1 Koningen/17

Uit Christipedia
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Bijbelboeken: GeExLeDeJozRiRu1Sa2Sa1Ko2Ko1Kr2KrEzrNeEstJobPsSpPrHglJesJerKlaEzeDaHosJoëAmObJonMiNaHabZefHagZaMalMtMrLkJhHnRm1Ko2KoGlEfFpCol1Th2Th1Tm2TmTitFmHbJk1Pe2Pe1Jh2Jh3JhJdOpb

1 Koningen:


17 wordt hieronder samengevat en/of een of meer passages worden becommentarieerd.

4

1Kon 17:4  En het zal geschieden, dat gij uit de beek drinken zult; en Ik heb de raven geboden, dat zij u daar onderhouden zullen. (SV)
(c) FreeBibleImages

Ik heb de raven geboden. Ook de vogels kunnen in opdracht van God, hun Schepper, Onderhouder en Regeerder, een dienst doen.

Rationalistische wondervrees heeft deze raven, in het Hebreeuws orebim, als Orebieten tot bewoners van een in de Talmoed stad genoemde stad Orba gemaakt en daarbij aan de rots Oreb herinnerd (Richt. 7: 25). Doch, ook afgezien van alle andere onwaarschijnlijkheden, zou toch Elia moeilijk bij het ijverig zoeken van Achab hebben kunnen verborgen blijven, wanneer een half jaar lang dagelijks tweemaal lieden van één plaats de weg tot hem gegaan waren. [1]

Voetnoot

  1. H. Zeller, Bijbelsch Woordenboek voor het Christelijke volk. Tweede deel K - Z. ('s Gravenhage: M.J. Visser, 1872) s.v. Raaf. Enige tekst van dit lemma is op 23 mei 2020 onder wijziging verwerkt.