Merkteken van het Beest

Uit Christipedia
(Doorverwezen vanaf Merkteken van het beest)
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Het merkteken van het Beest is een teken dat, in de oordeelstijd die voorafgaat aan de verschijning van Christus in de wereld, op een groot deel van de mensheid op aarde zal worden aangebracht. Er is in het Bijbelboek Openbaring van Johannes sprake van 'het merkteken van het Beest' (Opb 16:2; 19:20) en van 'het merkteken van zijn naam' (Opb 14:11).

Het bedoelde Beest is een politiek systeem en een zeker mens, het hoofd van dat systeem, genoemd het Beest uit de zee. Een andere menselijke figuur, het Beest uit de aarde, een valse profeet, die met het eerste Beest samenwerkt, maakt dat de mensen het merkteken ontvangen.

De eerste maal wordt van het merkteken gesproken in Opb. 13:

Opb 13:16 En het maakt dat men aan allen, de kleinen en de groten, de rijken en de armen, de vrijen en de slaven, een merkteken geeft op hun rechterhand of op hun voorhoofd; Opb 13:17 en dat niemand kan kopen of verkopen dan wie het merkteken heeft: de naam van het beest of het getal van zijn naam. Opb 13:18 Hier is de wijsheid. Wie verstand heeft, laat die het getal van het beest berekenen, want het is het getal van een mens, en zijn getal is zeshonderdzesenzestig. (TELOS)

Woord

Het Griekse woord dat vertaald is met ‘merkteken’ is het onzijdige zelfstandige naamwoord caragma. De betekenissen van dit woord zijn[1]:

  1. brandmerk, teken, merkteken. Voorbeelden: (1) een brandmerk op paarden; (2) het merkteken van het Beest, op de rechterhand of op het voorhoofd van mensen.
  2. iets dat uitgesneden is, beeldhouwwerk. Voorbeeld: afgodsbeelden.

Oude gebruiken

Joden

Joden in de Rabbijnse traditie binden gebedsriemen of gedenkcedels[2] op hun armen en voorhoofden, om hun de verlossing uit Egypte (Ex. 13: 9,16), de wet van God en de gehoorzaamheid daaraan (Deut. 6: 6,9; 11:18) in gedachten te brengen.

Ex 13:9  En het moet voor u als een teken op uw hand zijn, en als een herinnering tussen uw ogen, opdat de wet van de HEERE op uw lippen is, want de HEERE heeft u met sterke hand uit Egypte geleid. Ex 13:10  Daarom moet u deze verordening in acht nemen op de daarvoor vastgestelde tijd, van jaar tot jaar. (HSV)

Ex 13:16  Dit zal tot een teken zijn op uw hand en tot een band tussen uw ogen, want de HEERE heeft ons met sterke hand uit Egypte geleid. (HSV)

De 6:6  Deze woorden, die ik u heden gebied, moeten in uw hart zijn. De 6:7  U moet ze uw kinderen inprenten en erover spreken, als u in uw huis zit en als u over de weg gaat, als u neerligt en als u opstaat. De 6:8  U moet ze als een teken op uw hand binden en ze moeten als een voorhoofdsband tussen uw ogen zijn. De 6:9  U moet ze op de deurposten van uw huis en op uw poorten schrijven. (HSV)

Israëlische soldaat met gebedsriemen ('tefilin'). De zwarte lederen doosjes bevatten woorden uit de Bijbel.

De 11:18 Daarom moet u deze woorden van mij in uw hart en in uw ziel prenten. Bind ze als een teken op uw hand, en ze moeten als een voorhoofdsband tussen uw ogen zijn. De 11:19  En leer ze aan uw kinderen door erover te spreken als u in uw huis zit en als u over de weg gaat, als u neerligt en als u opstaat; De 11:20  en schrijf ze op de deurposten van uw huis en op uw poorten, De 11:21  opdat uw dagen en de dagen van uw kinderen in het land waarvan de HEERE uw vaderen gezworen heeft het hun te geven, [zo] talrijk worden als de dagen dat de hemel boven de aarde staat. (HSV)

