewezen worden op de goddelijke gaven die in de gemeente werkzaam zijn en op de krachten tot genezing van de zieken en op het gebed (1 Kor.12:9,28,30).”[2]
  • "Natuurlijk geneesmiddel en symbool van geneeskrachtig gebed." "De zalving met olie daarentegen die Jakobus de ouderlingen aanbeveelt bij het verzorgen van de zieken komt voor als een vereniging van het natuurlijke geneesmiddel met de daardoor tevens gesymboliseerde geneeskracht van het gebed." (P. Lange)[3]
  • Laatste oliesel (rooms katholicisme). De Rooms-Katholieke Kerk heeft het sacrament van het laatste oliesel, dat wordt toegediend aan mensen die op sterven liggen en dat dient tot vergeving van zonden en behoudenis van de zielen. De olie door de apostelen gebruikt werd bij zieken en tot herstel van de lichamelijke gezondheid. Uit de Bijbelse passages van Mk. 6:13 en Jak. 5: 14-16 kan niets besloten worden ten voordele van het rooms-katholieke sacrament van het laatste oliesel.

15

Jak 5:15  En het gebed van het geloof zal de zieke behouden en de Heer zal hem oprichten; en als hij zonden gedaan heeft, zal het hem vergeven worden. (Telos)

Het gebed van het geloof. Dat de ouderlingen doen, in het geloof dat God de zieke zal genezen. Vergelijk:

Jak 1:5  Als nu aan iemand van u wijsheid ontbreekt, laat hij die aan God vragen, die aan allen mild en zonder verwijt geeft en zij zal hem gegeven worden. Jak 1:6  Laat hij echter vragen in geloof, geheel zonder te twijfelen. Want wie twijfelt, is gelijk aan een golf van de zee, die door de wind voortgedreven en opgejaagd wordt. Jak 1:7  Want laat die mens niet menen dat hij iets van de Heer zal ontvangen; Jak 1:8  hij is een wankelmoedig man, onberekenbaar in al zijn wegen. (Telos)

Behouden. Vgl. "opdat u gezond wordt" in vs. 16.

16

Jak 5:16  Belijd dus elkaar de zonden en bidt voor elkaar, opdat u gezond wordt. Een krachtig gebed van een rechtvaardige vermag veel. (Telos)

Opdat u gezond wordt. Zie vs. 15: "behouden".

18

Jak 5:18  En hij bad opnieuw, en de hemel gaf regen en de aarde bracht haar vrucht voort. (Telos)

De aarde bracht haar vrucht voort. Zie ook vers 7.

Ge 1:11  En God zei: Laat de aarde groen doen opkomen, zaaddragend gewas, vruchtbomen, die naar hun soort vrucht dragen, waarin hun zaad is op de aarde! En het was zo.    Ge 1:12  En de aarde bracht groen voort, zaaddragend gewas naar zijn soort en bomen die vrucht dragen waarin hun zaad is, naar hun soort. En God zag dat het goed was. (HSV)

14-18 Nabeschouwing

Sommige uitleggers stellen dat Jakobus' voorschrift slechts geldt in de tijd van het boek Handelingen, welke tijd een overgangsperiode is die eindigt met de verwerping van het evangelie door de Joden te Rome (Hand. 28:23-28)[4].

Sommige uitleggers stellen dat de voorschriften van Jak. 5: 14-20 geschreven zijn aan Joden, niet aan gelovigen in Christus. Argumenten van hen zijn deze[4]:

  • Jakobus schreef "aan de twaalf stammen in de verstrooiing". Die twaalf stammen zijn Joden, niet gelovigen in Christus;
  • het zalven met olie is een Joods gebruik; gelovigen daarentegen zijn gezalfd met de Heilige Geest;
  • Jakobus' voorschrift heeft niets vergelijkbaars in de brieven van Paulus, de apostel van de heidenen, die ook melding maakt van zieke gelovigen.

Deze uitleggingen zijn omstreden.

Geldt alleen bij ziekte als gevolg van zonde? Gaat het in de passage alleen om ziekte als gevolg van zonde? Antwoorden[5]:

Antwoord 1: nee, ziekte kan weliswaar een gevolg van zonde zijn, maar Jakobus doelt niet uitsluitend op dit soort gevallen.

