Bruiloft

Uit Christipedia

Een bruiloft is een trouwfeest. In Israël duurde dat zeven dagen. De 'bruiloft van het Lam' (of 'bruiloft des Lams' in oudere bijbelvertalingen) is het trouw- of huwelijksfeest van de Zoon van God met Zijn vrouw, dat is Zijn gemeente (Opb. 19:7-9).

Het woord "bruiloft" heeft twee betekenissen[1]

  1. trouwfeest (synoniem: huwelijksfeest)
  2. gedenkfeest van een huwelijk. In Nederland is een zilveren bruiloft het gedenkfeest van een 25-jarig huwelijk. Een gouden bruiloft is na 50 jaar huwelijk. 

Oude Israël

Verloving. Aan de bruiloft in het oude Israël ging de verloving vooraf. Voor de verloving vertrok de bruidegom van het huis van zijn vader naar het huis waar zijn toekomstige bruid woonde. Daar betaalde hij de bruidsschat. Op deze wijze werd het huwelijksverbond gesloten.

Woning bereiden. Nadat het huwelijksverbond gesloten was, keerde de bruidegom terug naar het huis van zijn vader. Daar bereidde hij een woonplaats voor zijn vrouw. Deze voorbereiding duurde twaalf maanden.

Terugkomst. Na een jaar kwam de bruidegom terug tot zijn bruid. Hij kwam op een tijdstip dat zij van te voren niet precies wist. Vergezeld van de familie en vrienden van de bruidegom (Richt. 14: 11; 1 Makkabeeën 9: 39; Matth. 9:15), onder leiding van de ceremoniemeester (Joh. 3: 29; 2 Kor. 11:2), trok de bruidegom, feestelijk getooid en bekranst (Jes. 61:10; Hoogl. 3:11), naar het huis van de ouders der bruid, en nam hier onder een zegenbede van de ouders en de heilwensen van de overige aanwezigen, de zwaar gesluierde bruid over (Gen. 24:59v.; Ruth 4:11v; Tobias 7:12).

De Heer Jezus vergeleek het koninkrijk der hemelen met tien meisjes, bekenden van de bruid, die in afwachting van de komst van de bruidegom waren.

Mt 25:1 Dan zal het koninkrijk der hemelen gelijk zijn geworden aan tien maagden die hun lampen namen en uitgingen de bruidegom tegemoet. 
Mt 25:2 Vijf van hen nu waren dwaas en vijf wijs. 
Mt 25:3 Want de dwaze namen hun lampen, maar namen geen olie met zich mee;
Mt 25:4 de wijze echter namen olie in hun kruiken, met hun lampen.

Mt 25:5 Toen nu de bruidegom uitbleef, werden zij allen slaperig en sliepen in.
Mt 25:6 Maar te middernacht klonk een geroep: Zie, de bruidegom! Gaat uit, hem tegemoet!
Mt 25:7 Toen stonden al die maagden op en brachten hun lampen in orde.
Mt 25:8 De dwaze nu zeiden tot de wijze: Geeft ons van uw olie, want onze lampen gaan uit.
Mt 25:9 De wijze antwoordden echter en zeiden: Nee, opdat er niet misschien voor ons en voor u helemaal niet genoeg is; gaat liever naar de verkopers en koopt voor uzelf.
Mt 25:10 Toen zij echter weggingen om te kopen, kwam de bruidegom; en zij die gereed waren, gingen met hem naar binnen naar de bruiloft, en de deur werd gesloten.
Mt 25:11 Daarna echter kwamen ook de overige maagden en zeiden: Heer, heer, doe ons open!
Mt 25:12 Hij echter antwoordde en zei: Voorwaar, ik zeg u: ik ken u niet. -
Mt 25:13 Waakt dan, want u kent de dag of het uur niet.
 
(TELOS)

De lampen waren stokken met lampen bovenop[2]. De bruidsmeisjes begaven zich eerst naar het huis van de bruid en gingen van daar uit, om de bruidegom te gemoet te gaan, zodra zijn aankomst gemeld zou worden (vs. 6), en hem in de bruiloftszaal bij de ouders van de bruid te leiden. 

In de gelijkenis klonkt te middernacht, toen de diepste duisternis heerste, een geroep: „Zie, de bruideom! Gaat uit, hem tegemoet!" In de praktijk kan dat het geroep zijn van de vrienden, die de bruidegom vergezelden en dat zich in de stilte van de nacht ver genoeg verbreidde. 

Toen stonden, in de gelijkenis, al die bruidsmeisjes op, plotseling opgewekt uit hun slaap en bereidden hun lampen; zij ontdeden deze van het verbrande, trokken de nog glimmende pit naar boven en deden olie in de lamp. De lampen schitterden nu met nieuwe glans. 