Aan deze Schriftplaatsen heeft een gewoonte van de Rabbanitische (Rabbijnse) Joden haar oorsprong te danken. Deze, die behalve de Schrift ook de overlevering gezag toekennen, schrijven sommige wetsvoorschriften op strookjes perkament en hangen die tussen de ogen, of binden ze aan de handen, zo vaak zij bidden. De Karaïtische Joden, die alleen aan de Heilige Schrift vasthouden, vatten daarentegen deze woorden als beeldspraak op. Hiervoor pleit dat in (Ex 13.16) de gehele feestviering om de verlossing uit Egypte "een teken op de hand" genoemd wordt. Op gelijke wijze wordt ook in Spr. 3:3 gezegd:

Spr 3:3  Mogen goedertierenheid en trouw jou niet verlaten. Bind ze om je hals, schrijf ze op de tafel van je hart, (HSV)

Ook kerkhervormer Johannes Calvijn (1509-1564) vatte Ex. 13:9 e.d. dat als beeldspraak op. De verlossing in het Pascha moest de Joden niet minder voor hun ogen moest staan als de ring, die aan de vinger werd gedragen, herhaaldelijk werd beschouwd, of het versiersel, dat aan het voorhoofd werd gebonden. De hoofdsom is, aldus Calvijn, in het Pascha een bewijsstuk voor te stellen van de gunst van God, opdat het nooit in de vergetelheid zou geraken, zoals de versierselen, die aan het voorhoofd en aan de vinger prijken, de gedachten steeds tot beschouwing hiervan aanzetten.[3] Ook de hervormde predikant en schrijver Philippus Samuël van Ronkel (1829-1890), een Jood, duidt het binden op de hand enz. als beeldspraak: "De verlossing van Israël door God gemaakt moest de drijfveer zijn van hun daden ('hand'), het onderwerp van hun overpeinzing ('tussen de ogen') en de inhoud van hun gesprekken (hun 'mond')."[4] En de Hervormde predikant en schrijver Hendrik van Griethuijsen (1851 - 1907) legt uit: "Hiermee wil dus de Heere zeggen, dat de wonderdaden van de Heere betoond in de verlossing van Zijn volk, zo geheel en al hart en gedachten moesten vervullen, dat bij hen de mond uit de overvloed van het hart sprak. Israël moest het heilsfeit van de verlossing innerlijk in zich opnemen, en dit dan naar buiten openbaren."[4]

Heidenen

Rond 217 v.C. wilde de Egyptische koning Ptolemaeus IV Philopator Joden registreren en tekenen met een ingebrand klimopblad, het wapen van de god Bachus. Dit was een anti-Joodse maatregel. De meesten Joden, die het betrof, weigerden het brandmerk te ontvangen. Het boek III Makkabeeën verhaalt daarvan:

3Ma 2:21  Dat men ook, die opgeschreven werden, zou tekenen, en [dat] met vuur aan hun lichaam, [namelijk] met een klimopblad, het wapen van Bacchus, die men ook zou afzonderen tot de vrijheid, hun tevoren bestemd. 3Ma 2:22  En opdat hij niet zou schijnen op alle [Joden] verstoord te zijn, zo liet hij daaronder schrijven, dat zo enigen onder hen verkozen om te gaan met de priesters, dezen gelijk burgerrecht zouden hebben met de [burgers] van Alexandrië. 3Ma 2:23  Sommigen nu, die in de stad de trappen der godzalige stad haatten, gaven zich licht over, alsof zij enige grote eer zouden deelachtig worden, om de gemeenschap, die zij zouden hebben met de koning. 3Ma 2:24 Doch de meesten bleven standvastig, en weken niet af van de godzaligheid; ...

Ten tijde van Johannes, de schrijver van het laatste Bijbelboek, was het niet ongewoon dat heidenen de naam van een eigenaar, of van een godheid die ze dienden, op hun lichaam droegen, getatoeëerd of ingebrand[5]. Onder de Romeinen bestond de gewoonte om merktekens te drukken op hun knechten en soldaten, waaraan men kon weten aan wie ze toebehoorden. Slaven hadden de merktekens aan hun voorhoofden, en de soldaten in hun handen. Heidenen zetten vroeger merktekens van de god die zij aanbaden op hun lichamen.[6]

De wet van Mozes echter verbiedt het inkerven van tekens of het aanbrengen van tatoeages, gebruiken die de heidense volken kenden.

