Schaapspoort

Uit Christipedia
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

De Schaapspoort was een poort van de stad Jeruzalem. Zij was dicht bij de tempel, ten tijde van Nehemia aan de noordzijde van de stad. Zij werd de Schaapspoort genaamd, omdat de schapen tot de offerdienst geschikt, door deze poort de stad werden ingevoerd.

Het gebruik van de poort is misschien de reden geweest waarom de priesters ten tijde van Nehemia dit gedeelte van het werk der herbouwing van Jeruzalems muren op zich genomen hebben (Neh. 3:1).

De plaats van de Schaapspoort ten noorden van de tempel
Jeruzalem poorten legenda.jpg

Ne 3:1 Toen stonden Eljasib, de hogepriester, en zijn broeders, de priesters, op en herbouwden de Schaapspoort. Zij heiligden die en plaatsten de deuren ervan. Tot aan de Honderdtoren heiligden ze hem, tot aan de Hananeëltoren. (HSV)

Jeruzalem Poorten Nehemia12.jpg

In de 19e eeuw nog dreven de Bedoeïnen door de latere (nabijgelegen) Stefanuspoort (zie kaart boven) hun schapen, die zij te verkopen hebben, in de stad.

De priesters heiligden de Schaapspoort, d.i. ze wijdden ze plechtig in, zodra zij met het bouwen gereed waren, en richtten haar deuren op; ja, zij heiligden ze tot aan de toren Mea (=honderd). Zij inwijdden ze als de eersteling van de verdere poorten en muren. De heiliging of inwijding van de gehelen stadsmuur volgde pas later, zoals in Neh. 12:27  vermeld wordt. Hier werd de bouw geheiligd.

Vanaf de Meatoren bouwden zij nog een goed gedeelte verder in noordelijke richting, tot aan de toren Hananeël, aan de noordkant van de stad.

Meer weten

Dato Steenhuis, Zij herbouwden de Schaapspoort, in: "Bode des Heils in Christus", jaargang 132 (1989).

Bron

Karl August Dächsel; F P L C van Lingen; H van Griethuijsen, Antz. et al, Bijbel, of De geheele Heilige Schrift, bevattende al de kanonieke boeken van het Oude en Nieuwe Testament (volgens de Staten-overzetting) (Kampen: Bos, 1893-1901), commentaar op Neh. 3:1. Enige tekst hiervan is verwerkt op 15 april 2016.