Argument 1.a: "en als hij zonden gedaan heeft" wordt geopperd als een mogelijkheid, niet als een vanzelfsprekendheid.

Argument 1.b: "en als hij zonden gedaan heeft" en "belijd dus elkaar de zonden" worden pas genoemd na "en de Heer zal hem oprichten". Na het algemene voorschrift wordt er een nadere aanwijzing gegeven in het geval de ziekte het gevolg is van persoonlijke zonde.

Antwoord 2: ja, Jakobus doelt uitsluiting op ziekte als gevolg persoonlijke zonde.

Argumenten:

2.a. "Belijdt elkaar dus de zonden" staat in vs. 16 voorop. Belijdenis van zonde is een voorwaarde voor genezing van de zieke, die gezondigd heeft.

2.b. De ziekte moet niet een willekeurige gelovige vragen, maar de ouderlingen van de gemeente. Dat is begrijpelijk als iemand gezondigd heeft, omdat er dan ook herstel van de onderlinge verhouding moet plaatsvinden.

2.c. Jakobus spreekt met zekerheid over de genezing van de zieke. Dat is begrijpelijk als de ziekte veroorzaakt is door zonde en blijft bestaan zolang de zonde niet is beleden. Als de zonde is beleden, zal God genezing schenken.

2.d. Het krachtige gebed van Elia, dat als voorbeeld wordt gegeven, had te maken met de rampzalige droogte als gevolg van Israëls zonde. Zo heeft ook de voorbede van de ouderlingen betrekking op een ziekte die gevolg is van de zonde begaan door de zieke.

19

Jak 5:19  Mijn broeders, als iemand onder u van de waarheid afdwaalt en iemand brengt hem terug, (Telos)

Mijn broeders. Komt 8x voor in de brief: Jak. 1:2; 2:1; 2:14; 3:1, 10, 12; 5:12, 19.

Andere hoofdstukken

De volgende hoofdstukken van de Brief van Jakobus zijn op Christipedia samengevat en/of passages ervan becommentarieerd:

Jakobus 1, Jakobus 2, Jakobus 3, Jakobus 4, Jakobus 5.

Bron

Karl August Dächsel; F. P. L. C. van Lingen; H. van Griethuijsen, Antz. et al, Bijbel, of De geheele Heilige Schrift, bevattende al de kanonieke boeken van het Oude en Nieuwe Testament (volgens de Staten-overzetting): met in den tekst ingelaschte verklaringen en aanmerkingen van de beroemdste godgeleerden uit alle tijden (Kampen: Bos, 1893-1901), commentaar op Mark. 6:13. Enige tekst hiervan is onder wijziging verwerkt op 20 sept. 2021 in het commentaar op Jak. 5:14.

Voetnoten

  1. Jaap Fijnvandraat, Ziekte en genezing, op: JaapFijnvandraat.nl, zonder jaar.
  2. Karl August Dächsel; F. P. L. C. van Lingen; H. van Griethuijsen, Antz. et al, Bijbel, of De geheele Heilige Schrift, bevattende al de kanonieke boeken van het Oude en Nieuwe Testament (volgens de Staten-overzetting): met in den tekst ingelaschte verklaringen en aanmerkingen van de beroemdste godgeleerden uit alle tijden (Kampen: Bos, 1893-1901), commentaar op Mark. 6:13.
  3. Aangehaald in Karl August Dächsel; F. P. L. C. van Lingen; H. van Griethuijsen, Antz. et al, Bijbel, of De geheele Heilige Schrift, bevattende al de kanonieke boeken van het Oude en Nieuwe Testament (volgens de Staten-overzetting): met in den tekst ingelaschte verklaringen en aanmerkingen van de beroemdste godgeleerden uit alle tijden (Kampen: Bos, 1893-1901).
  4. 4,0 4,1 Van de uitleg worden melding gemaakt door Jaap Fijnvandraat, Ziekte en genezing, op: JaapFijnvandraat.nl, zonder jaar.
  5. Van de antwoorden en hun argumenten wordt melding gemaakt door Jaap Fijnvandraat, Ziekte en genezing, op: JaapFijnvandraat.nl, zonder jaar.