Tweeërlei vorm

Het merkteken van het Beest heeft tweeërlei vorm: een naam of een getal. De naam is de naam van het Beest uit de zee (Opb 13:1v), een machthebber en hoofdrolspeler in de eindtijd.

Het getal is het getal van de naam. In het Hebreeuws, Grieks en Latijn hebben letters een getalswaarde. De getalswaarden van de letters waaruit de naam is samengesteld kunnen worden opgeteld en zo het getal van zijn naam opleveren. Het getal van de naam van het beest is 666. De naam van het beest is (anno 2019) nog niet bekend. (Zie ook het artikel Zeshonderzesenzestig.)

Opb 13:16 En het maakt dat men aan allen, de kleinen en de groten, de rijken en de armen, de vrijen en de slaven, een merkteken geeft op hun rechterhand of op hun voorhoofd; Opb 13:17 en dat niemand kan kopen of verkopen dan wie het merkteken heeft: de naam van het beest of het getal van zijn naam. Opb 13:18 Hier is de wijsheid. Wie verstand heeft, laat die het getal van het beest berekenen, want het is het getal van een mens, en zijn getal is zeshonderdzesenzestig. (TELOS)

Functie

Het merkteken van het Beest wordt ingezet als noodzakelijke voorwaarde voor financiële transacties (kopen en verkopen). Het is een pijler in de economische wereldorde.[7]

Berekening

Het getal van het Beest kan berekend worden. Het gebruikte Griekse werkwoord voor berekenen, dat in de grondtekst wordt gebruikt, is ψηφιζω, psephizo. Het woord wordt op twee plaatsen in Nieuwe Testament gebruikt: Luc. 14:18 en Opb. 13:18.

Lu 14:28 Want wie van u, die een toren wil bouwen, gaat niet eerst de kosten zitten berekenen, of hij wel genoeg heeft om hem te voltooien? (TELOS)

Het werkwoord komt van ψηφος, psephos, dat 'steentje, glad keisteentje of kiezelsteentje' betekent. Het Latijnse woord is calculus. In de oudste tijden maakte men van zulke steentjes gebruik bij het tellen of loten, bij het stemmen en ook bij sommige soorten van spelen. Het woord psephizo betekent dan ook: rekenen, berekenen en uitrekenen. Optellen is een manier van rekenen.

Misleiding, ontvangst en aanbrenging

Degenen die het merkteken ontvangen doen dat niet zomaar. Ze zijn overtuigd. Maar deze overtuiging berust op misleiding. Door de tekenen die de valse profeet heeft gedaan zijn ze misleid. Aan de acceptatie van het merkteken gaat dus misleiding vooraf.

Opb 19:20 En het beest werd gegrepen en met hem de valse profeet die de tekenen in diens tegenwoordigheid had gedaan, waardoor hij hen misleidde die het merkteken van het beest ontvingen en die zijn beeld aanbaden. Levend werden deze twee geworpen in de poel van vuur die van zwavel brandt. (TELOS)

Het merkteken wordt aangebracht in opdracht van de valse profeet. ‘Men’ brengt het teken aan. Het wordt bij ‘allen’ aangebracht. Het gaat waarschijnlijk om een grote meerderheid; er zijn mensen (de heiligen) die het teken weigeren.

Opb 13:16 En het maakt dat men aan allen, de kleinen en de groten, de rijken en de armen, de vrijen en de slaven, een merkteken geeft op hun rechterhand of op hun voorhoofd; (TELOS)

Plaats van het merkteken. De plaats waarop het merkteken wordt aangebracht is de rechterhand of het voorhoofd.