In feestelijke optocht, onder gezang, muziek en dans, brachten daarna de bruidegom en zijn vrienden de bruid met haar vriendinnen en gasten naar zijn huis of dat van zijn ouders (Jer. 7: 34; 16: 9; 25: 10; Hoogl. 3: 6 vv.), alwaar de bruiloft zou plaats hebben, waarbij (vgl. Hoogl. 4:1vv.) de deugden van het echtpaar verkondigd werden, zoals de oosterse Jood nog in de 19e eeuw de schoonheid van de bruid en het geluk van haar bezit pleegt te roemen. Had de optocht 's avonds plaats, dan geschiedde die met fakkellicht (Matth. 25:1vv.). 

Woonde de bruidegom op enige afstand dan vierde men de bruiloft ten huize van de ouders der bruid en gaven deze (Gen. 29:22; Tobias 8: 20 vv.) of de bruidegom zelf (Richt. 14:10) het gastmaal. In de gelijkenis van de tien bruidsmeisjes (Matth. 25:1vv) schijnt de bruidegom niet de bruid in zijn huis binnen te halen, om daar het huwelijk met haar te voltrekken, maar komt hij tot haar en schijnt daar de bruiloft te houden. In de gelijkenis immers "kwam de bruidegom; en zij die gereed waren, gingen met hem naar binnen naar de bruiloft." (vers. 10) Ze gingen in tot de bruiloft, in het huis, waar die gehouden werd; en de deur werd gesloten (vers 10), om allen buiten te houden die niet mochten worden toegelaten. 

De plechtigheid van de huwelijksvoltrekking met al wat er bij kwam was bij de Hebreeërs een zuiver huiselijke en burgerlijke handeling, waarbij Jahweh als Getuige werd aangeroepen (Mal. 2:14), maar waaraan geen priester deelnam. Zij duurde gewoonlijk zeven dagen (Gen. 29:27; Richt. 14:12, 17), soms, bij uitzondering, 14 dagen (Tobias 8:20). 

Simson vierde de bruiloft bij zijn bruid (Richt.14:10): 

Ri 14:10  Toen ook zijn vader bij de vrouw aangekomen was, richtte Simson daar een maaltijd aan, want zo deden de jongemannen. (HSV)

Op de avond van de trouwdag, in een half uit mannen, half uit vrouwen bestaande kring, bij het schijnsel van het vuur, voerde de bruid een even statige als bekoorlijke dans uit. Op diezelfde avond werd de bruid door haar ouders naar de bruidskamer gebracht (Gen. 29:23; Tobias 7:19), de bruidegom door zijn vrienden (Tobias 8:1). Het laken, waarmee de jonge vrouw zich 's nachts dekte, nam de familie in bewaring, ten einde, zonodig, haar maagdom te kunnen constateren.

De overige bruidsdagen werden doorgebracht onder gezang, spel en dans. De aanstaande echtgenoten zaten gedurende de zevendaagse feesten op een troon op de dorscvloet van het dorp, en werden de hele ,,koningsweek" als koning en koningin geëerd. 

Grote overeenkomst met deze huwelijksgebruiken hadden die in het Syrië van de 19e eeuw: 1. Dat de bruid bij haar huwelijk inderdaad maagd was, werd daar nog altijd op dezelfde wijze geconstateerd; 2. de bruiloft duurt er evenals bij de Hebreeërs zeven dagen; 3. de lof van bruidegom en bruid worden verkondigd; 4. de bruidegom is omringd door zijn vrienden en makkers, die nog dezelfde functies waarnemen.

Het volgende filmpje geeft een impressie van een orthodox Joodse bruiloft in 2009 in de Verenigde Staten, een land waar veel Joden wonen. 

Joodse bruiloft. Duur: 4 minuten. Met muziek, zonder commentaar. Auteur: Thomas Bowen Films. Bron: Youtube.com. 

Bron

Ed. Rhiem, C.H. van Rhijn (red.), Bijbelsch woordenboek voor ontwikkelde lezers der Heilige Schriften (Utrecht: Kemink & Zoon, z.j.) s.v. Huwelijk, blz. 866-867 Hieruit is op 26 juli 2013 tekst genomen en verwerkt.

Karl August Dächsel; F P L C van Lingen; H van Griethuijsen, Antz. et al, Bijbel, of De geheele Heilige Schrift, bevattende al de kanonieke boeken van het Oude en Nieuwe Testament (volgens de Staten-overzetting) : met in den tekst ingelaschte verklaringen en aanmerkingen van de beroemdste godgeleerden uit alle tijden (Kampen: Bos, 1893-1901), commentaar op Matt. 25:1v. Enige tekst hieruit is op 26 juli 2013 verwerkt. 

Voetnoten

  1. Van Dale, online woordenboek, s.v. Bruiloft, 2013.
  2. Karl August Dächsel; F P L C van Lingen; H van Griethuijsen, Antz. et al, Bijbel, of De geheele Heilige Schrift, bevattende al de kanonieke boeken van het Oude en Nieuwe Testament (volgens de Staten-overzetting) : met in den tekst ingelaschte verklaringen en aanmerkingen van de beroemdste godgeleerden uit alle tijden (Kampen: Bos, 1893-1901), commentaar op Matt. 25:1.