Opb 13:16 En het maakt dat men aan allen, de kleinen en de groten, de rijken en de armen, de vrijen en de slaven, een merkteken geeft op hun rechterhand of op hun voorhoofd; (TELOS)

Opb 20:4 En ik zag tronen, en zij gingen daarop zitten, en het oordeel werd hun gegeven; en ik zag de zielen van hen die om het getuigenis van Jezus en om het woord van God onthoofd waren, en die het beest of zijn beeld niet hadden aangebeden en niet het merkteken aan hun voorhoofd en aan hun hand ontvangen hadden; en zij werden levend en regeerden met Christus duizend jaren. (TELOS)

Het Griekse zelfstandig naamwoord dat in de grondtekst van deze verzen wordt gebruikt is χειρ, cheir, dat 'hand' betekent. Het voorzetsels 'op' in Opb. 13:16 (Telos-vertaling) en 'aan' in Opb. 20:4 (Telos) zijn de vertaling van het Griekse epi. Dit woord laat ook de vertaling 'op', 'aan' en zelfs 'in' toe. 'Aan' kan beide 'op' en 'in' betekenen. De Engelse King James vertaling heeft 'in' en 'upon' als vertaling van het Griekse 'epi':

Re 13:16  And he causeth all, both small and great, rich and poor, free and bond, to receive a mark in their right hand, or in their foreheads: (AV)

Re 20:4  ... neither had received [his] mark upon their foreheads, or in their hands; ... (AV)

Tegenover deze markering staat dat 'de knechten van God' door engelen aan hun voorhoofden verzegeld worden (Opb. 7:2-3). De 144.000 Israëlieten uit het laatste Bijbelboek dragen de naam van het Lam en van Diens Vader, geschreven op hun voorhoofden (Opb. 9:4). De dienstknechten van God zullen Gods naam op hun voorhoofden hebben (Opb. 22:3-4).

Weigering van het merkteken

De heiligen zullen het merkteken van het Beest weigeren. Die weigering is niet gemakkelijk, gezien de gevolgen. Het kost geestelijke strijd.

Opb 15:2 En ik zag als een glazen zee met vuur gemengd, en hen die de overwinning behaald hadden over het beest en over zijn beeld en over het getal van zijn naam, op de glazen zee staan met harpen van God. (TELOS)

Hun weigering spruit voort uit hun trouw en volharding.

Opb 14:12 Hier is de volharding van de heiligen die de geboden van God en het geloof in Jezus bewaren. (TELOS)

Hun weigering is niet zonder gevolg. De weigeraars halen zich een economische boycot op de hals. Het merkteken is het middel om deze boycot uit te voeren. Want zonder merkteken zijn geen economische transacties mogelijk: zonder het merkteken kun je niet kopen of verkopen.

Opb 13:17 en dat niemand kan kopen of verkopen dan wie het merkteken heeft: de naam van het beest of het getal van zijn naam. (TELOS)

De volhardende zielen van hen die om het getuigenis van Jezus en om het woord van God gedood worden, en die het merkteken niet ontvangen, zullen echter weer levend worden en in de regering van Christus delen. Hun weigering heeft kwalijke gevolgen voor henzelf, maar de zegen van God overtreft de schade.

Opb 20:4 En ik zag tronen, en zij gingen daarop zitten, en het oordeel werd hun gegeven; en ik zag de zielen van hen die om het getuigenis van Jezus en om het woord van God onthoofd waren, en die het beest of zijn beeld niet hadden aangebeden en niet het merkteken aan hun voorhoofd en aan hun hand ontvangen hadden; en zij werden levend en regeerden met Christus duizend jaren. (TELOS)

Opb 15:2 En ik zag als een glazen zee met vuur gemengd, en hen die de overwinning behaald hadden over het beest en over zijn beeld en over het getal van zijn naam, op de glazen zee staan met harpen van God. (TELOS)

Illustratie uit het midden van de 13e eeuw. Links het (beeld van het) Beest uit de zee dat aangebeden wordt. Rechts het aanbrengen van het merkteken op voorhoofd of rechterhand. In het midden het gehoornde Beest uit de aarde, dat hier in tweeërlei gestalte wordt voorgesteld: enerzijds dreigt hij de man die omkijkt met onthoofding als hij de aanbidding weigert; anderzijds zorgt hij dat mensen een teken krijgen op hun voorhoofd of rechterhand.

Gevolgen van ontvangen

Zij die het beest en zijn beeld aanbidden en het merkteken van het beest ontvangen, zullen de toorn van God ontvangen, gepijnigd worden en zonder rust zijn.

Opb 14:9 En een andere, een derde engel volgde hen en zei met luider stem: Als iemand het beest en zijn beeld aanbidt en op zijn voorhoofd of zijn hand het merkteken ontvangt, Opb 14:10 die zal ook drinken van de wijn van Gods grimmigheid, die ongemengd is ingeschonken in de drinkbeker van zijn toorn; en hij zal gepijnigd worden met vuur en zwavel ten aanschouwen van de heilige engelen en het Lam. Opb 14:11 En de rook van hun pijniging stijgt op tot in alle eeuwigheid; en zij hebben dag en nacht geen rust, zij die het beest en zijn beeld aanbidden, en ieder die het merkteken van zijn naam ontvangt. Opb 14:12 Hier is de volharding van de heiligen die de geboden van God en het geloof in Jezus bewaren. (TELOS)

De mensen op aarde die het merkteken dragen zullen geplaagd worden door een kwaadaardige en boze zweer.

Opb 16:2 En de eerste ging weg en goot zijn schaal uit op de aarde, en er kwam een kwaadaardige en boze zweer aan de mensen die het merkteken van het beest hadden en die zijn beeld aanbaden. (TELOS)

Verzegelden aan de voorhoofden

In de toekomstige oordeelstijd zullen 144.000 Israëlische dienstknechten van God verzegeld worden aan hun voorhoofden.

Opb 7:3 Zeggende: Beschadigt de aarde niet, noch de zee, noch de bomen, totdat wij de dienstknechten onzes Gods zullen verzegeld hebben aan hun voorhoofden. Opb 7:4 En ik hoorde het getal dergenen, die verzegeld waren: honderd vier en veertig duizend waren verzegeld uit alle geslachten der kinderen Israëls. (TELOS)

Op hun voorhoofden staan twee namen geschreven: de naam van het Lam (Jezus Christus) en de naam van de Vader van de Heer Jezus.

Opb 14:1 En ik zag en zie, het Lam stond op de berg Sion en met hem honderdvierenveertigduizend, die zijn naam en de naam van zijn Vader hadden, geschreven op hun voorhoofden. (TELOS)

Merk op dat er sprake is van een tweevoudige naam. De aanbidders van het Beest daarentegen hebben één naam, de naam van het Beest of het getal van zijn naam. Een tweede verschil is dat de dienstknechten van God alleen op hun voorhoofden een naam dragen, terwijl de Beestaanbidders op hun voorhoofd of op hun rechterhand het merkteken hebben. Een derde verschil is dat Gods dienstknechten verzegeld zijn, terwijl de Beestaanbidders een merkteken dragen.

In het Nieuwe Jeruzalem zullen de heiligen Gods naam op hun voorhoofden dragen.

Opb 22:1 En hij toonde mij een rivier van levenswater, blinkend als kristal, die uitging vanuit de troon van God en van het Lam. Opb 22:2 In het midden van haar straat en aan beide zijden van de rivier was de boom van het leven, die twaalf vruchten draagt en elke maand zijn vrucht geeft; en de bladeren van de boom zijn tot genezing van de naties. Opb 22:3 En er zal geen enkele vervloeking meer zijn; en de troon van God en van het Lam zal daarin zijn en zijn slaven zullen Hem dienen, Opb 22:4 en zij zullen zijn aangezicht zien en zijn naam zal op hun voorhoofden zijn. Opb 22:5 En er zal geen nacht meer zijn en lamplicht en zonlicht hebben zij niet nodig, want de Heer, God, zal over hen lichten; en zij zullen regeren tot in alle eeuwigheid. (TELOS)

Gods heiligen zijn thans verzegeld met de Heilige Geest.

Efe 4:30  En bedroeft de Heilige Geest van God niet, met Wie u verzegeld bent tot de dag van de verlossing. (Telos)

Wat voor ding is het merkteken?

De Schrift geef daarover geen uitsluitsel. Er werd en wordt daarom naar gegist.

Karl August Dächsel (1818-1901) bijvoorbeeld dacht dat de mensen het merkteken "op de wijze van een afgedrukt stempel of van een gegraveerde armband aannemen aan hun rechterhand of aan hun voorhoofden, als aan die delen van het lichaam, waar men het dadelijk kan horen, of waar het dadelijk vanzelf in het oog valt."[8] Hij dacht dus aan iets dat voor het menselijk oor of oog waarneembaar was.

Mogelijke technische voorlopers

De ontwikkeling van de computertechniek heeft geleid tot producten die als voorlopers werden of worden gezien. Als een (mogelijke) voorloper van het merkteken zijn aangewezen:

  • de barcode;
  • de onderhuidse chip (microchip-implantaat);
  • het onderhuidse kwantumstippenlabel[9].

Een microchip of een kwantumstippenlabel kan onderhuids en zodoende onopvallend of zelfs onzichtbaar worden aangebracht, terwijl de informatie kan worden gelezen, niet door het menselijk oog, maar door een apparaat. Dit voordeel plus een nuttige toepassing op het gebied van veiligheid, gezondheid of economie zal de kans op brede acceptatie vergroten.

Kwantumstippenlabel

Het kwantumstippenlabel is een label of markering bestaande uit een codering met kleurstof die onderhuids is ingebracht. De kleurstof bestaat uit nanokristallen, genaamd kwantumstippen (Eng. quantum dots). Een nanokristal is 4 nanometer = 0.000004 mm in doorsnee. Deze coderen de gegevens. De kristallen zitten in bolletjes met een diameter van 0,02 mm. Door deze inkapseling blijft de kleurstof na injectie op zijn plaats onder de huid. Het label is onzichtbaar voor het blote oog. De kristallen zenden echter licht uit dat tegen infrarood-licht aanligt. Het licht en daarmee de gecodeerde gegevens kunnen gelezen worden met een apparaat, bijvoorbeeld een smartphone, dat daarvoor is uitgerust. De kristallen kunnen minstens vijf jaar onder de huid blijven[10].

Toepassing. Een mogelijke toepassing van deze nanotechnologie is het bewaren van vaccinatiegegevens, waarbij het label tegelijk met een vaccin kan worden ingebracht[11]. Een tijdelijke kleine pleister met het vaccin en het label wordt op de huid geplakt. Heel kleine naaldjes, die 1,5 mm lang zijn, komen in de huid, lossen binnen twee minuten deels op, en geven vervolgens het vaccin samen met de bolletjes met nanokristallen af. De naaldjes geven de kleurstof af in een bepaald patroon. Het patroon staat voor het soort vaccinatie. De onderhuidse medische informatie kan men snel uitlezen, zodat men weet waarvoor de persoon gevaccineerd en welk(e) vaccin(s) iemand nog 'nodig' heeft. Dat is een voordeel in arme landen waar van gevaccineerden geen vaccinatiehistorie wordt bijgehouden.[10]

Denkbaar is dat een dergelijke toepassing van nanotechnologie misbruikt zal worden door de valse profeet.

Andere verklaring

Sommige uitleggers echter vatten het merkteken symbolisch op en leggen een verband met historische situaties. De bekende theoloog en Bijbelcommentator Matthew Poole (1624-1697) dacht aan de belijdenis van het geloof en de godsdienst van de Valse Profeet, of de beloofde onderwerping aan zijn bevelen, en verbindt dit met de handelwijze van het pausdom in enig land waar het de overhand heeft[12].

Ook de bekende commentator Matthew Henry (1662 –1714) duidt het merkteken in figuurlijke zin en ook hij verbindt het met de pauselijke macht: "Waarschijnlijk betekenen het [merkteken, de naam] en [het] [getal] van het beest alle hetzelfde ding: zij, die openlijk belijdenis doen van hun gehoorzaamheid en onderwerping aan de pauselijke macht, dragen zijn naam aan hun voorhoofden; zij, die zich verbinden om met alle kracht den invloed en de macht van het pauselijk gezag te bevorderen, dragen het in hun rechterhand. Men zegt dat paus Martin V, in zijn bul op het concilie te Constanz, aan de Roomsch-Katholieken verbood enigen ketter te veroorloven in hun landen te wonen, geldzaken te doen, handel te drijven, of enige burgerlijke betrekking te bekleden; en dat is een zeer duidelijke uitlegging van deze profetie."[13]

Meer informatie

Amir Tsarfati: How Close are we to the Mark of the Beast, Youtube.com: Behold Israel, 31 maart 2020, duur 48 min. 42 sec. Gedachtenwisseling tussen Amir Tsarfati, Mike Golay, Nick DiGiovanni, Jeff Cuozzo over het merkteken van het Beest, voorlopers ervan, degenen die het merkteken zullen ontvangen of weigeren, de opname van de Gemeente van Christus (zijn Bruid) voordien.

Bron

Karl August Dächsel; F. P. L. C. van Lingen; H. van Griethuijsen, Antz. et al, Bijbel, of De geheele Heilige Schrift, bevattende al de kanonieke boeken van het Oude en Nieuwe Testament (volgens de Staten-overzetting) : met in den tekst ingelaschte verklaringen en aanmerkingen van de beroemdste godgeleerden uit alle tijden (Kampen: Bos, 1893-1901), commentaar op Ex. 13:9. Tekst hiervan is onder wijziging verwerkt op 29 aug. 2020.

Voetnoten

  1. Grieks-Nederlands lexicon (in Online Bible) s.v. Strongs nummer 5480
  2. Over de gedenkcedels of gebedsriemen, zie https://www.ensie.nl/christelijke-encyclopedie/gedenkcedels
  3. Karl August Dächsel; F. P. L. C. van Lingen; H. van Griethuijsen, Antz. et al, Bijbel, of De geheele Heilige Schrift, bevattende al de kanonieke boeken van het Oude en Nieuwe Testament (volgens de Staten-overzetting) : met in den tekst ingelaschte verklaringen en aanmerkingen van de beroemdste godgeleerden uit alle tijden (Kampen: Bos, 1893-1901), commentaar op Ex. 13:9.
  4. 4,0 4,1 Aangehaald in: Karl August Dächsel; F. P. L. C. van Lingen; H. van Griethuijsen, Antz. et al, Bijbel, of De geheele Heilige Schrift, bevattende al de kanonieke boeken van het Oude en Nieuwe Testament (volgens de Staten-overzetting) : met in den tekst ingelaschte verklaringen en aanmerkingen van de beroemdste godgeleerden uit alle tijden (Kampen: Bos, 1893-1901), commentaar op Ex. 13:9.
  5. Aldus Dr. ir. J. de Graaf e.a. (red.), Tekst voor Tekst; de Heilige Schrift kort verklaard en toegelicht. (Boekencentrum, 1987), in het commentaar bij Opb. 13:17.
  6. Patrik, Polus en Wels, de Verklaring van de Geheele Heilige Schrift, door eenigen van de voornaamste Engelsche Godgeleerden (18e eeuw). Commentaar bij Opb. 13:16
  7. Zie ook Bill Salus: Cryptocurrencies and the Mark of the Beast, Youtube.com: Prophecy Watchers, 24 nov. 2020. Duur: 28 min. 30 sec.
  8. Karl August Dächsel; F. P. L. C. van Lingen; H. van Griethuijsen, Antz. et al, Bijbel, of De geheele Heilige Schrift, bevattende al de kanonieke boeken van het Oude en Nieuwe Testament (volgens de Staten-overzetting) : met in den tekst ingelaschte verklaringen en aanmerkingen van de beroemdste godgeleerden uit alle tijden (Kampen: Bos, 1893-1901), commentaar op Opb. 13:16.
  9. Engels: quantum dot tag, quantum dot label
  10. 10,0 10,1 Anne Trafton, Storing medical information below the skin's surface, MIT News, News.Mit.edu, 18dec. 2019
  11. Mike Williams, Quantum-dot tattoos hold vaccination record, News.Rece.edu, 18 december 2019.
  12. Patrik, Polus en Wels, de Verklaring van de Geheele Heilige Schrift, door eenigen van de voornaamste Engelsche Godgeleerden (18e eeuw). Commentaar bij Opb. 13:16.
  13. Matthew Henry's commentaar op Opb. 13:11-18